Stad te koop; Ook de onkreukbaren van Milaan zijn voor het smeergeld gevallen

Het begon met de arrestatie van een socialistische politicus die 11.000 gulden smeergeld had aangenomen. Inmiddels is het uitgegroeid tot het grootste na-oorlogse corruptieschandaal. Maar wat belangrijker is: het klimaat lijkt te veranderen. Overal in Italië overwinnen rechters hun angst en worden politici gearresteerd op verdenking van corruptie, luid toegejuicht door het publiek. Antonio Di Pietro, de Milanese rechter die de geest uit de fles heeft gelaten, wordt begroet als een bevrijder. ""Deze politieke klasse is aan zijn einde, het systeem is ingestort.''

De graaf huilt. Langzaam biggelen de tranen over de wangen van Carlo Radice Fossati, tranen van woede en schaamte. Een beetje gegeneerd kijkt de rest van de zaal toe. Keurig blauw- en zwart-gepakte mannen, hier en daar een iets feestelijker geklede vrouw. Het zijn leden van de Christelijke Unie van Ondernemers die zijn komen luisteren naar een rede over "Economie, politiek en corruptie'. De spreker, de kalende graaf Fossati, is een van de idolen van het "eerlijke Milaan', een snel-slinkende groep mensen met schone handen, onbezoedeld door het enorme smeergeldschandaal dat is uitgebroken in het economische en financiële centrum van Italië.

Maar het idool is gevallen, zoals er de afgelopen weken wel meer van hun voetstuk zijn gehaald in een stad die zichzelf vroeger trots ""de morele hoofdstad'' noemde. Eerder op de dag had de graaf moeten bekennen dat hij ongeveer anderhalf miljoen gulden aan steekpenningen had betaald om een vergunning te krijgen voor zijn bedrijf, een vergunning waar hij volgens de rechter recht op had maar die om mysterieuze redenen maar niet kwam. Uitgerekend hij, de man die als wethouder voor stadsplanning een schandaal met steekpenningen aan het licht had gebracht, de man die eind vorig jaar als gemeenteraadslid de beslissende stem uitbracht tegen burgemeester Pillitteri omdat die zich bleef verzetten tegen een "corruptie-vrije' aanbesteding van het werk voor de nieuwe jaarbeurs.

""Ik moest wel'', zo verdedigt graaf Fossati zich. ""Met drie partners hadden we al 30 miljard lire (45 miljoen gulden) geïnvesteerd. Ik moest kiezen tussen mijn geweten als ondernemer en mijn geweten als politicus.'' Maar waarom heeft hij de zaak niet aangeklaagd, een jaar geleden? ""Een jaar geleden was het klimaat heel anders.''

Tijdbom

Italië is veranderd door het onderzoek naar steekpenningen binnen de gemeente Milaan. Het is een tijdbom geworden onder het politieke systeem. In februari is het begonnen, met de arrestatie van de socialist Mario Chiesa, toen die ruim 11.000 gulden aannam. Toen Chiesa na een paar weken ging praten, is de bal gaan rollen. In Milaan en omgeving zijn ongeveer zestig mensen gearresteerd. De met elkaar verbonden smeergeldaffaires, die vaak samenkomen op Zwitserse bankrekeningen, zijn in hoog tempo het grootste corruptieschandaal na de oorlog aan het worden; maandag begint het eerste proces van een reeks.

Overal elders in Italië overwinnen rechters hun angst en worden politici gearresteerd op verdenking van corruptie, luid toegejuicht door het publiek. In het noordoosten, in de regio Veneto, zijn de rechters een vergelijkbaar netwerk van corruptie aan het oprollen, met de ex-ministers Gianni De Michelis (Buitenlandse zaken, socialist) en Carlo Bernini (Transport, christen-democraat) als belangrijkste verdachten. In Reggio Calabria, in Zuid-Italië, is donderdagnacht de halve gemeenteraad gearresteerd wegens corruptie.

