"Dat ik onbekende kandidaat ben is niet per se een nadeel'

EMIL CONSTANTINESCU is de belangrijkste uitdager van Ion Iliescu, wanneer eind september de Roemenen een nieuwe president kiezen: de kandidaat van de oppositie en de kandidaat van de verandering.

DEN HAAG, 16 JULI. “Ik ben maar een simpele man die in een flat woont en een alledaags leven leidt”, zegt Emil Constantinescu. “Maar ik ben wel een simpele man die verandering wil. Een land kan niet rijk zijn als het individu niet rijk is, kan niet welvarend zijn als het individu niet welvarend is. Iliescu heeft in 1990 in Roemenië de presidentsverkiezingen gewonnen met populistische kreten, met demagogie en met beloften die niet zijn waargemaakt.” Ik wil verandering, zegt hij. “En ik wil de waarheid zeggen. Niet iets onmogelijks: de waarheid.”

Emil Constantinescu wil president van Roemenië worden. Als op 27 september de Roemenen een nieuw parlement en een nieuwe president kiezen neemt hij, geoloog, rector van de universiteit van Boekarest, een frêle, beminnelijke man van 52 met grijzend haar en een dito baardje en met een zeer expressief gezicht, het op tegen Ion Iliescu en tegen een handvol minder kansrijke rivalen.

Het was een hele verrassing, toen begin deze maand de zestien partijen van de oppositiecoalitie Democratische Conventie (CD) hem, prof. dr. Emil Constantinescu, als hun gezamenlijke presidentskandidaat aanwezen, en niet een veel bekendere CD-leider als Manolescu of Ion Ratiu. Emil Constantinescu? Vrijwel niemand had van hem gehoord, niemand buiten de kleine wereld van Boekarestse academici en intellectuelen. Emil Constantinescu was nooit opgevallen, was politiek een onbeschreven blad, had alleen ooit, tijdens de revolte van de mijnwerkers in 1990, een rolletje gespeeld. Maar dat is lang geleden en niet in brede kring bekend.

Het regende begin deze maand in de media van de oppositie even negatieve reacties. Het blad România Libera stuurde verslaggevers de straat op die passanten commentaar vroegen op de naam Emil Constantinescu; niemand kon iets zinnigs zeggen. Het blad Evenimentul Zilei speculeerde nog even dat het om een compromiskandidaat ging waarmee de CD afstand had genomen van de virulente anti-communistische retoriek van het verleden. Maar menige waarnemer kwam met Ion Cristoiu van Expres tot de conclusie dat de CD met deze keus “harakiri heeft gepleegd”.

Constantinescu zelf - even in Nederland, als gast van het CDA dat hem een Westeuropese rondreis aanbiedt om hem aan de politieke contacten te helpen die hij nog nodig zal hebben en die hem bijstaat in zijn campagne - tilt niet zo zwaar aan zijn onbekendheid. Hij is geen compromiskandidaat: “Ik pas in het profiel dat binnen de CD is gemaakt van de ideale kandidaat: ik spreek veel sociaal-economische groeperingen aan, ik ben onafhankelijk - ik ben geen lid van een partij -, ik heb na 1989 bewezenmanagementskwaliteiten te hebben, ik geniet professioneel prestige. Dat zocht men.” Het overtuigde 47 van de 67 kiesmannen die uiteindelijk de gezamenlijke kandidaat aanwezen.

En dat ik onbekend ben, is niet per se een nadeel, zegt Constantinescu, de meeste bekende politici in Roemenië zijn in negatieve zin bekend, onbekendheid kan een voordeel zijn voor wie een belangrijke partij achter zich weet: de liberale kandidaat voor het burgemeesterschap van Boekarest was zelfs bij de leiding van zijn eigen partij onbekend; toch werd hij gekozen. En ik krijg veel steun, zegt Constantinescu, van de leiders van de vakbondsfederaties, van de werkgeversorganisatie, van de kerk, van het onderwijs. De vakbond van onderwijzend personeel, zegt hij, heeft me vorige week gekozen tot voorzitter van de raad voor onderwijshervormingen. Bovendien, de campagne is pas twee weken bezig: “Ik reis rond, ik reis heel Roemenië door. Ik kom op de televisie. Men begint me te kennen.”

