Onsportief

De Geneeskundig Hoofdinspecteur haalde enige jaren geleden venijnig uit naar het Olympisch Comité. Zolang dit gezelschap zich als Inquisitie blijft opstellen is nuttig en nodig onderzoek naar de effecten van doping bij topsporters volstrekt onmogelijk, aldus de Hoofdinspecteur.

Een zekere discrepantie tussen de belangstellingssferen van de inspecteur en het comité is verklaarbaar. De inspecteur wil weten wat de gevolgen voor de gezondheid zijn, het comité waakt voor competitievervalsing.

Wat dat laatste betreft moet met enige verwondering worden vastgesteld dat atleten slechts een gelimiteerd koffiegebruik is toegestaan. Het keurige wetenschappelijke tijdschrift New Scientist meldt deze week dat sporters die 350 milliliter koffie tot zich hadden genomen in het uur voorafgaand aan de 1.500 meter, gemiddeld 4,2 seconden sneller liepen dan hun concurrenten in de controlegroep, die cafeïne-vrij hadden gekregen. Levensmiddelen vallen nu dus ook onder de verbodsbepalingen. Straks maken we het nog mee dat pudding en pannekoeken op de lijst verschijnen, tenzij suikervrij.

Hoever gaat de strijd tegen concurrentievervalsing in de sport? Een rochelende, bijna honderdjarige Nederlander, die begin deze eeuw aan de Spelen deelnam, hield daar vorig jaar voor de radio een verrassende beschouwing over. In zijn tijd diende te worden gelopen vanuit de aangeboren constitutie en werd het onder atleten bijzonder onsportief gevonden om voor een wedstrijd te trainen.

Misschien een idee voor het Internationaal Olympisch Comité.