Antonio Di Pietro, de Milanese rechter die de geest uit de fles heeft gelaten, wordt begroet als een bevrijder. De columnist Giorgio Bocca vergelijkt de situatie met het einde van het fascisme in 1943, toen Mussolini werd afgezet: ""Een regime dat uit zichzelf eindigt, door een onverdraagbare opeenstapeling van corruptie, arrogantie, inefficiëntie, niet in staat zichzelf te hervormen.''

Het tij lijkt niet meer te keren. De gemeente Verona schrijft vertwijfeld naar Di Pietro dat men niet meer weet aan welk bedrijf nog een contract te geven. Op sommige bouwplaatsen ligt het werk stil wegens het onderzoek. Bij opinie-onderzoeken zegt bijna de helft van de ondervraagden dat ze niet meer op dezelfde partij zou stemmen, en dat zijn vrijwel allemaal mensen die voor een van de drie grootste partijen hebben gekozen, alle drie besmet door het Milanese corruptieschandaal.

Boze betogers in Milaan gooien met muntjes naar gemeenteraadsleden en maken hen luidkeels uit voor dieven. In Rome zijn woensdag socialisten op de vuist gegaan met neo-fascisten die bij het partijkantoor stonden te schelden. Nadat hij weken heeft geroepen dat het justitiële onderzoek in Milaan een complot is tegen hem en zijn partij, probeert de socialistische leider Bettino Craxi te redden wat er te redden valt. We hebben allemaal steekpenningen aangenomen voor onze partijen, hield hij begin deze maand zijn mede-Kamerleden voor, en daarom is het minder illegaal dan het lijkt.

Sommigen zien dit als een laatste stuiptrekking van iemand die eigenlijk al heeft verloren. ""Deze politieke klasse is aan zijn einde, het systeem is ingestort'', zegt de christen-democraat Roberto Mongini na twee weken in de cel, twee weken waarin hij heeft besloten te vertellen wat hij weet over de steekpenningen die werden betaald om de twee vliegvelden van Milaan te verbeteren. ""En wanneer een systeem instort, storten ook zijn hoofdrolspelers in.''

Gouden gevangenissen

Italië heeft wel meer corruptieschandalen gehad. Maar nog nooit heeft een schandaal zich zo duidelijk over alle belangrijke partijen uitgestrekt. De operatie "Schone Handen' heeft in Milaan en omgeving een goed-geolied systeem blootgelegd waarin smeergeld de regel was en volgens vaste afspraken werd verdeeld: meestal de helft voor de socialisten, de grootste partij in Milaan, en dan een kwart voor de christen-democraten en een kwart voor de (ex-)communisten. Soms veranderde die verhouding een beetje, soms kregen de kleine partijen, zoals de republikeinen, ook wat.

Voor alles moest worden betaald: van contracten voor een nieuwe metrolijn, de verbouwing van het stadion of de vleugel van een ziekenhuis, tot een schoonmaakcontract voor een bejaardentehuis. Zelfs de begrafenisondernemer moest 150 gulden per lijk betalen om zijn klandizie te behouden. Onroerend goed in handen van de gemeente werd voor vriendenprijzen geprivatiseerd, waarna steevast een forse cheque als dank kwam. Politici en ambtenaren gebruikten hun invloed om zichzelf of hun partij te verrijken, vaak schaamteloos. Mario Chiesa, de eerste arrestant, directeur van een verzorgingshuis voor wezen en bejaarden, had ongeveer achttien miljoen gulden opzij weten te zetten.

In één klap zijn de voormalige communisten en de republikeinen hun imago van de "partij van de eerlijken' kwijt. ""Alle partijen zijn corrupt'', dat is de boodschap van Milaan. Dat de ex-communisten nu geld aan het inzamelen zijn om een deel van het smeergeld terug te geven aan de gemeenschap, verandert daar weinig aan. En bovendien, wat is het streefbedrag van 450.000 gulden vergeleken bij de 300 miljoen gulden die volgens Fossati jaarlijks aan steekpenningen werd betaald?

