Perot stopt, Wall Street stijgt

NEW YORK, 17 JULI. Het terugtreden van Ross Perot uit de race om het presidentschap is door aandeelhouders en effectenhandelaren met gejuich ontvangen. De verkiezingen zijn weer overzichtelijk en de weg is vrij voor een stijging van de Dow Jones Index met ruim tien procent, zo is de verwachting.

Sinds 1900 is in de laatste zes maanden van een verkiezingsjaar de Dow Jones met gemiddeld 10,4 procent gestegen. In 1904 en in 1928 was de stijging zelfs meer dan veertig procent. Daartegenover stonden aanzienlijke koersdalingen in 1920 en 1960. Nu, iets minder dan vijf maanden voor de verkiezingen, kan niemand er nog een zinnig woord over zeggen.

“De financiële markten zullen blij zijn dat Perot weg is”, zei politiek analist Michael Andrews van effectenfirma Salomon Brothers enkele uren na Perots terugtreden. Dat dat zo was bleek al uit de plotselinge stijging van de Dow Jones met achttien punten in het half uur na de bekendmaking.

De vreugdesprong van de Dow Jones gisteren is geen garantie voor een verdere stijging tussen nu en de jaarwisseling en Andrews waagde zich dan ook niet aan een voorspelling. De stijging met achttien punten is eerder het gevolg van de ingetreden normalisering van de strijd om het presidentschap en niet van de grotere kansen van Bill Clinton.

Al enige tijd leeft de vrees dat de Dow Jones toe is aan een correctie, zoals dat eufemistisch heet. Het betekent dat de Dow Jones enige honderden punten moet verliezen om weer een getrouwe afspiegeling te zijn van de bedrijfswinsten en dus de toestand van de economie.

Dergelijke correcties hebben zich precies in de jaren 1920 en 1960 voorgedaan, met respectievelijk 22 en 5 procent. De economie zat in een recessie en de zittende president moest het veld ruimen. Zittende presidenten bekommeren zich het meest om de economie in hun laatste maanden en de Dow Jones weerspiegelt het gunstige resultaat dat daarvan uitgaat.

Winnende Republikeinen hebben een gunstiger invloed op de aandelenkoersen dan winnende democraten. De Dow Jones is in de laatste zes maanden van 12 van de 13 verkiezingsjaren waarin een Republikein won, gestegen met een gemiddelde van 13,7 procent. Maar slechts in 7 van de 10 keer gebeurde dat bij een democratische overwinning. De gemiddelde stijging was in dat geval 6,2 procent.

Andrews, in het verleden adviseur van de Democratische partij, gelooft dat de reactie van de financiële markten afhangt van Clintons overtuigingskracht. “Clinton moet nu in ieder geval tot de Republikeinse conventie het politieke initiatief houden”, aldus Andrews. “Het vertrouwen dat investeerders en kiezers in hem krijgen, heeft een gunstig effect.”

Grote vraag is of de bekommeringen van George Bush nog enig positief effect op de economie zullen hebben. Is de recessie eindelijk voorbij en herstelt de economie zich de komende tijd verder of kunnen we nog steeds spreken van een recessie? Als de economie aantrekt en de Dow Jones geen klap te verduren krijgt tussen nu en de verkiezingen, maakt Bush nog een kans. Als echter de veelbesproken correctie wel plaatsheeft zal de zittende president zeer waarschijnlijk het loodje leggen.