Italië ontzet na moord op mafia-rechter

ROME, 20 JULI. Met een mengeling van woede, ontzetting en gevoelens van machteloosheid heeft Italië gereageerd op de gewelddadige mafiamoord op rechter Paolo Borsellino, die na de aanslag op Giovanni Falcone acht weken geleden de belangrijkste mafiabestrijder van Italië was geworden.

De 52-jarige Borsellino was kandidaat om de eerste "superprocureur' te worden, een nieuwe functionaris die leiding geeft aan een nationale anti-mafiapolitie. Deze post was aanvankelijk voorbestemd voor Falcone. De aanslag op Borsellino, die gisteravond in Palermo met een autobom werd vermoord, wordt gezien als een teken dat de mafia al het mogelijk zal doen om te voorkomen dat deze anti-mafiapolitie van de grond komt.

“We hebben te maken met een duidelijke strategie van de mafia om één voor één al degenen te vermoorden die haar begrijpen”, zei de socioloog Pino Arlacchi, de meest-vooraanstaande mafiadeskundige van Italië. Als de staat niet ingrijpt zijn “tussen nu en een jaar alle mensen die serieus tegen de mafia strijden” vermoord, waarschuwde hij.

Zoals bij de aanslag op Falcone op 23 mei, die met zijn vrouw en drie escortes werd vermoord met een bom onder de autostrada tussen Palermo en het vliegveld, had de mafia een van de weinige zwakke plekken gevonden in de beveiligingsmaatregelen rondom Borsellino: zijn wekelijkse bezoek op zondag aan zijn moeder.

Toen Borsellino om iets voor vijf uur uit zijn geblindeerde auto was gestapt en, met een groep lijfwachten om zich heen, naar de ingang liep van het flatgebouw waar zijn moeder woont, werd van afstand een bom tot ontploffing gebracht die was verborgen in een geparkeerde auto vlak naast de ingang. De politie schat dat de bom bestond uit dertig kilo springstof.

De explosie, die tot kilometers in de omtrek was te horen, rukte de rechterarm van de rechter af en doodde vijf van zijn lijfwachten, onder wie een vrouw. Zeker achttien mensen raakten gewond, onder wie drie ernstig. De straat werd bezaaid met menselijke resten, vaak verkoold, met brandende autowrakken, glasscherven van de tientallen gesprongen ruiten en ander puin. Een aantal mensen heeft vannacht niet in zijn huis kunnen slapen, omdat nog onduidelijk was of de explosie de structuur van hun flat heeft beschadigd.

Pag 4: Roep om hard antwoord in Italie

Van verschillende kanten is de aanslag omschreven als een oorlogsverklaring en wordt gepleit voor een hard antwoord. La Stampa schreef vanmorgen dat in Sicilië de noodtoestand moet worden afgekondigd: “De staat heeft de plicht zichzelf en zijn burgers te verdedigen, ook al kan dat voor een bepaalde periode en een deel van het land de opschorting van de grondwettelijke garanties betekenen,” aldus deze krant. De neo-fastische leider Gianfranco Fini pleitte voor “uitzonderingsmaatregelen, om te beginnen met de doodstraf” voor mafiamoordenaars.

“Het verkoolde lichaam van Borsellino en zijn afgerukte rechterarm zijn een macabere allegorie van de machteloosheid van de staat en de justitie in Sicilië”, schreef de Corriere della Sera. President Oscar Luigi Scalfaro waarschuwde dat de geloofwaardigheid van de staatsinstellingen in gevaar komt en zei: “Wee ons, tegenover ons geweten en tegenover de geschiedenis, als we niet weten te reageren” op deze “barbaarsheden”.

Na de moord op Falcone heeft minister van justitie Martelli per decreet een aantal harde maatregelen tegen de mafia afgekondigd, die politie en justitie meer bevoegdheden geven en mafiosi moeten aanmoedigen om met de politie te gaan samenwerken. Het parlement heeft dit decreet nog niet in een wet veranderd. Martelli pleitte gisteravond voor een spoedzitting van het parlement om te voorkomen dat de maatregelen vervallen. Een kabinetsdecreet moet binnen twee maanden worden bekrachtigd door het parlement.