Wraak

Nog nooit zijn onderzoeken naar corruptie met zoveel applaus begroet. Vooral in het noorden lijkt het iedere keer weer feest als er iemand wordt gearresteerd. De 42-jarige Milanese rechter Di Pietro is een held geworden. Hij wordt wel vergeleken met de vermoorde mafiabestrijder Giovanni Falcone: die moest ook niets hebben van persoonsverheerlijking voor iemand die ""alleen maar zijn plicht doet'' als ""dienaar van de staat''. Veel mensen identificeren zich met deze boerenzoon, die in Duitsland in een metaalfabriek en op een houtzagerij heeft gewerkt om zijn rechtenstudie te betalen, en nu een kruistocht is begonnen tegen politici en ondernemers die rijk zijn geworden op kosten van de gemeenschap.

De columnist Bocca vertolkt een algemeen gevoel in Milaan als hij schrijft: ""Qua stadsbestuur is Milaan als het Moskou van Brezjnev, waar een nomenklatoera, die verstoken is van ieder contact met het volk, een lui leven leidt van privileges en diefstallen.''

""Grazie Di Pietro'', werd begin mei in Milaan op de muren gekalkt. Al snel gevolgd door ""Di Pietro, geef ons hoop'', ""De reuzen storten in, de Italiaanse mieren danken u'' en forza Di Pietro waar vroeger forza Milan stond. Gianfranco Funari, presentator van een populaire tv-show, laat een foto van Di Pietro zien en roept ""doorgaan, doorgaan''. Het is een van de uitlaatkleppen voor de opgekropte frustratie over een vastgelopen politiek systeem, zoals die ook tot uiting kwam bij de parlementsverkiezingen in april, in de grote steun voor de protestpartij Lega Nord in Milaan en in de algemene achteruitgang voor de drie grootste partijen.

Als een stoomwals

Di Pietro heeft niet alleen maar vrienden en bewonderaars. Toen hij Mario Chiesa begon te ondervragen, de man bij wie het allemaal is begonnen, waarschuwde deze: ""Ik weet dat u als een stoomwals bent, maar ik denk dat ze u zullen afmaken.'' Het is niet voor niets dat Di Pietro en zijn gezin eind mei lijfwachten hebben gekregen. Hij begon op zeer gevoelig terrein te komen: lokale partijleiders, parlementsleden, twee ex-burgemeesters van Milaan, van wie de een, Paolo Pillitteri, de zwager is van de socialistische leider Bettino Craxi en de ander, Carlo Tognoli, minister in het voorgaande kabinet. Dat Craxi geen premier is geworden, hoewel de zetel al een paar maanden voor hem klaar stond, komt door Di Pietro: Chiesa heeft hem verteld dat hij Craxi's zoon Bobo met het geld van steekpenningen heeft gesteund.

Een aantal van de lokale partijleiders, bestuurders en parlementsleden die Di Pietro heeft aangeklaagd, buigt deemoedig het hoofd. Sommigen zijn blij dat ze eindelijk hun hart kunnen luchten, zoals Mongini. Anderen schamen zich. Ze huilen, zoals graaf Fossati. Of plegen zelfmoord, zoals Renato Amorese, de als integer bekend staande socialistische partijsecretaris in Lodi die één keer was bezweken en 600.000 gulden in zijn brandkast had liggen, en zijn vrouw en kinderen niet meer onder ogen durfde komen.

Maar anderen, zoals Pilletteri en Tognoli, blijven volhouden dat ze onschuldig zijn en vechten terug. Di Pietro's tegenstanders zitten te wachten op een foutje, een uitglijder, om hem daarna meedogenloos te pakken en onschadelijk te maken. Met name de socialistische partij probeert keer op keer Di Pietro verdacht te maken. Senator Acquaviva, een van de topmensen binnen de partij, zegt boos dat zelfs tegen de mafia niet zo hard wordt opgetreden en hij beschuldigt Di Pietro van "illegaal' optreden.

