Het afval van de omwenteling

Wie mocht denken dat de vindingrijkheid van onze overheid in het verzinnen van verschillend gekleurde vuilnisbakken niet valt te overtreffen, dient zich met spoed vierhonderd kilometer oostwaarts te begeven, naar het alleszins onbekende oord Katlenburg. Daar ligt, opgetast tot een angstaanjagende belt, het culturele huisvuil van de voormalige DDR. De boeken, waar de omwenteling geen raad mee wist.

Dankzij het particuliere initiatief van een evangelische pastor en een handvol apostelen, die de stortplaatsen tussen Rostock en Leipzig afstropen om veilig te stellen wat er nog veilig te stellen is, zijn de boeken nu keurig gescheiden. Het gaat niet per stuk, het gaat per ton. En tachtig ton, de aanvoer van de afgelopen weken, verhogen nog eens de voorraad met meer dan honderdduizend boeken. Een geluk, dat zich onder de belijdende lidmaten een expediteur bevindt, wiens culturele geweten eveneens is opengesprongen, zodat dominee ze niet allemaal in zijn eigen bestelwagentje behoeft te verstouwen.

De DDR blijkt zich niet slechts van haar communisme te hebben afgekeerd, ze blijkt zich tevens te hebben ontdaan van haar totale verworvenheid aan wat er was geschreven, afgebeeld, gedrukt, uitgegeven. Alsof het radio-actief afval betrof, werd het stiekem weggekieperd: in hangars tussen roestende onderdelen van de vroegere volksarmee, totdat deze hallen aan een Beiers bierbrouwer werden verpacht, in heuse varkensstallen waarvoor zelfs de Treuhand geen andere bestemming had kunnen vinden, en voor een groot gedeelte ook op de gemeentelijke vuilstortplaats van Köningslitz bij Leipzig, waar dan eindelijk alarm werd geslagen.

Het gerucht bleef aanvankelijk tot de omgeving beperkt: je kon er Goethe in prachtband vinden, maar ook eigentijdse auteurs die in deze dagen zo druk buiten hun schrijftafel om met de maatschappij in de weer waren. De Leipzigers kwamen en raapten, maar ze moesten er wel snel bij zijn. Enige weken later liet de nieuwe directeur van de gemeentereiniging deze aartsgevaarlijke kernafval onder fris zand afdekken - laagje leggen, niemand zeggen. Het afval van de omwenteling voorgoed begraven, over een paar eeuw een puzzel voor archeologen. Tevoren was er nog een public-relationsbureau voor nodig geweest om de technocraten van de omwenteling ervan te overtuigen, dat hun voornemen de boekenschat massaal te verbranden, toch wat àl te negatieve reacties dreigde op te roepen.

Er kleven meer krankzinnige facetten aan het hele gebeuren. Hier en daar werd er wat over geschreven, doch nergens sloeg dit aan. Alles, wat het zegel van de voormalige DDR droeg, diende immers te worden uitgewist. Bovendien, de hele oude boekenproduktie was maar "ballast voor de markt', gebaseerd op het schandelijke systeem, volgens hetwelk de staat de aanmaak van boeken subsidieerde. De westelijke uitgevers, die deze markt hadden overgenomen, stelden als voorwaarde in Leipzig, het traditionele centrum voor de Duitse boekhandel, met "schoon papier' te kunnen beginnen. Opkopers waren er natuurlijk aangetreden, de grootste uit Nederland voorop, maar ze bleken te bieden op iets dat niet mocht bestaan, sterker, dat nooit hàd bestaan, zoals de hele DDR jarenlang een "niet-bestaand fenomeen' was geweest.

Totdat Martin Weskott opdook. Als predikant met het benaderen van niet-bestaande verschijnselen enigermate vertrouwd, wist hij, vergezeld door enkele ouderlingen, tot een der opslagplaatsen door te dringen, waar hem “Georg Büchner, Ernesto Cardinal, Leo Tolstoi, Arnold Zweig en Heinrich Mann smeekten te worden verlost”, zoals het in zijn "Brief aan de Evangelische Gemeente' suggestief staat beschreven.

Uiteindelijk verliep de verlossing geheel volgens de lijn, waarlangs in het hedendaagse Duitsland zo menige morele transactie commercieel niettemin verantwoord wordt afgewikkeld en die kan worden omschreven als de economisch-ethische concretisering van Kants "categorische imperatief'; dominee noemde het een gebod der zedelijkheid, dat hem de boeken zouden worden meegegeven - het Centraal Boekhuis van Leipzig dat de voogdijrechten over alle voorraden bleek te bezitten, antwoordde dat het mocht, mits de reinigingsrechten werden kwijtgescholden en de boeken nimmer in de verkoop zouden belanden.

