Vluchtelingen afdoen als "ontheemden' is onaanvaardbaar

Behalve als de eeuw van de voor- uitgang, is de twintigste eeuw ook vaak gekarakteriseerd als de eeuw van de ontworteling. In het begin waren er de Armeense en Russische vluchtelingen. Voor en tijdens de Tweede Wereldoorlog de vluchtelingen uit Duitsland die nergens welkom waren. Daarna de Midden- en Oosteuropese vluchtelingen van de Koude Oorlog. En nu, aan het einde van de eeuw, de vluchtelingen uit het voormalige Joegoslavië. Meer dan twee miljoen inwoners van Bosnië-Herzegovina zijn op zoek naar veiligheid.

Na de Tweede Wereldoorlog is het Verdrag over de Status van Vluchtelingen gesloten. Het motief voor dit Verdrag was te zorgen dat er in elk geval een juridisch instrument zou zijn, dat vluchtelingen en de betrokken staten houvast zou bieden.

Inmiddels zijn meer dan honderd staten tot het verdrag toegetreden, waaronder (bijna) alle Europese. Vluchtelingen worden erin omschreven als mensen die gegronde vrees voor vervolging hebben wegens hun geloof, hun ras, hun politieke overtuiging of hun behoren tot een bepaalde etnische of maatschappelijke groepering. Zij mogen aan de grens niet worden geweigerd en ze mogen niet tegen hun wil naar hun land worden teruggestuurd.

Ze behoren als erkende vluchtelingen tijdelijk veiligheid te krijgen en de kans een nieuw bestaan op te bouwen. Pas als de situatie in het eigen land weer stabiel en zeker is, mogen ze worden teruggestuurd. Maar dan gaan ze meestal wel vrijwillig, zoals de honderdduizenden Afghanen sinds enkele weken tonen.

Van de meer dan twee miljoen vluchtelingen uit het voormalige Joegoslavië zijn er een paar duizend in Nederland beland. Momenteel komen er zo'n vierhonderd per week bij. Nog lang niet de tienduizend over wie de staatssecretaris van justitie eerder sprak, bij het stopzetten van de vluchten naar het vliegveld Beek.

Tegen de achtergrond van die "dreiging' werd ook een visumplicht ingevoerd, overigens zonder overeenstemming met Schengen-partner Frankrijk. Voor de voormalige Joegoslaven die er toch in slagen naar Nederland te komen, heeft staatssecretaris Kosto nu een nieuwe regeling ingevoerd. Vluchtelingen zijn geen vluchtelingen meer, ze worden ontheemden genoemd. En als ze zich al op het Vluchtelingenverdrag beroepen, wordt hun asielverzoek terzijde gelegd, eenvoudigweg niet in behandeling genomen omdat deserteurs en slachtoffers van burgeroorlog volgens de staatssecretaris nu eenmaal geen vluchteling zijn.

De motivering die voor deze nieuwe regeling wordt gegeven, is principieel onaanvaardbaar. Iemand die door een (centrale) overheid gedwongen wordt tegen zijn eigen volk te vechten, is volgens het verdrag een vluchteling. De Raad van State is daar duidelijk over. En iemand die op grond van zijn of haar nationaliteit van huis en haard wordt verdreven, omdat er in de desbetreffende streek alleen maar Serviërs of Kroaten mogen wonen, is al evenzeer vluchteling - ook als hij of zij nooit iets aan politiek heeft gedaan.

Dat is de kern van het Vluchtelingenverdrag. Het is gemaakt voor mensen die zonder eigen toedoen worden vervolgd. Zij hebben niet alleen recht op mededogen en begrip, maar ook op een fatsoenlijke opvang en een behoorlijke status. Het is ongepast voor zulke mensen een visumplicht in te voeren of hun asielverzoek buiten behandeling te laten.

Onder druk van de mensonterende situaties heeft de Hoge Commissaris van de Verenigde Naties voor Vluchtingen het initiatief genomen voor een internationale Conferentie over de vluchtelingen uit het voormalige Joegoslavië. Het Hoge Commissariaat is in die gebieden al lang betrokken bij de hulpverlening aan de slachtoffers, maar komt voor de programma's die daar worden uitgevoerd miljoenen te kort.

Het Hoge Commissariaat moet ook toezien op de behandeling van vluchtelingen in toevluchtslanden. De lidstaten van de Europese Gemeenschap zijn voor mevrouw Ogata als Hoge Commissaris weinig toeschietelijke gesprekspartners. Die staten zijn immers geheel gefixeerd op de verdragen van Schengen en Dublin, en op de strijd tegen het misbruik van de asielprocedure. Die obsessie is zo sterk, dat de Joegoslavische vluchtelingen ook in Duitsland als misbruikers van het asielrecht worden gebrandmerkt. Derhalve worden er - Nederland staat daarin niet alleen - visumverplichtingen ingevoerd.

De last van de opvang komt nu geheel te liggen bij de aangrenzende landen Slovenië en Kroatië, Hongarije en Oostenrijk, alsmede bij Italië en Duitsland. In hun wanhoop voelen die landen zich ook genoopt de maatregelen te nemen die ze hadden willen vermijden. En dat resulteert weer in de treurige beelden van stilstaande treinen vol wachtende vluchtelingen.

De Conferentie die op 29 juli in Genève zal worden gehouden, dient twee doelen. De financiële middelen voor de opvang van de slachtoffers ter plaatse zullen op tafel moeten komen. Gelukkig heeft de Europese Gemeenschap inmiddels een belangrijke bijdrage geleverd. Daarnaast moet de houding van de Europese landen tegenover de slachtoffers van conflicten veranderen; zij behoren, in overeenstemming met het Vluchtelingenverdrag, als vluchtelingen behandeld te worden.

Daaruit vloeit voort dat de grenzen niet gesloten mogen blijven, de visumplicht moet worden opgeheven en de lasten enigszins gelijkmatig moeten worden verdeeld. Zo kunnen de aangrenzende landen ook in staat worden gesteld hun open-deur politiek vol te houden.

Het Vluchtelingenverdrag biedt daarbij een veel betere oplossing voor de "bedreigde asielprocedure' dan de invoering van een nieuwe ontheemden-status. In gevallen van massale toestroom kunnen individuen op het eerste gezicht als vluchteling worden erkend, behoudens bewijs van het tegendeel. In Derde-wereldlanden wordt een dergelijke benadering veel gepraktizeerd.

De situatie in het voormalige Joegoslavië is zo ernstig dat de Europese landen de slachtoffers uit die gebieden ook groepsgewijs als vluchteling moeten behandelen. Anders verliezen we meer dan alleen ons recht van spreken en zullen de beelden van stilstaande treinen vol wanhopig wachtende vluchtelingen ons blijven achtervolgen.