Duidelijke doch tactvolle monetaire verkrapping van Bundesbank

ROTTERDAM, 20 JULI. De tactvolle discontoverhoging die de Bundesbank donderdag doorvoerde kon de rentemarkten slechts gedurende één dag geruststellen.

De monetaire verkrapping zorgde er vrijdag alsnog voor dat de Nederlandse 10-jaars rente de week per saldo 8 basispunten hoger afsloot op een niveau van 8,37 procent.Het sentiment op de financiële markten werd de afgelopen week volkomen bepaald door de laatste vergadering van de Bundesbank voor het zomerreces. De verwachting was dat een krachtige monetaire daad zou worden gesteld teneinde de (te) hoge Duitse geldgroei aan banden te leggen. De speculaties varieerden van een consolidatie van de huidige tarieven tot een verhoging van de lombardrente, welke duidelijk zou doorwerken in de geldmarktrente. Deze laatste variant was duidelijk het worst case scenario voor een aantal Europese economieën, die door de dwangbuiswerking van het EMS wel gedwongen zouden worden de Duitse renteverhoging te volgen terwijl de binnenlandse situatie juist om een renteverlaging vraagt. De internationale druk op Schlesinger en consorten om de monetaire teugels vooral niet nog strakker aan te trekken werd dan ook behoorlijk opgevoerd.De oplossing die de Bundesbank had voor dit dilemma kan elegant worden genoemd. Weliswaar werd het disconto verhoogd met ¾ procent, dit had echter geen gevolgen voor de geldmarktrente. Op deze manier werd een duidelijk binnenlands antiinflatie signaal gegeven terwijl de spanningen binnen het EMS niet verder opliepen. Nederland kon het disconto dan ook ongewijzigd laten, waardoor dit tarief voor het eerst sinds 9 jaar onder het Duitse disconto kwam te liggen. De verhoging van de rente op speciale beleningen met 0,2 procent zat al in de pijplijn sinds de gulden boven de spilkoers ten opzichte van de Dmark noteerde.

Vrijdag sloeg het marktsentiment in negatieve zin om. Waar de koersen tot en met de Buba-vergadering een stabiel verloop kenden, moesten deze plotseling tot ¼ punt inleveren. De markt vreesde dat de Lombardrente alsnog zou worden aangepast. De kans op een dergelijke verhoging is op dit moment moeilijk in te schatten. Wel hebben de gebeurtenissen van de afgelopen week duidelijk gemaakt dat de kans op een Duitse renteverlaging in 1992 belangrijk is afgenomen. Een hoge of hogere geldmarktrente hoeft echter niet negatief te zijn voor de kapitaalmarkt. De laatste 4 verhogingen van de lombardrente hebben geleid tot lagere Duitse (en dus ook Nederlandse) kapitaalmarktrentes. Dit wordt voor een groot gedeelte verklaard door het vertrouwen dat de markt heeft in het op inflatiebestrijding gerichte beleid van de Bundesbank; een vertrouwen dat de afgelopen week niet werd beschaamd.

Internationale Obligatiemarkten

Door de bank genomen hebben de internationale geld-, kapitaal- en valutamarkten tamelijk neutraal gereageerd op de beslissing van de Bundesbank. Natuurlijk was daar de gebruikelijke nervositeit vlak na de bekendmaking, maar per saldo waren de reactie minder hevig dan verwacht.

De enige uitzondering hierop vormt de lire. De Italiaanse munt kwam zo onder druk te staan dat de autoriteiten opnieuw gedwongen werden tot een verhoging van het disconto met 0,75 procentpunt tot 13¾ procent. En dit nog geen twee weken na de vorige verhoging met 1 procentpunt.

De echte verrassingen kwamen vorige week uit een andere hoek. Terwijl heel financieel Amerika wachtte op het mogelijke onheilsnieuws uit Duitsland, werd bekend gemaakt dat de in aanbouw genomen eengezinswoningen in juni met 3,2 procent waren gedaald (ten opzichte van een stijging met 11 procent in mei). Hoewel dit cijfer niet zoveel slechter was dan verwacht, lijkt de Amerikaanse economie een van de motoren van het herstel te hebben verloren.

Later die dag kwam de onverwachte aankondiging van Ross Perot dat hij zichzelf niet officieel kandidaat zou stellen voor het presidentschap van de Verenigde Staten. Over het algemeen werd op deze beslissing positief gereageerd. Wat men ook van de daadkracht van Ross Perot dacht, zijn verdwijning van het politieke toneel neemt een belangrijke factor van onzekerheid weg.

Per saldo steeg het rendement op de 30-jaars staatslening met 5 basispunten naar 7,68 procent, terwijl de dollar met 2,3 procent daalde naar een koers van 1,65 gulden.

Bron: Institute for Research and Investment Services, Joint Venture Rabobank Robeco.