Bloemen uit de vuilnisbak

Peter Kleijn wil de aandacht vestigen op problemen die hem zorgen baren, zoals het milieu. Daarom laat hij een koe in een aquarium met vissen plassen. Althans daar lijkt het op. Dit is de laatste aflevering in de serie Jonge Ontwerpers.

Werk van Peter Kleijn (1959) is van 18 juli t/m 31 augustus te zien bij Galerie Nik-Nak in Amsterdam, 1e Bloemdwarsstraat 5. Ma t/m za 11-18u. Inl 6231304. Tot die datum exposeert hij eveneens in de Queens Gallery, 15 Rue de Beautrilis, Parijs.

Op de tafels van Peter Kleijn kun je op het eerste gezicht nog geen kopje kwijt. Het tafelblad lijkt bezaaid met glazen, bloemen, en alle mogelijke rommel. Bij nader inzien blijken de glazen en bloemen niet echt te zijn: onder het glazen tafelblad ligt een foto.

Peter Kleijn verwerkt sinds 1990 foto's in hangvazen, trapversieringen en plantenbakken. Daarvoor deed hij van alles en nog wat: hij gaf Nederlandse les op een scholengemeenschap, werkte in een bibliotheek, maakte theatervoorstellingen en volgde twee jaar de fotovakschool. Binnenkort zijn zijn ontwerpen te zien bij galerie Nik-Nak in Amsterdam.

“Het lijkt lukraak, wat ik heb gedaan,” zegt hij. “Toch is mijn manier van werken altijd dezelfde gebleven. Bij de theatervoorstellingen begon ik met het decor en bedacht daarna de tekst. Nu maak ik eerst een foto en bedenk vervolgens een vorm waarin de foto past.”

De reisfoto's die Kleijn vroeger maakte en verkocht, schonken hem weinig voldoening. “Ze waren wel mooi maar tegelijk ook saai, ze misten een verband, ze waren duidelijk nog niet af.” Bij een buurtrenovatie plukte Kleijn een oud raamkozijn uit een container. Dit stond jaren op zolder toen hij een foto maakte van een uit het raam hangende vrouw. “Opeens combineerde ik de twee. Ik zette het raamkozijn voor de foto, waardoor de foto driedimensionaal werd. Voor inspiratie kijk ik naar Teun Hocks die op één vlak doet wat ik driedimensionaal probeer.”

Kleijn wilde met zijn foto's een meerwaarde geven aan dagelijkse voorwerpen. Hij maakte in het Vondelpark een foto van een vrouwenfiguur die boven haar hoofd een vaas met bloemen houdt. “Ik had een plastic u-map op mijn werktafel liggen, plakte de foto op de map en liet hem vol water lopen. Als je er bloemen in deed was het alsof de bloemen uit de vaas op de foto kwamen. Er pasten alleen gladiolen in want zo'n map is vrij diep.” De mappen bleken waterdicht en door een ophangsysteem ontstond de "hangvaas', waarvan Kleijn er zo'n tweehonderd maakte en aan bloemisten verkocht.

Later verving Kleijn plastic door plexiglas en maakte hij naast hangvazen, ook aquaria en bloembakken. Gebruiksvoorwerpen van plexiglas met een verwisselbare foto, dat klinkt als iets dat in massaproduktie kan worden genomen. “Misschien, maar ik denk niet dat mijn werk het als massaprodukt goed zou doen. Ik wil foto's gebruiken die niet direct kunst- of nieuwsfoto's zijn. De foto die ik maak is even belangrijk als het voorwerp dat ik ontwerp. De foto's zitten niet vast en zijn verwisselbaar, maar zonder een bepaalde foto verliest het ontwerp voor mij zijn kracht.”

Dat zijn werk binnenkort op de Franse design-beurs Moving in Parijs te koop is, benauwt Kleijn een beetje. Over de commerciële kanten van zijn werk heeft hij nog nauwelijks nagedacht. Tot nu toe blijkt er een bescheiden markt te bestaan voor zijn ontwerpen. “Ik wil geen duizend hangvazen maken, want het moet iets bijzonders blijven. Ik wil de aandacht vestigen op problemen die mij zorgen baren, zoals het milieu. Daarom groeien uit mijn vuilnisbakken bloemen en laat ik een gefotografeerde koe in een aquarium met vissen plassen. Ik noem mezelf "beeldend' fotograaf, maar soms zeg ik ook dat ik een fotograaf ben die van knutselen houdt.”