Dreigende taal leden V-raad tegen Irak

NEW YORK, 21 JULI. Leden van de Veiligheidsraad van de Verenigde Naties hebben Irak gewaarschuwd voor “ernstige gevolgen” als het land volhardt in het tegenwerken van een groep VN-inspecteurs die werken aan de ontmanteling van Iraks massa-vernietigingswapens. “Geweld is niet uitgesloten”, aldus de Britse ambassadeur Sir David Hannay. De Amerikaanse afgevaardigde Edward Perkins sprak van “tamelijk ernstige gevolgen”. De Franse VN-ambassadeur, Jean-Bernard Merimée, zei het gedrag van Irak “onaanvaardbaar” te vinden.

De speciale VN-afgezant Rolf Ekeus, die dit weekeinde in Bagdad is geweest om de situatie te bespreken, vertelde de pers dat hij Irak heeft gewaarschuwd voor “ernstige, mogelijk tragische gevolgen”. Op welke termijn die eventuele tragische gevolgen effect zouden krijgen, kon Ekeus niet zeggen. Wel verklaarde hij dat de Irakezen de consequenties onderschatten.

Een van de mogelijke consequenties zou een doelgerichte luchtaanval zijn. Ekeus noch Merimée wilde hierop ingaan. “Dat is een geheel andere zaak”, aldus Merimée.

Binnen de regels van de VN en gezien het verloop van de uitvoering van resolutie 687, de bestandsresolutie van de Veiligheidsraad, staat niets een gewapend ingrijpen tegen Irak meer in de weg. Volgens ingewijden is de Veiligheidsraad zeer eensgezind. Het is echter de vraag hoe op de politieke niveaus van de vertegenwoordigde landen over een nieuwe actie tegen Bagdad wordt gedacht.

De weigering de VN-inspecteurs toegang te verschaffen tot het ministerie van landbouw in Bagdad is “een onaanvaardbare schending van het staakt-het-vuren”, aldus Ekeus gisteren, nadat hij rapport had uitgebracht van zijn bevindingen aan de Veiligheidsraad. Het staakt-het-vuren en de naleving en controle daarvan zijn onderdeel van resolutie 687, waarmee Irak zich op 6 april 1991 akkoord heeft verklaard. Onderzoek van het ministerie van landbouw past in het kader daarvan. Al zestien dagen staan witte VN-jeeps voor het gebouw geposteerd, wachtend tot Irak door de knieën gaat. “De stemming is uitstekend, hoewel één jeep gedwongen is de hele dag in de zon te staan.”

Ekeus vertelde dat “gegronde verdenkingen” bestaan dat in het gebouw materiaal aanwezig is dat in verband staat met bewapening. Of het hier gaat om documentatie, dan wel de wapens zelf, wilde Ekeus niet zeggen.

Ekeus heeft in Bagdad overleg gevoerd met vice-premier Tareq Aziz en minister van buitenlandse zaken Ahmed Hussein al-Samaraei. Behalve over de kwestie van het ministerie van landbouw heeft Ekeus ook fel geprotesteerd bij de Irakezen tegen het toenemend geweld dat VN-employés in het land hebben te verduren. Vorige week is een VN-wachter uit Fiji in bed vermoord; verscheidene anderen zijn gewond geraakt bij aanslagen. Weer anderen hebben te maken met doorgesneden banden, ingeslagen voorruiten en pogingen hen naar het leven te staan. “Zelfs mensen van mijn eigen delegatie zijn met stenen bekogeld”, aldus Ekeus, die ook nog melding maakte van een anonieme dreigbrief.

Irak heeft Ekeus voorgesteld een groep deskundigen uit Niet-gebonden landen of neutrale lidstaten van de Veiligheidsraad het ministerie van landbouw te laten inspecteren. Toen Ekeus zei dat dat alleen zou kunnen onder toezicht van de bestaande speciale VN-commissie onder toezicht waarvan de bepalingen van het staakt-het-vuren worden uitgevoerd, wees Irak dit af. Het creëren van nog een commissie, die onafhankelijk van de huidige zou moeten opereren, heeft de Veiligheidsraad al meteen verworpen.

Amerikanen, Britten en Fransen nemen de meest compromisloze houding aan tegenover Irak. Ekeus verzekerde echter dat alle leden van de Veiligheidsraad als één man achter de speciale VN-commissie staan. Behalve in het conflict over toegang tot het Iraakse ministerie heeft Irak ook op andere manieren de Veiligheidsraad geprovoceerd. Zo weigert het land een overeenkomst te verlengen waaronder 500 hulpwerkers en 600 VN-wachters in het land verblijven. Ook erkent Irak de door de VN vastgestelde grens met Koeweit niet. En het weigert een aanbod van de Veiligheidsraad te aanvaarden om voor 1,6 miljard dollar olie te exporteren, onder andere voor de aanschaf van voedsel en medicijnen. Irak beschouwt de voorwaarden als een inbreuk op zijn soevereiniteit.

De huidige wrijvingen zijn kenmerkend voor het gedrag dat Irak al sinds het einde van de oorlog vertoont. Steeds weer stribbelde het land tegen bij de uitvoering van VN-resolutie 687, maar uiteindelijk gaf het telkens toe. Het is echter nog nooit zover gekomen als nu en leden van de Veiligheidsraad zelf wisten gisterochtend niet waar ze 's avonds op zouden uitkomen.