Uit Praag: Hoe houd je een baby rustig op verkiezingsdag?

Tijdens de Tjechoslowaakse verkiezingen mocht in Praag geen alcohol geschonken worden. Maar de maandag na de uitslag zaten veel politici leiders in de kroeg hun winst vieren. Wanneer politiek in kroegen wordt bedreven, gaat het land een goede toekomst tegemoet. “De verkiezingen waren dus een succes, maar toen kwam de Slowaakse koude douche”, zegt Jozef H. tegen Jan Stavinoha in Club Borát, waar de ober tegen een kleine vergoeding de as van hun sigaretten klopt.

Het is een enorme schok als ik in een Tsjechische krant de naam aantref van een nog in Tsjechoslowakije wonend familielid op een lijst van 250 journalisten die onder het voormalige communistische bewind als verklikkers voor de binnenlandse veiligheidsdienst werkten. Een paar dagen voel ik me verlamd en ben ik niet in staat tot werken, alsof ik mijn eigen naam op die lijst ben tegengekomen.

Wanneer ik dit aan een tafel in de Praagse jongerenclub Borát aan Josef H. vertel, corrigeert hij mij. Verklikkers is niet het juiste woord. Mensen die hebben samengewerkt, moet je hen noemen. Ook Havel en vele andere Charta-leden stonden op het lijstje van mogelijke kandidaten van de veiligheidsdienst. Pas nadat ze herhaaldelijk hadden geweigerd om mee te werken, werden hun namen geschrapt en als "vijandige elementen' opgeborgen in een ander dossier. Heel wat mensen hebben zo'n "samenwerkingsovereenkomst' wél getekend, voornamelijk om van het gezeur en de intimidaties af te zijn. Overigens is niet alle informatie die nu boven water komt te vertrouwen, meent hij. En die verslagenheid die ik tentoonspreid is ook wat overdreven. Bijna iedereen in Praag heeft wel een familielid of kennis die op zo'n lijst staat vermeld. Een paar dagen eerder was een andere lijst gepubliceerd, met 140.000 namen van personen die contacten hebben gehad met de binnenlandse veiligheidsdienst. Die dikke krant was binnen enkele uren uitverkocht, want iedereen die erin werd genoemd wilde het met eigen ogen lezen.

Naar schatting was één op de honderd inwoners van Tsjechoslowakije werkzaam als informant. Dan blijft de vraag of die informanten hun opdracht wel naar behoren hebben uitgevoerd. Gezien de arbeidsmoraal van de laatste veertig jaar kan men bij de kwaliteit en doeltreffendheid van de activiteiten van die informanten alleen maar vraagtekens zetten. Wie zou zo'n contract niet tekenen, wanneer dat de mogelijkheid opent om naar het buitenland te reizen en je kinderen te laten studeren? In Nederland, waar iedereen zijn eigen politieagent is, kan zo'n openbaring de nodige verontrusting zaaien, maar in een cultuur die zo'n sterke traditie kent van passieve collaboratie à la Soldaat Svejk, worden dit soort onthullingen met de nodige relativiteit bekeken. En is het allemaal wel waar? Een dissident die tot zijn verrassing zijn naam op de lijst van "informanten' tegenkwam, heeft in een vlaag van depressiviteit geprobeerd zelfmoord te plegen.

Jaloers

Volgens mijn vriend spelen de publikaties van dergelijke lijsten vooral de voormalige kopstukken in de kaart die verwarring willen zaaien en jaloers zijn op de voormalige dissidenten die voor elk jaar dat ze ten onrechte gevangen hebben gezeten, 30.000 kronen van de staat ontvangen. Ivan J., die ik ook ken en die een van de meest bekende en streng gestrafte dissidenten was, is daar rijk door geworden. Er is echter weinig reden voor jaloezie. Geestelijk beschadigd door zijn lange detentie, ontkleedt hij zich soms in het openbaar en heeft hij een keer tijdens een vergadering bij wijze van protest zijn uitwerpselen op de grond gedeponeerd. Ook heeft hij geweigerd om zijn "compensatiegeld' af te halen en moest het hem thuis bezorgd worden. Josef kent ook het verhaal van een zoon van een hooggeplaatste communiste die, bij het vernemen van wat zijn moeder op haar geweten had, door het vensterglas van de eerste verdieping naar buiten is gesprongen. Het is triest dat nog steeds onschuldigen lijden, terwijl de echte boosdoeners met rust gelaten worden.