Die uithaal kwam nadat Di Pietro iemand had laten arresteren die volgens de partij nooit schuldig kon zijn: Andrea Parini, partijsecretaris van de regio Lombardije, een beschermeling van Craxi en een voorbeeld van het verzet dat ook binnen de politieke partijen tegen de smeergeldpraktijken bestaat. Maar ook Parini moest bekennen dat hij steekpenningen had aangenomen, voor ongeveer 225.000 gulden. Zijn verweer: ""Ik wist niet dat het steekpenningen waren en heb bovendien al het geld aan de partij gegeven.''

Stalinisme

Sommigen vinden dat Di Pietro te hard optreedt. Een advocaat van een van de aangeklaagden heeft zelfs gezegd dat er "geur van stalinisme' rond het onderzoek hangt. Di Pietro laat bij voorkeur verdachten 's avonds laat of 's ochtends vroeg arresteren, en als het zo uitkomt komen ze in de uitpuilende San Vittore-gevangenis in een cel terecht bij "gewone' criminelen of drugsverslaafden. Niet alle arrestanten, van wie de meesten gewend zijn aan een auto met chauffeur en een paar aardige secretaresses, kunnen hier tegen. Als Di Pietro hen dan bij zich roept en hen laat kiezen, tussen vertellen wat ze weten of teruggaan naar de cel, is de keuze snel gemaakt. Wie meewerkt, krijgt huisarrest.

""Ik geloof dat de gevangenis een belangrijke ervaring is'', zei de christen-democraat Roberto Mongini na twee weken cel. ""Je gaat nadenken over wat belangrijk is, je begrijpt wat het leven echt is. Misschien waren wij politici er niet aan gewend om dat te begrijpen.''

Sommige ondernemers zijn uit vrije wil komen getuigen. Ze hadden genoeg van het smeergeld dat steeds moest worden betaald. Bij de een was dat uit morele bezwaren die aansluiten bij de roep om verandering, een ander had door de recessie het extra geld gewoon niet meer.

Aanvankelijk heeft de werkgeversorganisatie Confindustria het onderzoek in Milaan begroet als een verlossing. Eindelijk af van de verstikkende tien procent verplicht smeergeld aan de politici. De nieuwe president van Confindustria zei op de jaarvergadering eind mei enthousiast dat het nu tijd is ""om het hele stysteem van openbare werken en leveranties te reorganiseren, om het open en competitief te maken''. Er moet een einde komen aan de wijdverbreide gewoonte van niet-openbare aanbestedingen door de lokale, regionale en landelijke overheden.

Inmiddels zijn de werkgevers wat stiller geworden. Gaandeweg is het besef doorgedrongen dat onder de ondernemers die hebben moeten betalen, niet alleen maar slachtoffers zijn. Veel grote bedrijven hebben er ook van geprofiteerd: wie dat kon, verwerkte de kosten van het smeergeld in de rekening die naar de overheid werd gestuurd. En om te voorkomen dat concurrenten met een te lage prijs kwamen die het wegschrijven van de steekpenningen onmogelijk maakte, was in ieder geval in Milaan een kartel gevormd. Ongeveer 150 bedrijven verdeelden de belangrijkste opdrachten die de gemeente te vergeven had, onder elkaar.

""Welke schaamteloosheid heeft deze heren de moed gegeven om de corruptie en het onvermogen van de politici aan te klagen'', vroeg La Repubblica zich af. Veel grote bedrijven worden gezien als medeplichtigen van corrupte politici en gemeentebestuurders. Niet voor niets was het een relatief onbeduidend bedrag van 11.000 gulden dat de smeergeldaffaire aan het rollen heeft gebracht. Een kleine ondernemer kon het niet meer ophoesten omdat hij niet de mogelijkheden had het te verdoezelen of te compenseren zoals veel grotere bedrijven.

Zelfonderzoek

Di Pietro heeft als een van de eersten de knuppel in het hoenderhok gegooid. Hij was door de jonge ondernemers van Confindustria uitgenodigd op hun eigen congres, als een symbool van de nieuwe wind die moet gaan waaien in Italië. Maar Di Pietro had geen zin in alleen maar vriendelijke woorden. Sommige ondernemers zijn steekpenningen als normaal gaan beschouwen, als iets dat hoort bij de omgeving waarin ze moeten werken, waarschuwde hij. Jullie moeten ervoor zorgen dat je zelf de rotte appels uit jullie midden verwijdert, voor het te laat is en alles is besmet, zei Di Pietro tot een langzaam stil wordende zaal.

