Snelweg

Afijn, je rijdt van achter Bern naar huis, meer dan negenhonderd kilometer, een hele dag onderweg, een hap uit je leven. Dan denk je toch: hier moet wat over te vertellen zijn, maar nee, afgezien van een paar leuke Duitse nummerborden: ME-LK, RE-UK, KA-LM, en langdurig oponthoud bij Keulen, wat te voorzien was geweest want we kwamen daar om vijf uur in de middag, afgezien van een enkele opvallende BMW, van het gebruikelijke Autobahngeleuter dus, niets te melden!

Het is me vaker opgevallen hoe weinig over autorijden te vertellen valt en ik dacht weleens dat het aan mij lag, dat ik niet goed had opgelet, maar dat is onzin, je overleeft geen negenhonderd kilometer snelweg zonder op te letten. Opletten, dat is nu juist het enige wat je doet. Je bent steeds bezig met afstand, snelheid, richting. Je neemt voortdurend beslissingen en duizenden medeweggebruikers nemen die beslissingen ook en dat gaat goed, zo goed dat het normaal is om negenhonderd kilometer snelweg te overleven, wat in feite een wonder is.

Maar dit wonder komt tot stand op het niveau van reflexen en vereist de uitsluiting van alle andere menselijke capaciteiten. Dáárom voel je je als autorijder zo dom en onpersoonlijk, on-uniek en verwisselbaar. Iedere idioot kan autorijden en iedere idioot doet het ook, en ik schrijf natuurlijk geen stukjes om te vertellen dat ik heb gedaan wat een idioot had kunnen doen.