Zelf heeft Josef andere problemen. Al weken is hij op zoek naar een vuilnisbak voor zijn buitenhuis. Ik wil hem vast niet geloven, maar hij zweert dat ze nu niet te koop zijn. Aan het ontvreemden van een vuilnisbak wil hij niet beginnen. In deze tijd moeten regels en wetten gerespecteerd worden.

De jongen die ons in Club Borát bedient, draagt een opvallend ruim herenkostuum waarvan de mouwen en pijpen zijn opgerold. Hij is de zoon van de vroeger zo populaire zanger Cortéz die liederen zong in Weense operette-stijl en die met name geliefd was bij dames op leeftijd. Bij zijn dood liet hij een arsenaal aan kleding na die zijn zoon nu zo snel mogelijk probeert af te dragen. De recente ondernemingslust manifesteert zich bij deze zoon op ongebruikelijke wijze. Zijn specialiteit is dat hij van de sigaretten van de bezoekers van zijn Club de as afklopt en daarvoor een kleine vergoeding vraagt. Omdat ze het een origineel idee vinden willen de meeste bezoekers wel iets betalen.

Niet ver van ons vandaan zit een reeds aangeschoten jongeman die tot een andere bekende Praagse familie behoort. Omdat zijn ouders dissidenten waren, verkeert hij in de mening dat hij het recht heeft om niets uit te voeren. Hij leent voortdurend geld en bedelt om gratis consumpties. Maar vandaag heeft hij een reden om dronken te zijn. De politieke partij van zijn moeder heeft bij de verkiezing niet voldoende zetels verworven om in het parlement te blijven. Dat betekent dat zijn moeder haar salaris als parlementslid verliest, zodat de zoon voor haar moet zorgen. Omdat niemand van de aanwezigen geïnteresseerd is in het aanhoren van zijn frustraties, leeft hij zijn agressie uit op een hond die onder tafel ligt.

Alcohol

Tijdens de verkiezingen mocht vierentwintig uur geen alcohol geschonken worden. Ook winkels mochten slechts bier met een laag alcoholgehalte verkopen. Voor mensen die vergeten hadden een voorraadje aan te leggen, was deze verordening een ramp. Er werd een vergelijking gemaakt met de tijd van keizer Frans Jozef, toen verkiezingen nog een feest waren met gratis bier en veel muziek. De nieuwe maatregel werd als bijzonder ondemocratisch ervaren, aangezien de regering haar volk iets verbood wat van levensbelang werd geacht.

De huidige regering kent haar volk echter maar al te goed. Drankzucht is nog steeds een onuitroeibare behoefte. 's Ochtens vroeg zitten in de Praagse buffetten arbeiders al aan de rum en het bier. De anekdote dat iemand zijn ontbijt wilde betalen en één broodje en twaalf bier afrekende, is nog steeds uit het leven gegrepen. Er wordt ook melding gemaakt van een incident onder Tsjechische soldaten die in Joegoslavië de bevolking kwamen beschermen en die onder invloed op elkaar begonnen te schieten.

Volgens Josef zijn de verkiezingen professioneel verlopen. Ook mensen die zich jarenlang a-politiek hadden opgesteld, waren plotsklaps actief geworden, deden vrijwilligerswerk in de stemlokalen en bleven daar de nacht van te voren slapen, opdat bij de verkiezingen niemand misbruik van de situatie zou maken. Door volslagen onbekenden werd je op straat aangehouden met de vraag op wie je ging stemmen, en wanneer je daar onverschillig op reageerde, werd je door die voorbijganger op het belang van de stemming gewezen. De dagen voor de verkiezingen en ook de dagen erna waren de kranten 's morgens om tien uur al uitverkocht.

