Zand in zee moet strand beschermen

DEN HAAG, 17 JULI. Ingenieurs van Rijkswaterstaat werken aan een nieuw wapen in hun eeuwige strijd tegen het geweld van de Noordzee: zand in zee storten. Om erosie van de kust tegen te gaan is Rijkswaterstaat al jaren doende met het opspuiten van miljoenen kubieke meters zand op het strand van de Nederlandse kust. Enkele onderzoekers van de Dienst Getijdewateren van Rijkswaterstaat komen nu met een andere oplossing die naar hun idee ten minste even effectief, in ieder geval praktischer en misschien zelfs goedkoper is. Zand in zee storten klinkt als geld in het water gooien, maar het is volgens ingenieurs van Rijkswaterstaat een serieus alternatief.

"Suppletie op de onderwateroever, een reëel alternatief voor strandsuppletie?' luidt de titel van de studie die de Dienst Getijdewateren onlangs afrondde. De vragende vorm waarin de titel is geformuleerd geeft aan dat de onderzoekers zelf nog niet helemaal zeker zijn van hun zaak. Daarom moet er eerst een proefproject komen, vertelt drs. P. van Vessem, een van de opstellers van de studie. Het liefst met steun van de Europese Gemeenschap en in samenspraak met landen als Duitsland en Denemarken die ook experimenten in voorbereiding hebben. De drie landen hebben in Brussel al ongeveer vijf miljoen gulden subsidie toegezegd gekregen.

Zo als het er nu naar uitziet neemt minister Maij-Weggen (verkeer en waterstaat) eind dit jaar een besluit. Van Vessem en de zijnen gaan intussen op zoek naar geschikte locaties langs de Nederlandse kust voor proefprojecten. De gedachten gaan uit naar het Waddeneiland Terschelling. Behalve de Dienst Getijdenwateren zijn ook het Waterloopkundig laboratorium en de vakgroep fysische geografie van de Universiteit van Utrecht bij het project betrokken.

Door zand in zee te storten ("onderwater-oeversuppletie') denken de Rijkswaterstaters de kustafslag een stap vóór te zijn. Structurele achteruitgang van de kust begint namelijk op de onderwateroever. Onder water, vlak voor de kust, zuigt de stroming in de loop der tijd zand weg, waardoor het strand steeds lager komt te liggen. Bij een forse storm kan de branding dan al gauw tegen de duinen aan beuken, met alle gevolgen van dien die de ingenieurs van Rijkswaterstaat graag mogen samenvatten met de alarmerende slogan "Amerfoort aan zee'.

Door zand op het strand te spuiten - officieel Rijksbeleid sinds 1990 - verliest Nederland minder duin. Door het zand vlak vóór het strand in het water te dumpen blijft niet alleen het duin maar ook het strand intact, zo redeneren de onderzoekers van de Dienst Getijdenwatereren, gesteund door praktijkvoorbeelden in de Verenigde Staten en Australië.

Pag.2: Met nieuwe methode blijft het strand intact

De strandtenthouders zullen de bevindingen van de Dienst Getijdewateren over het dumpen van zand in het water vóór het strand ongetwijfeld beamen. Zandsuppletie komt de horeca ten goede, maar buldozers en pijpleidingen op het strand storen de badgasten en jagen de clientèle weg. Ook de natuur- en milieubeweging, voor zover op de hoogte van de onuitgewerkte plannen van Rijkswaterstaat, sluit zich goeddeels aan bij "suppletie op de onderwateroever'. Behalve voordelen - het strand blijft intact, er gaat minder duin verloren - heeft de stort van zand in zee ook een belangrijk nadeel ten opzichte van zandsuppletie op het strand: er is twee keer zo veel zand nodig. Dit nadeel is slechts schijn, zo hebben de onderzoekers van Rijkswaterstaat uitgerekend. De nieuwe methode is waarschijnlijk veel goedkoper: Rijkswaterstaat hoeft namelijk geen dure buldozers en pijpleidingen in te zetten om het zand op het strand te krijgen. Het zand kan direct uit het schip op de zeebodem worden gestort.

Rijkswaterstaat trekt sinds 1990 jaarlijk zestig miljoen gulden uit voor grootschalige zandsuppletie. Rijkswaterstaat zuigt, enkele kilometers uit de kust, vijf à zes miljoen kubieke meter zand per jaar uit de zeebodem en brengt dit aan op het strand - zand dat de zee bij de eerste de beste storm weer goeddeels meeneemt waardoor "verzoling van de kust' in principe elke vijf jaar herhaald moet worden. Zonder dit suppletiezand zouden sommige stroken langs de kust flink terrein verliezen op de Noordzee. In de kop van Noord-Holland bijvoorbeeld enkele meters per jaar, zo vertelt M. Janssen van Stichting Duinbehoud. Janssen is dan ook zeer te spreken over suppletie. “Vroeger haalden ze het zand gewoon uit de duinen, waardoor veel natuur verloren is gegaan en de kust verder landinwaarts schoof. Nu halen ze het uit zee.”

De tijden dat het zand van nature door het zeewater werd aangevoerd zijn al honderden jaren verstreken. De zee neemt nu per saldo meer zand terug dan dat ze aanvoert. Rijkswaterstaat wapent zich al jaren tegen deze erosie. Maar de klus wordt steeds zwaarder. De kustafkalving wordt veroorzaakt door permanente erosie, door de zware stormen die van tijd tot tijd de kop opsteken en in toenemende mate door het rijzen van de zeespiegel als gevolg van het broeikaseffect. Tot nu toe werd uitgegaan van een stijging van 20 centimeter per eeuw. Gevreesd wordt dat dit de volgende eeuw 35 tot 85 centimeter zal zijn. Rijkswaterstaat zal heel wat zand in zee moeten storten.