Ook de rest is eigenlijk een zeer gelukkige samenloop van geestelijke en wereldlijke factoren. Weskott had zijn roeping, dit historisch erfgoed voor de ondergang te redden, nooit kunnen verwezenlijken, wanneer niet zijn gemeente hem - pastoraal hard werkend - op handen had gedragen. En er zou slechts weinig draagkracht voorhanden zijn geweest, indien de evangelische gemeente van Katlenburg niet de voormalige Cistercienser abdij als werkruimte ter beschikking had gestaan. Schuren waar desnoods de hele DDR in past, een gewelf waar vroeger de boeren hun tiende penning afdroegen, een kloosterkerk met twee gigantische hooizolders.

Sinds kort wordt hier de Dag des Heren tot dubbele feestdag verheven. Niet zodra is zondagochtend de godsdienstoefening afgelopen - verplichte kost, al was het maar uit respect -, of Martin Weskott werpt de zeshonderd jaar oude deur van het magazijn open en is het smullen geblazen. Koelte slaat je onder de kalkstenen bogen tegemoet en vooral verbijstering. Onafzienbare stapels op de pallets. Van de "Sportalmanak' tot de "Kunstlexicon' der DDR. Over "de bewapening van de Nationale Volksarmee' en "het toebereiden van Spijsijs'. Niet in enkele exemplaren, maar steeds in tientallen, honderdvoudig. Schitterend gellustreerde kinderboeken. Bijna alles, wat er de laatste jaren in de DDR aan bellettrie is verschenen. Kaarten, geografische en geschiedkundige beschrijvingen, kennis die verloren gaat tot ze straks als rariteit weer wordt gezocht. Veel vochtvlekken, ik moet onweerstaanbaar denken aan mijn vader die in het laatste oorlogsjaar, toen de Duitse razzia ons huis naderde, ijlings Troelstra's gedenkschriften in de tuin begroef, de gekromde banden kwamen pas na de bevrijding weer naar boven.

Aarzelend dienen zich de eerste belangstellenden aan uit de oude DDR, die nu de inwoners van de nieuwe deelstaten zijn geworden. Ze nemen mee, wat in hun boekhandel voorheen zo vaak was uitverkocht. Of nooit verkrijgbaar is geweest, zoals de "Instructie aan de Volkspolitie inzake niet-brandende fietsverlichting' (de hoofdcommissaris van Utrecht zou hiervan voor elke diender een exemplaar moeten bestellen).

Storm loopt het nog niet, daarvoor ligt Katlenburg in alle opzichten nog te exclusief. Duizenden boeken zijn er niettemin op het rechte pad weergekeerd. En, zegt Martin Weskott, de mensen hier in het dorp lezen meer dan ooit tevoren. Ze kunnen zich nu plotseling zelfs meer dan een twééde boek veroorloven. De auteurs van weleer zijn inmiddels eveneens op Katlenburg geattendeerd: Stefan Heym komt komende herfst "voorlezen' uit eigen werk, dat hij dus niet behoeft mee te nemen.

En kan ik mij in dit luilekkerland dan werkelijk gratis en voor niemendal tegoed doen?, hoor ik u nu vragen met het bezwaarde gemoed van de Nederlander die niets voor niets wil. Stel u gerust, Martin Weskott biedt ook u een uitweg uw geweten te ontlasten. Omdat hij op zich heeft genomen, niets te verhandelen en opkopers dus taboe blijven, schènkt hij eenvoudig het boek dat u wenst. En u schenkt hem vervolgens, naar rato van het gedrukte gewicht, even eenvoudig een, twee, vijf dan wel tien mark voor elk boek, dat u hebt geadopteerd - ten bate van de inrichting "Brot für die Welt'. Wederzijds het motto "zaliger te geven, dan te ontvangen'. En ook deze giften blijken plotsklaps aanzienlijk royaler uit te vallen dan bij de traditionele collectemethodes: de Derde wereld is er reeds vijftigduizend mark beter van geworden.

(Men bereikt Katlenburg, op de oude kaart nog net in de BRD aan de rand van de Harz gelegen, door via Northeim in de richting van Duderstadt te koersen. Er is een afslag van de Autobahn Kassel-Löttingen, maar veel aardiger is de rit binnendoor via Einbeck. Weskott blijkt niet al te streng in de leer: wie van verre komt, kan ook door de week bij hem terecht, als dominee niet op tournee is tenminste. Dus altijd even bellen: 09-49-5552-322. De pastor woont onder in het dorp, de schatkamer bevindt zich boven. De trap erheen telt 122 treden.)