De maandag na de uitslag waren veel politieke leiders in Praagse kroegen te vinden om daar hun winst met hamschijf en bier te vieren. Wanneer politiek in kroegen wordt bedreven, gaat het land een goede toekomst tegemoet. De verkiezingen waren dus een succes, maar toen kwam de Slowaakse koude douche, zegt Josef verontwaardigd. Als de Slowaken hun onvolwassen gedrag niet snel veranderen en de realiteit onder ogen zien, zal de republiek spoedig een andere naam krijgen. “CMR”, zegt Josef. De afkorting van Tsjechomoravische Republiek, legt hij uit. In zijn mond klinkt die afkorting als het woord cmára (geknoei). Hij vindt dat de Slowaken er een vreemde behoefte op na houden om gediscrimineerd te worden zodat zij achterstelling op allerlei manieren uitlokken. Persoonlijk heeft hij genoeg van die beschuldigingen door Slowaken. De verwijten zijn niet op de feiten gebaseerd. Zo kun je niet democratisch onderhandelen. Respect voor jezelf kun je niet eisen maar moet je verdienen. De voorzitter van de Slowaakse partij "Publiek tegen geweld' is naar Praag verhuisd waar hij een geheim telefoonnummer heeft genomen. Progressieve Slowaken zijn er te weinig en degenen die een gezonde mening hebben, denken er na de uitslag van de verkiezing ernstig over om het voorbeeld van de partijvoorzitter te volgen.

Wijn

Ik probeer wat tegengas te geven. Slowaken zijn een volk van wijn, zeg ik. Tsjechen zijn bierdrinkers, net als de Duitsers. Wijndrinkende volkeren zijn subtieler aangelegd dan bierdrinkende massa's. Bier bedwelmt, wijn verheft de geest. Waarom kunnen die verschillen in mentaliteit niet gecombineerd en benut worden? Ik vertel Josef dat ik op straat voor een kroeg een moeder van even in de twintig heb gadegeslagen terwijl ze haar baby bier uit een half-literglas liet drinken. Af en toe nam ze zelf een slok, waarop de baby uit protest wild met de handjes in de lucht ging slaan. En dan heb je nog die enorme vleesconsumptie van de Tsjechen, onmetelijke bergen varkensvlees. Voedsel heeft toch invloed op het menselijk denkproces en karakter? Ik vraag me serieus af wat die varkens in de loop der eeuwen bij het volk hebben aangericht.

Josef geeft toe dat in Praag misschien ongezond, maar wel degelijk wordt gegeten. En ook die moeder met dat kind begrijpt hij wel. Waarschijnlijk zat de vader binnen in de kroeg over politiek te discussiëren en hoe krijg je anders een baby rustig op zo'n belangrijke verkiezingsdag.

Josef vindt dat ik, omdat ik in Nederland woon waar politiek een overbodige luxe is geworden, me niet voldoende kan verplaatsen in de politieke opwinding die heel Praag in haar ban heeft. Ik protesteer bij de uitdrukking "overbodige luxe', maar Josef houdt voet bij stuk. Dat heeft hij bij zijn paar bezoeken aan Nederland heus wel in de gaten gekregen.

Nu pas merk ik dat mijn vriend nieuwe tanden heeft. Ja, dat zijn zijn filmtanden. Toen hij zijn laatste filmrol kreeg aangeboden, had hij nog maar een paar kiezen over, zodat ze een nieuw gebit voor hem hebben gemaakt. Een ietwat lelijk gebit, dat goed bij zijn rol paste. Nu de film klaar is mag hij het gebit houden. Beter een lelijk gebit dan geen gebit.

Van Tsjechisch nationalisme kan ik hem overigens moeilijk beschuldigen. In alle films waarin hij heeft gespeeld, vertolkte hij de rol van een zigeuner, zwerver of zuiderling. En in deze laatste film speelt hij de rol van een typisch Amsterdamse kroegbaas.