Indurain wapent zich met acupunctuur tegen kil en koud klimaat

STRAATSBURG, 15 JULI. Indurain, Navarra est aqui stond er gekalkt op een groot spandoek bij de ingang van hotel Intercontinental in Straatsburg.

De wielerfans uit het Baskische dorp waren er gistermiddag massaal aanwezig om hun Tourheld te bejubelen. De bijna 28-jarige Spaanse vedette, die maandag explodeerde in de eerste lange individuele tijdrit, kon zich slechts met moeite een weg naar de receptie banen. Miguel Indurain zwaaide naar zijn landgenoten, maar als altijd was hij tamelijk ingetogen. Tegen de aanwezige pers gebruikte de kopman van Banesto de favoriete woorden van Joop Zoetemelk: “Pas op, de Tour is nog lang, Parijs is nog ver weg.”

Nee, herhaalde Indurain in Straatsburg, over de conditie van zijn benen maakte hij zich geen zorgen meer. In de eerste Tourweek waren die naar zijn zeggen soms “vervelend dik” geweest. Maar in de race tegen de klok in Luxemburg waren de dijen en kuiten weer ouderwets goed. Een golf van bewondering viel de Spanjaard dan ook gisteren nog ten deel.

Indurain deed nog een schepje bovenop alle verbazing door op te merken dat hij, als het heter weer was geweest, vast nog harder had gereden. “Het regende maandag niet, maar warm was anders.” De Baskische halfgod volgt dagelijks de klimatologische voorspellingen als geen ander. Hij is als de dood voor koude en neerslag. Verzorger Vicente Iza van de ploeg Banesto weet daar alles van. Als de donkere wolken zich 's ochtends samenpakken, haalt hij allerlei zalfjes en smeersels tevoorschijn om de toprenner tegen de ongemakken te beschermen. Een enkele keer maakt Iza gebruik van acupunctuur, waarmee hij Pedro Delgado al veelvuldig behandelt.

Met acu (naald) en punctura (doorprikken) - deze werkwijze heeft zijn oorsprong in India, maar de Chinezen verhieven haar in de tweede eeuw voor Christus tot wetenschap - probeert Iza het herstellende vermogen dat ieder (renners)lichaam bezit te stimuleren. Volgens het ACOM, het centrum voor Oosterse geneeswijze in Amsterdam, bedient men zich in het Westen met name voor pijnbestrijding van acupunctuur. Maar het voegt daaraan toe dat de naalden eveneens kwalen van psychische en fysieke oorsprong doelmatig kunnen wegnemen. Bij Indurain hanteert Iza deze methode - veel popsterren zijn ervan gecharmeerd - ook wegens zijn angst, de angst dus voor het soms barre klimaat.

Indurain is niet de eerste renner die een niet zo gebruikelijke weg kiest om goed gewapend ten strijde te kunnen trekken in het peloton. Velen gingen hem voor. Ze bezochten haptonomen, of homeopaten. Of à la de schaker Viktor Kortsjnoi een paragnost: in '85 ging Delgado voor zijn eindzege in de Spaanse Vuelta te rade bij Eufemiano Fuentes, een helderziende sportarts. Melchior Mauri (winnaar in 1991) volgde dat voorbeeld. De hulp die de Amerikaanse Tourcoureur Jonathan Boyer in 1983 inriep, had net als Iza de acupunctuur onder de knie. Het was de Koreaanse Kim Wha Ja uit Californië, die onder haar cliënten ook Clint Eastwood, Doris Day en Kim Novak telde. Drie keer per dag nam ze Boyer onder handen, om de spieren soepel te houden, de luchtwegen te verruimen en het uithoudingsvermogen te vergroten.

Dank zij die goede zorgen en een uitgekiend dieet (alleen kip, vis en gedroogd fruit) was Kim Wha Ja ervan overtuigd dat Boyer de Tour tot een goed einde zou brengen. Dat lukte niet. De Koreaanse zei daarop “versteld te staan”. Ze doelde op stimulerende middelen. Ze zag aan de gezichten wat ze allemaal namen, vertelde ze, “in de kortst mogelijke tijd worden ze daar gek van. Of hun hart en lever gaan naar de knoppen. Tegen zo'n bende kan Boyer onmogelijk met gelijke wapens strijden.”

Maar in de Tour van 1992, met zijn ongelooflijk hoge snelheden en met Indurain als absolute favoriet, is nog niemand op het gebruik van doping betrapt.