Dat was nu ook weer niet de bedoeling. Kritiek op de politieke partijen heeft de Confindustria al jaren, met als centraal punt iets dat overduidelijk in Milaan is gebleven: de partijen hebben een te grote invloed in het economische leven, direct via hun greep op staatsbedrijven, indirect via de contracten die de overheid te vergeven heeft aan de particuliere sector. Maar van een zelfonderzoek naar corruptie, is het bij de werkgevers nooit gekomen. Cesare Romiti, de tweede man van de oppermachtige Fiat-groep, zei geërgerd: ""Het lijkt mij niet op zijn plaats dat een rechter, iemand van buiten de industriële wereld, de uitstoting vraagt van ondernemers die deze naam niet waard zijn.''

Deze irritatie komt ook doordat Di Pietro zich niet heeft laten tegenhouden door grote namen in het bedrijfsleven, net zo min als hij dat in de politiek heeft gedaan. Hij heeft de top van de Italiaanse bouwwereld laten arresteren wegens het betalen van steekpenningen: Enzo Papi, directeur van Cogefar-Impresit, sinds ruim twee jaar een Fiat-dochter; twee andere topmensen van Cogefar en een ex-manager van voor de Fiat-tijd; en Mario Lodigiani, vice-president van het gelijknamige bouwbedrijf. Cogefar is de grootste in Italië, Lodigiani hoort bij de top tien. Donderdag werd een van de belangrijkste en rijkste ondernemers van Italië aangehouden, Salvatore Ligresti, wiens vijf bedrijven op de Milanese beurs ongeveer 4 miljard gulden waard zijn.

Papi is weer op vrije voeten gesteld, maar niet dan nadat Di Pietro de verzekering had ontvangen dat hij zou gaan praten. Daar wordt nu met spanning op gewacht. Op een vraag of Fiat wel eens smeergeld heeft betaald, antwoordde Umberto Agnelli, broer van Fiat-president Gianni, op 6 mei, toen het schandaal nog te overzien was: ""Zeker niet voor grote zaken, dat zou ik wel hebben geweten. Het kan zijn dat het is gebeurd bij een paar detailfeitjes, op een bepaald niveau. Maar ik denk het niet.''

Velen denken van wel: hoe kan een toonaangevende groep als Fiat zo groot blijven als zij het spel niet meespeelt? Een manager van een multinational die materiaal heeft geleverd voor de van smeergeld aan elkaar hangende derde metrolijn, heeft toegegeven dat er fors is betaald, via bankrekeningen in Zwitserland. En dan houdt Fiat vol dat het bedrijf "schoon' is?

Reddingsboot

De stelling van sommige ondernemers dat hun corruptie minder erg is omdat ze wel moesten, is op politiek gebied uitgewerkt door Bettino Craxi. In een rede in de Kamer blies hij twee weken geleden de reddingsboot op waarin hij en andere betrokken politici willen stappen. Hij gaf toe dat een "sociaal alarm' gerechtvaardigd is over ""het netwerk van grote en kleine corruptie''. Maar de aanklachten tegen individuele politici en tegen de partijen die van dit systeem hebben geprofiteerd, horen thuis in een "theater van de hypocrisie', zei Craxi. Hij zei dat veel van het smeergeld naar de politieke partijen is gegaan, voor hun congressen, hun verkiezingscampagnes, hun kantoren. Bijna alle partijen hebben een partij-apparaat dat veel groter is dan in andere landen: naar schatting één miljoen mensen leven in Italië van hun partij.

""We moeten zeggen, en iedereen weet dat, dat een groot deel van de financiering van de partijen onrechtmatig of illegaal is'', vervolgde Craxi. ""De partijen hebben hun toevlucht genomen tot deze aanvullende inkomsten en doen dat nog steeds (...) Als een groot deel van deze materie als puur crimineel wordt beschouwd, dan zou een groot deel van het systeem crimineel zijn.''

