Kassa in het verkeer

“VLUCHTEN KAN niet meer”. Onder dit motto heeft minister Hirsch Ballin van justitie het startsein gegeven voor een voorlichtingscampagne gericht op alle weggebruikers. Vanaf nu is de zogeheten Wet Mulder voor de afdoening van lichte verkeersovertredingen in het gehele land van toepassing. Veelvoorkomende vergrijpen als rijden door rood licht, verkeerd parkeren en snelheidsovertredingen (mits niet meer dan 30 kilometer per uur) zijn uit het strafrecht gehaald en worden administratief afgehandeld.

Dit betekent dat op constatering door de politie een betalingsbevel volgt van het Centraal Justitie Incassobureau in Leeuwarden en dat het bedrag direct kan worden geïnd. Wie het daar niet mee eens is moet binnen twee weken in beroep gaan bij de officier van justitie. Wie na diens beslissing nog bezwaren houdt kan in beroep gaan bij de kantonrechter, maar moet dan wel eerst het boetebedrag als zekerheid storten.

Met name dit laatste is vanuit het oogpunt van rechtsbescherming een stap achteruit, die door menig burger niet begrepen wordt. Dat doet niet af aan de tevredenheid van het ministerie van justitie over het nieuwe systeem. Ongeveer 94 procent van de verkeersboetes wordt binnen een jaar voldaan; in 83,5 procent van de gevallen wordt meteen betaald. Bij dergelijke resultaten moet worden bedacht dat onder het oude systeem reeds 85 procent van de overtredingen placht te worden geschikt, terwijl het merendeel van de verdachten die het lieten voorkomen alsnog verstek liet gaan bij de rechter en dus in feite toegaf. Maar goed, winst levert de stroomlijning ontegenzeggelijk op.

IN DE JONGSTE aflevering van het tijdschrift voor strafrecht waagt de Amsterdamse hoogleraar mr. T.M. Schalken het echter toch een vraagteken te zetten: “Wordt Wet Mulder een succes genoemd omdat de mensen zich beter in het verkeer zijn gaan gedragen? Nee, omdat blijkt dat bijna iedereen zijn boete betaalt. Rechtshandhaving is hier gereduceerd tot een efficiënte vorm van incasso”. Schalken stelt deze vorm van wat hij noemt “het nieuwe premiejagen” tegenover de kerntaak van de justitie - rechtshandhaving. Typerend daarvoor is dat hij “in dienst staat van doelstellingen die hun betekenis ontlenen aan datgene wat met het recht wordt beoogd en niet aan de financiële opbrengsten van wat aan handhavingsactiviteiten wordt ondernomen”. Niet het minste bezwaar is volgens Schalken dat dergelijke inkomsten een “structurele plaats op de politiebegroting” beloven te krijgen.

NU GAAT HET bij de Wet Mulder natuurlijk slechts om kleine zaken, maar ze komen wel massaal voor en hun betekenis voor de verkeersmentaliteit moet niet worden onderschat. De aandacht richten op incasso nodigt althans een deel van de weggebruikers uit de kosten simpelweg door te berekenen in de kilometerprijs. “Een soort moderne aflaat, waarvan nauwelijks een effect op het verkeersgedrag zal uitgaan”, werd het twee jaar geleden genoemd op een conferentie van de Stichting Maatschappij en Politie.

Wie is er nu eigenlijk aan het vluchten?