Varkensliedje (2)

Er was een varkentje in Aken

- Dat is een grote stad -

Dat onverslaanbaar was in schaken,

Geen schaker die hem iets kon maken:

In zeven zetten mat.

Dat varken kon heel goed roqueren,

Roqueren deed hij vaak;

Dat hoefde hij niet meer te leren,

Ja, hij roqueerde vele keren,

't Was elke keer weer raak.

Maar soms als hij last had van liefdesverdriet,

Dan ging zijn tempo tanen;

Dan wist je het al, dan roqueerde hij niet,

Dan speelde hij haastig een Koningsgambiet

En lachte door zijn tranen.

Naar Alphen aan de Rijn gebracht.