Violist Vengerov speelt niet op een viool van zijn fenomenale niveau

Concert: Maxim Vengerov, viool en Itamar Golan, piano. Programma: Mozart: Sonate in Bes KV 454 voor piano en viool, Beethoven: Frühlingssonate, Brahms: Sonate in A, opus 100 voor piano en viool en Saint-Saëns: Havanaise, opus 83 en Introduction et Rondo Capriccioso, opus 28 voor viool en piano. Gehoord 20/7 Concertgebouw Amsterdam.

Sinds Maxim Vengerov in 1990 het Carl Flesch Concours in Londen won, waarbij hij eveneens de prijzen voor de beste uitvoering van Bach, Mozart, Beethoven en Paganini èn de Pers- en Publieksprijs in de wacht sleepte, wordt deze zeventienjarige violist uit Novosibirsk internationaal beschouwd als een van de belangwekkendste jonge viooltalenten van deze tijd. Vengerov, die twee jaar geleden naar Israel emigreerde, soleerde inmiddels met beroemde orkesten als de Berliner Philharmoniker onder leiding van Abbado, het Concertgebouworkest onder leiding van Chailly, en het Gewandhaus Orchester van Leipzig onder leiding van Masur.

Met Zubin Metha en het Israel Philharmonic maakte hij eind 1991 exclusief voor Teldec opnamen van de werken van Paganini, Saint-Saëns en Waxman. Tegelijkertijd met deze briljante cd bracht Teldec onlangs ook Vengerov's al eerder opgenomen debuut-cd uit, met Beethovens Kreutzer sonate en de Tweede Sonate van Brahms.

Vanwege zijn verbluffende maar onnadrukkelijke virtuositeit en zijn intense muzikaliteit, werd Vengerov intussen al vergeleken met uiteenlopende vioolfenomenen als Kreisler, Heifetz, Oistrach, Menuhin en Kremer. Het maakt duidelijk dat de internationale muziekpers Vengerov nu al tot de meesterviolisten van de twintigste eeuw wil rekenen. Wat mij betreft is de vergelijking met het warme en elegante spel van Fritz Kreisler nog het meest op zijn plaats, want Vengerov bezit een zelfde soort "ouderwetse' gave om te ontroeren.

Maar voor de rest klinkt Maxim Vengerov, zo werd tijdens zijn derde solorecital in de Grote Zaal van het Amsterdamse Concertgebouw opnieuw duidelijk, vooral als Vengerov: poëtisch, zangerig, spiritueel, doorleefd, integer en genuanceerd tot in de kleinste details. Eigenlijk heeft het voormalige wonderkind uit het Siberië maar één handicap: ook al tovert hij uit zijn gammele oud-Italiaanse viool de fraaiste klanken te voorschijn, het instrument mist van nature de draagkracht om in een grote zaal tot in alle uithoeken te vullen. Zo kan het publiek dat het verst van het podium zit ten onrechte de indruk krijgen dat Vengerov's fenomenale vioolspel een beetje mat en afstandelijk klinkt, terwijl ook op andere plaatsen in de zaal de balans met de vleugel niet optimaal tot zijn recht komt.

Dit probleem speelde gisteravond vooral tijdens de onstuimige interpretaties van Mozarts Sonate in Bes KV 454 en Beethovens Frühlingssonate, waardoor de uitgesproken zangerige fraseringen van het duo af en toe aan kracht en helderheid inboetten. Maar in de gloedvolle en intense melancholieke vertolking van de Tweede Sonate van Brahms was het samenspel tussen Vengerov en zijn eigenzinnige begeleider ideaal.

Daarna stortte Vengerov zich met onwaarschijnlijke charme en flair op de virtuoze vioolmuziek van Saint-Saëns, waarna het uiterst getalenteerde duo bij wijze van toegift met operateske humor enkele spectaculaire interpretaties van onder meer Bazzini's "onspeelbare' Ronde des Lutins ten beste gaf.