Een Hollands drama 2

Met stijgende verbazing en verontwaardiging las ik de bijdrage van Paul Hellmann in het Zaterdags Bijvoegsel van 11 juli.

Alsof het bovenaardse krachten betreft voltrekt zich de vernieling van uniek rivierenlandschap en wordt aan tal van mensen groot leed berokkend. Dit alles met als groots doel ons land voor welhaast de eeuwigheid te vrijwaren voor overstromingen. Zelden treft men bij een overheid een zorgzaamheid die zich over zo lange termijn uitstrekt. Is dit lange termijndenken uniek te noemen, de volharding waarmee aan een dubieus besluit wordt vastgehouden is dat helaas niet. Daarin blijken overheden een bijzondere taaiheid aan de dag te kunnen leggen. Een organisatie als Rijkswaterstaat probeert zich natuurlijk in stand te houden na de voltooiing van de Deltawerken. Het is de politiek en dus de publieke opinie die hierop aangesproken dient te worden.

Wat mij met enige schaamte vervult, en hopelijk velen met mij, is dat ik hieraan al die jaren nauwelijks enige aandacht heb besteed. Buiten de directe gezichtskring hebben we de mensen die direct worden getroffen in de steek gelaten. En dat in een land waar we de mond vol hebben van minderheden en milieu. Kennelijk zijn minderheden en milieu alleen in tel als ze met racisme respectievelijk met gevaar voor de volksgezondheid in verband gebracht kunnen worden. In die gevallen wordt het vergrootglas er direct bij gehaald. Spreekt het verlies aan uniek landschappelijk schoon of het verdriet van mensen minder aan, waar gehakt wordt vallen spaanders niet waar? Laat men eens bedenken wat dit alles kost. Ook hiervoor geldt: beter ten halve gekeerd dan ten hele gedwaald.

Wat nu te doen? Zelf wil ik me in verbinding stellen met de in het artikel genoemde organisatie Redt ons Rivierenlandschap. Het zou nuttig zijn als deze organisatie zich door middel van een ingezonden brief bekend maakt. Benvloeding van de publieke opinie en dus de politiek is het enige wat er op zit. Het door de schilder Den Ouden in het artikel gekarakteriseerde bezoek van Kamerleden ter plekke (""ze waren in druk gesprek met elkaar, de omgeving deed hen niets'') stemt weliswaar niet direct hoopvol, maar als de reacties talrijker worden: wie weet. Natuurlijk zal de titel van een boek van Hermans: "Door gevaarlijke gekken omringd' altijd z'n geldigheid behouden, maar dat hoeft niet uit te sluiten dat er een moment van helder inzicht kan doorbreken.