Van den Broek haalt band met Indonesië aan

ROTTERDAM, 17 JULI. Nederland en Indonesië kunnen de bilaterale banden verder aanhalen zonder het over principiële kwesties als de mensenrechten eens te zijn.

Dat is het belangrijkste resultaat van het onderhoud tussen minister Van den Broek van buitenlandse zaken en zijn Indonesische collega en “oude vriend” Ali Alatas, gisteren in Jakarta. Met minister van binnenlandse zaken Rudini zocht Van den Broek gistermiddag naar openingen voor de ontwikkelingssamenwerking tussen particuliere organisaties uit beide landen.

Na zijn gesprek met Alatas zei Van den Broek “niet te verwachten dat de Indonesische regering haar standpunt over de mensenrechten wijzigt” en er “evenmin van uit te gaan dat Indonesië een standpuntwijziging van Nederland verwacht”. Een elegante formulering voor het aanvaarden van een principieel meningsverschil in het belang van soepel verlopende contacten.

Van den Broek zei dat er na de Indonesische weigering van alle Nederlandse hulp op 25 maart “op het stuk van de mensenrechten niets is veranderd”. Hij wilde niet ingaan op de details van zijn gedachtenwisseling met Alatas over de kwestie Oost-Timor, maar liet wel los dat de Europese Gemeenschap groot belang stelt in de ontwikkelingen aldaar. Tegenover de Indonesische pers beklemtoonde Van den Broek dat de beide bewindslieden niet alleen over Oost-Timor en de mensenrechten hadden gesproken, “maar vooral over de toekomst van onze betrekkingen”.

In zijn gesprek met Van den Broek over de hulp door Nederlanbdse medefinancieringsorgansaties als de Novib, zei Rudini dat “alle hulp, mits geïntegreerd in het Indonesische programma voor plattelandsontwikkeling, welkom is”. Hij voegde er echter aan toe dat dit de competentie is van de voorzitter van het Nationale Planbureau. Die woont op dit moment in Parijs de eerste zitting bij van de CGI, de nieuwe organisatie van donorlanden voor Indonesië, die dit voorjaar in de plaats kwam van de door Nederland voorgezeten Inter Gouvernementele Groep voor Indonesië (IGGI).

Verder opperde Rudini tegenover Van den Broek om een speciaal team in het leven te roepen dat zich moet buigen over de terugkeer van in Nederland levende Molukkers naar Indonesië. Het terugkeerprogramma werd tot voor kort gedeeltelijk gefinancierd met middelen van ontwikkelingssamenwerking.

Morgenochtend wordt Van den Broek ontvangen door president Suharto.