Vesting van rebellen in Zuid-Soedan valt

NAIROBI, 15 JULI. In het zuiden van Soedan is Torit, het hoofdkwartier van de guerrilla-leider in Zuid-Soedan, John Garang, gevallen. Garangs guerrilla-beweging, het SPLA, heeft gisteren toegegeven naar de buitenwijken van Torit te zijn verdreven.

Een woordvoerder van de Verenigde Naties in Nairobi waarschuwde dat de val van Torit vermoedelijk zou leiden tot de vlucht van duizenden burgers uit Zuid-Soedan naar het naburige Oeganda. In twee vluchtelingenkampen bij Torit zitten zo'n 150.000 mensen, die huis en haard hebben verlaten uit vrees voor de opmars van het hoofdzakelijk islamitische Soedanese leger. De bevolking van Zuid-Soedan is vooral Christelijk en animistisch.

Tegelijkertijd is volgens een woordvoerder van het SPLA het grootste deel van een andere strategisch belangrijke stad, Juba, in handen van de opstandelingen gevallen. Alleen op de luchthaven van Juba zouden zich nog regeringstroepen bevinden. Reizigers uit Juba spreken over hevige gevechten.

Na de aankondiging van de val van Torit gingen in de Soedanese hoofdstad Khartoum jubelende mensen de straat op met de leuze: “Nu hoeven we niet meer te onderhandelen”. De regering heeft in Nigeria al enige tijd vredesoverleg gevoerd met het SPLA.

Het Soedanese regeringsleger heeft de afgelopen maanden een groot offensief gelanceerd, waarbij zeker veertien plaatsen zijn veroverd op de opstandelingen. Het SPLA zegt dat het zijn toevlucht heeft genomen tot de klassieke mobiele guerrillastrategie, waarmee het in het begin van de jaren tachtig veel successen boekte.