Afleiding

Een paar weken geleden was ik met vrienden in Noord-Holland, de goddelijke streek tussen Opperdoes en Hoorn. West-Friesland heet het daar. 't Was prachtig weer, met een platte boot gleden we over het water, door niemand gestoord. We bleven zo ver mogelijk van de vogels, maar kwamen toch te dicht bij een donkere zwaan.

Haar jongen zagen we niet. Die moeten ergens in het riet hebben gezeten. We waren al weer tien, vijftien meter van de zwaan gevaren toen ze plotseling toch nog vaart nam, vlak boven het water naar ons toescheerde en een vrouw midden op onze boot, een praam, met een vleugel probeerde te meppen.

Ze ontliep haar aanval. De stuurman voerde de snelheid van het motortje op. Maar de zwaan kwam terug en nu moest hij dekking zoeken. De aanval mislukte opnieuw, het was weer stil.

We waren werkelijk geschrokken. Geen van ons had het eerder meegemaakt, maar een aanval van een zwaan was niet mis. Daarover waren we het eens.

De stuurman bukte zich. Op de bodem van de praam lag een vreemd voorwerp. Smal was het. Twee lange poten gingen over in een knop. Het ding was van hout. Met die twee benen had het wel iets van een mannetje. Was het speelgoed of werd het ergens anders voor gebruikt?

Niemand wist het. Pas later hoorden we dat het een ouderwetse knijper was. De smalle opening wordt over het hemd of de jurk en de lijn geschoven. Honderduit praatten we over de knijper. Hij was veel mooier dan die twee plankjes met dat ijzerdraadje en werd in West-Friesland nog overal gebruikt.

Nu hebben we het wel erg lang over die knijper, zei de stuurman. Het is dan ook een rustig ding. Die zwaan was echt gevaarlijk.