Maar of hij kansen heeft? Het is de vraag. Constantinescu is een innemend man, vriendelijk en bedachtzaam, verstandig. Hij is ook een intellectueel, geen politiek dier, geen gladde populist zoals Iliescu, de ex- of neo-communist die in 1990 met 85 procent van de stemmen werd gekozen en die bij de jongste opiniepeiling (gehouden voor Constantinescu's kandidatuur bekend werd) nog tot 30 procent van de stemmen kwama, twaalf procent meer dan de volgende op de lijst, Ion Ratiu. Maar Constantinescu gelooft niet in peilingen: “Peilingen worden gemanipuleerd en ik kan u daar voorbeelden van geven. Voor ons zijn de recente gemeenteraadsverkiezingen de beste opiniepeiling. De CD heeft in alle grote steden gewonnen. In Iasi, waar Iliescu lang partijchef is geweest, kreeg hij in 1990 negentig procent van de stemmen. Bij de burgemeestersverkiezing van dit jaar kreeg onze man er zestig procent.”

Het Roemenië van nu is niet meer het Roemenië van 1990, zegt Emil Constantinescu. “Het Westen heeft het Roemeense volk in zijn geheel de schuld gegeven van de verkiezing van Iliescu in 1990. Maar er was toen veel fraude en er waren loze beloften gedaan. De vraag is: waarom kozen de Roemenen een oud-communist? Omdat hij na december 1989 direct maatregelen had genomen, hij had de voedselverzorging verbeterd, de vrije zaterdag ingevoerd, abortus toegestaan, reisvrijheid toegestaan. Dat alles was toen elders in Oost-Europa al gerealiseerd, maar in Roemenië maakte dat veel indruk: iedereen had het gevoel persoonlijk iets te hebben gekregen, alles werd na veertig jaar afbraak en verval op de persoon Iliescu geprojecteerd: Iliescu ne-a dat, zei men: Iliescu heeft ons dat gegeven. Daarom koos men hem.”

Nu is de stemming anders, zegt de frêle non-politicus: Iliescu en zijn ploeg hebben teveel fouten gemaakt. “Iliescu is gevaarlijk, niet voor mij, maar voor het land, voor de democratie.” Maar, zegt Constantinescu, ik wil niet op de persoon spelen. “Het grote gevaar ligt elders, bij het scenario dat dreigt, bij de economische crisis die wordt gevolgd door een sociale crisis, die op zijn beurt een politieke crisis veroorzaakt en het land rijp maakt voor een totalitair ingrijpen.” Daarom, zegt Constantinescu, is de zaak van de democratie nu het belangrijkst, daarom is het tijd voor verandering. “En onze opdracht is te tonen dat reële verandering mogelijk is en dat we die zullen realiseren.”

Het is nog lang niet zeker dat dat lukt, want de oppositie tegen Iliescu is verdeeld. Constantinescu mag de steun hebben van zestien partijen, inclusief de belangrijke partij van de Hongaarse minderheid, maar Roemenië telt inmiddels 130 partijen, waaronder negen christen-democratische, vijf sociaal-democratische, zes liberale, veertien “nationale” en zes ecologische. En veel van die partijen komen met eigen kandidaten, zelfs de belangrijkste liberale partij, die uit de CD is gestapt omdat leider Radu Câmpeanu zelf graag president wil worden en die inmiddels in het etnisch verdeelde Transsylvanië een nogal bedenkelijke rol speelt door een vrijage met de aanhang van extreem-rechts. De anti-Iliescu-stem raakt aldus versnipperd.

Bovendien is het, zelfs al wordt Constantinescu gekozen, de vraag in hoeverre hij daadwerkelijke verandering kan afdwingen, want de macht van de president is relatief beperkt: hij staat boven de politiek, mag geen lid van een partij zijn. Constantinescu ziet dat evenwel niet als probleem, de president, zegt hij, heeft in Roemenië eerder teveel dan te weinig macht: “Het instituut van de president is in Roemenië als een soort Trojaans paard het democratische systeem binnengesmokkeld. De president heeft weinig macht in tijden van rust, maar veel in tijden van spanning. Ik heb zelf gezegd dat ik als president nog minder bevoegdheden wil.” Wat resteert is genoeg, zegt hij: “De president houdt het recht de directeur van de geheime dienst te benoemen en aldus binnen te dringen in de duistere macht van de oude Securitate die door Iliescu eerder is versterkt dan verzwakt. Hetzelfde geldt voor benoemingen bij justitie, waar nu alle processen, die licht kunnen werpen op de revolutie van 1989, worden tegengehouden of vertraagd.” Want laten we niet vergeten, zegt Emil Constantinescu, Roemenië is nog steeds geen rechtsstaat. Het is een van onze ergste misstanden.