Leonardo Boff is een hervormer zonder schisma

In hetzelfde dagblad Folha de São Paulo waarin Leonardo Boff zijn ambtsverlating bekend maakte om zich aan de druk van de Vaticaanse instanties te onttrekken, ontkent hij categorisch geruchten over eventuele trouwplannen (The Tablet, 11 juli). Het belangrijkste vind ik zijn keuze om binnen de katholieke kerk van Brazilië te blijven ijveren voor armen en onderdrukten. Ik ben daar blij mee. Hij is een hervormer zonder schisma.

Mensen die binnen een sociaal systeem onder druk worden gezet, staan altijd voor de keuze: uittreden, of tot het bittere einde doorgaan. In de bezettingstijd is menige burgemeester opgestapt met als gevolg dat een NSB'er op zijn plaats terechtkwam, en de tweede toestand voor de gemeenschap veel erger was dan de eerste. Bleef een burgemeester zitten dan kon hij de belangen van de bezetter blijven saboteren. Uit zijn positie had hij daarvoor legio mogelijkheden. Maar het bleef een pijnlijk dilemma: blijven zitten, of je biezen pakken.

Dergelijke dilemma's doen zich ook voor in vredestijd. Wie veel ongenoegen heeft over een politieke partij die naar het oordeel van de betrokkene idealen verkwanselt, kan die partij vaarwel zeggen. Hij of zij kan er ook in blijven en doorvechten om die oorspronkelijke idealen, ondanks alle tegenstand, gerealiseerd te krijgen. Heel zelden ontstaat er door zo'n persoonlijk schisma een nieuwe partij, waarvan de recente geschiedenis in ons land verschillende voorbeelden geeft, maar meestal zet zo'n nieuwe splinterpartij niet veel zoden aan de dijk.

Hetzelfde kan in het bedrijfsleven gebeuren. Frans Swarttouw, voormalig bestuursvoorzitter van Fokker, loopt weg uit het commissarissenberaad. Niet omdat hij een hekel heeft aan dat bedrijf, maar omdat hij vond dat zijn collega's Fokker verkwanselden aan een Duitse concurrent. Door zijn vertrek wilde hij, zo stond er in de krant, een "signaal' geven. Als reactie op dit signaal hoopte hij op beroering in de publieke opinie, op verzet bij personeel en vakbonden en op verhoogde attentie bij de minister van economische zaken. De beoogde publiciteit is inderdaad gekomen, maar de grote vraag is of de individuele uittocht van Swarttouw op den duur vruchtbaar zal blijken. Het is heel goed mogelijk, dat de actie van "Mister Fokker' leidt tot kortstondige publiciteit, waarna hijzelf en zijn bijzondere verdiensten voor het bedrijf in de vergetelheid raken. Daarna komt dan de kwellende gewetensvraag: had ik er niet beter bij kunnen blijven, dan had ik nog invloed kunnen uitoefenen.

Soortgelijke vragen stellen ook wetenschappers die binnen een bepaald sociaal onderdrukkend systeem moeten werken. Literatoren, zoals Václav Havel, bleven schrijven om de publieke mening die vrijheid voorstond, gestalte te geven. Personen die publiek verzet niet zagen zitten of geen vechtersaanleg hadden, hielden zich koest. In Duitsland werd voor die laatste houding in de Hitler-tijd de term "Innere Emigration' uitgevonden. Echt emigreren konden velen niet, ofschoon heel wat vooraanstaande geleerden en kunstenaars tijdig het land konden verlaten. Klaus Mann heeft deze ingewikkelde processen schitterend beschreven in zijn biografie "Het Keerpunt'.

Het dilemma blijven zitten of weggaan is in de kerkgeschiedenis van Europa in de laatste eeuwen vooral tot uitdrukking gekomen in de keus, die de beide kerkhervormers Erasmus en Luther maakten. Luther hervormde de kerk met een schisma en Erasmus zonder een schisma. Luther ging en Erasmus bleef. Soms worden hervormers die willen blijven moedeloos. In de eerste maand van deze eeuw (18 januari) schreef de hervormingsgezinde mgr. Duchesne aan de modernist Marcel Hébert over het dilemma zitten blijven of de autoritaire en verdrukkende kerk verlaten, de volgende dramatische zinnen:

“We staan op een keerpunt. De religieuze autoriteit rekent op haar traditie en op de meest toegewijde leden van haar personeel, die ook de minst intelligente zijn. Wat kunnen we hieraan doen? Hopen dat dit zal veranderen? Zelf proberen een en ander te hervormen? Maar het zal niet veranderen en er zal geen hervorming tot stand komen. Het enige resultaat van zulke pogingen zou zijn dat men zichzelf het raam uitgooit zonder dat iemand er baat bij heeft.”

Bijna een halve eeuw later analyseert de Franse theoloog Yves Congar op magistrale wijze de hervormingsprocessen in de kerk, die altijd maar blijft bestaan. Hij schreef het boek: "Vraie et fausse réforme dans l'église' (Parijs, 1950). Hij pleit voor een hervorming zonder schisma en voor geduld en respect. Ongeduld kan in een hervormingsbeweging alles bederven. Congar geeft ook tactische aanwijzingen. “Reken op weerstanden. In het begin is er altijd oppositie, laat het gezag de vrijheid en de ruimte om zelf beslissingen te nemen.” Forceer deze beslissingen niet door een fait accompli te stellen. Congar kreeg heel veel weerstanden van het Vaticaan, totdat daar de doorbraak kwam van het Vaticaanse Concilie waarbij deze beroemde theoloog weer geheel in ere werd hersteld.

De Engelse theoloog Charles Davis vond het Vaticaans hervormingsconcilie niet radicaal genoeg. Hij schreef een boek "A Question of Conscience', waarin hij zijn houding beschreef met de term "creative disaffiliation'. Dat was méér dan "innere Emigration'. Hij bleef niet in de kerk, maar trad uit en verloor alle invloed. Hij hoopte door zijn spectaculair vertrek zo'n signaal te geven, dat er iets in de gezagsstructuur van de katholieke kerk zou veranderen. Het tegendeel was waar, want na 1968 begon het centralisme van de Romeinse curie weer terug te keren en kreeg het een hoogtepunt onder het huidig pontificaat.

Nu precies na 25 jaar heeft Charles Davis zijn individuele operatie nog eens verdedigd (NRC Handelsblad, 7 februari). Die verdediging is bepaald niet overtuigend. Davis kon binnen het systeem dat hij had verlaten niets meer veranderen. Hij verwijt de gelovigen die "gehoorzamen' een gebrek aan verantwoordelijkheid, en wijst elke vorm van hiërarchisch gezag af. Hij pleit voor een nieuwe kerk "based upon freedom, equality and mutual sharing'. Zijn er bewegingen, vraagt hij zich af, die met "creative disaffiliation' zijn te vergelijken, al wordt de naam niet genoemd? Hij verwijst dan naar de duizenden basisgemeenten in Latijns Amerika en citeert Leonardo Boff. Verder noemt hij de "Women Church', waar de Amerikaanse Rosemary Radford Ruether mee begon en op het negatief effect van "Humanae Vitae', de encycliek die kunstmatige geboorteregeling afwees.

Het meest recent moest de bevrijdingstheoloog Leonardo Boff het dilemma "uittreden of blijven' overwinnen. Hij hing zijn Franciscaanse pij aan de kapstok en legde zijn priesterambt neer. Ik ben blij dat hij, in tegenstelling tot Davis, in de kerk blijft. Hij zei het zo: “Ik verander van loopgraaf, maar ik blijf in het leger.” Een hervormer zonder schisma.