Ook de benoeming van een "superprocureur' is na de moord op Falcone vertraagd. Het kabinet had Borsellino voorgedragen voor deze functie, maar de Opperste Raad voor de Magistratuur (CSM), die het besluit moet nemen, heeft zich hiertegen op procedurele gronden verzet. Sommige CSM-leden zien de voordracht van het kabinet als een aantasting van de autonomie van de rechterlijke macht. Het dispuut hierover was nog niet opgelost toen Borsellino werd vermoord.

De angst bij de mafia voor een superprocureur is vooral ingegeven door het feit dat deze vanuit Rome opereert. In Palermo speelt de mafia een thuiswedstrijd en kunnen lastige rechters makkelijker worden bedreigd of zo nodig uit de weg geruimd. Een dergelijke controle is in de hoofdstad veel moeilijker te realiseren.

De aanslag is een signaal, zei rechter Giuseppe Ayala, iemand die in de jaren tachtig nauw met Falcone en Borsellino heeft samengewerkt in het maxiproces tegen de mafia. Hij heeft een appartement op vijftig meter van de plaats van de aanslag en was als een van de eersten ter plekke, met zijn lijfwacht. “Het is alsof ze willen zeggen, wij zijn volledig meester van de situatie, we doen wat we willen en wanneer we willen”, zei Ayala, zelf ook een doelwit van de mafia.

Minister van binnenlandse zaken Mancino en het hoofd van de Italiaanse politie Parisi werden 's avonds laat met muntjes bekogeld en op scheldpartijen onthaald toen zij de plaats van de aanslag bezochten, een doodlopende straat in de jaarbeurswijk van Palermo. Volgens de boze menigte doet de staat te weinig tegen de mafia.

Dat vinden ook veel van de ongeveer 750 agenten die in Palermo worden ingezet als escorte van hoogwaardigheidsbekleders. Wij zijn het beu om “slachtvee” te zijn, zei een van hen op de plaats van de bomaanslag. Tientallen agenten waren 's avonds daarnaartoe gekomen, en zij besloten spontaan om vandaag het werk neer te leggen. De aanslagen op Falcone (drie lijfwachten gedood) en Borsellino (vijf, onder wie een vrouw) laten zien dat escortes geen zin meer hebben omdat ze toch geen bescherming bieden, zeiden sommigen. Een van de agenten riep dat de staat een ware oorlog moet beginnen, of dat zij er anders zelf voor zouden zorgen dat mafiosi uit de weg worden geruimd.

De situatie in Palermo is al een paar maanden bijzonder gespannen. Op 12 maart werd Salvo Lima vermoord, een vooraanstaande christen-democraat die een soort vertrouwensman was tussen de mafia en de politiek. Deze aanslag werd gezien als een teken dat een evenwicht was verstoord en dat daarom nieuwe aanslagen zouden volgen. Op 23 mei werd Falcone vermoord in een aanslag die ook was bedoeld als een teken van machtsvertoon. Kort daarna liet de advocaat van Totò Riina, de belangrijkste voortvluchtige mafialeider, weten dat deze in Sicilië is, een provocatie die is geïnterpreteerd als een claim op de recente moorden. De afgelopen weken heeft Leoluca Orlando, ex-burgemeester van Palermo en een hoofdrolspeler in de politieke anti-mafiabeweging, te horen gekregen dat hij beter niet meer naar Sicilië kan gaan omdat daar zijn veiligheid niet kan worden gegarandeerd.

In heel Italië is gereageerd op de aanslag. De drie grote vakfederaties hebben voor morgen, als Borsellino wordt begraven, in Sicilië een algemene staking uitgeschreven. In Rome is het traditionele feest in de volkswijk Trastevere opgeschort en is een vuurwerk afgelast. In Milaan heeft Silvio Berlusconi de presentatie vandaag van de nieuwe selectie van AC Milan uitgesteld.