Kort samengevat door medestanders van Craxi: we hebben voor het goede doel geld onttrokken aan de economie, voor de partijen zonder welke een democratie niet kan functioneren. Kort samengevat door critici van Craxi: we hebben allemaal gestolen, en als iedereen steelt, is het geen misdaad meer, en bovendien is het ondenkbaar dat het systeem is verrot.

Het debat hierover is nog maar net begonnen, maar het belooft bijzonder heftig te worden. De socialist Ottaviano Del Turco, binnen de partij overigens een tegenstander van Craxi, heeft een soort amnestie voorgesteld. Hij wijst erop dat sommige van de verdachten in Milaan al het smeergeld hebben doorgespeeld naar hun partij en niets voor zichzelf hebben gehouden. Hun geweten was zuiver: de bijdragen uit de staatskas zijn onvoldoende om het partij-apparaat in stand te houden, en iedereen weet dat steekpenningen de tekorten moeten dekken. ""We moeten onderscheid maken tussen degene die zich heeft verrijkt met de steekpenningen om in Italië of elders een fraaie villa te bouwen, en diegenen die dit geld hebben gebruikt om de partij te financieren'', zei Del Turco eind vorige maand.

Dubbele moraal

Er is veel kritiek gekomen op de stelling van Craxi. De socioloog Luigi Manconi draaide haar om en zei dat stelen voor de partij het juist erger maakt: gewoon stelen is menselijk, stelen voor de partij ondergraaft de democratie. Anderen zien er een truc in om toch aan de macht te blijven, of een poging de dubbele moraal te laten bestaan die zo lang de politiek heeft beheerst. Hoe is het anders mogelijk dat een gedeputeerde van de provincie Rome, zoals vorige maand is gebeurd, 's ochtends de eerlijkheid prijst van een historische socialistische leider als Giacomo Matteotti, vermoord door de fascisten, en 's middags wordt betrapt met enkele tienduizenden guldens aan steekpenningen?

Craxi houdt vol dat er verschil moet worden gemaakt tussen smeergeld voor de eigen bankrekening en smeergeld voor die van de partij, om te voorkomen dat het corruptieschandaal een bom wordt ""om het systeem te doen springen en een hele politieke klasse onwettig te maken''. We moeten oppassen voor avonturen, waarschuwt hij.

Maar volgens sommige partijgenoten is al gebeurd waar Craxi voor waarschuwt, en wil hij het alleen niet zien. Matteo Carriera, een hoofdrolspeler in Milaan, is een van hen. Hij kreeg in 1976 de leiding over een van de belangrijkste instellingen voor sociale zekerheid in Milaan, de ECA, later van naam veranderd in de IPAB.

Toen hij begon zeiden de toenmalige partijleiders in Milaan dat zijn salaris wat mager was, maar dat zou geen probleem zijn. Mij werd duidelijk gemaakt dat ik de mogelijkheid had ""om voor mijn leven binnen te lopen'', vertelde Carriera. Eerst gebruikte hij de steekpenningen om zijn eigen leven wat comfortabeler te maken. Later schiep hij er zich een aanhang mee, waardoor hij de controle kreeg over een blok stemmen dat hij steeds weer kon gebruiken als zijn herbenoeming aan de orde kwam. Zestien jaar lang heeft hij de scepter gezwaaid, en in 1985 werd hij onderscheiden met de "Orde van verdienste voor de Italiaanse republiek'.

Hij heeft de onderscheiding teruggestuurd naar de president, met een kort briefje. ""Ik ben verdoofd door een pervers mechanisme en gemangeld door een onwettig raderwerk zonder de morele kracht te hebben om het te stoppen'', schreef Carriera. ""Zonder dat ik het goed in de gaten had, heb ik zo mijn wortels als arbeider en boer verraden om een wezenlijk onderdeel te worden van een systeem dat volledig verrot en corrupt is.''