Regionale produkten beschermd tegen "nep'

BRUSSEL, 14 JULI. Producenten van voedselprodukten die specifiek zijn voor een bepaalde regio kunnen voortaan naamsbescherming aanvragen tegen namaak elders. Dat betekent dat regionale specialiteiten niet langer zomaar overal in de EG mogen worden gemaakt.

De Europese ministers van landbouw hebben daartoe gisteravond besloten, zeer tegen de zin in van minister Bukman. Volgens hem hoeft het Nederlandse bedrijfsleven niet te vrezen voor verlies van export, maar betekent het nieuwe systeem van een soort 'appellation controléé' voor levensmiddelen wel een onnodige en ongewenste uitbreiding van de Europese bureaucratie en regelzucht.

De bescherming van regionale spcialiteiten is een eis van de zuidelijke lidstaten van de EG. Zij wilden een regeling waarbij alle bestaande produkten voortaan zouden worden beschermd. Met Nederland wezen België, Denemarken en Groot-Brittannië zo'n vorm van “regionaal protectionisme” af.

Maar gisteravond maakte de Britse minister van landbouw Gummer duidelijk dat hij als kersverse voorzitter van de EG-landbouwraad een compromis wilde bereiken. Nederland, België en Denemarken waren daardoor niet meer in staat om besluitvorming tegen te houden.

Volgens de nieuwe regeling kunnen producenten van regionale specialiteiten bij een lidstaat een verzoek om bescherming in dienen. Dat gaat naar de Europese Commisie die vervolgens een officieel voorstel indient waarover alle landbouwministers moeten beslissen. Ook economisch belanghebbenden en consumentenorganisaties kunnen bezwaren indienen.

De regeling heeft geen betrekking op een produkt als Goudse kaas. Goudse kaas geldt, net als bijvooorbeeld Camambert, als een soortnaam en niet als een beschermde geografische banaming, zoals al decennia geleden werd vastgelegd in een internationaal verdrag. Het besluit kan wel gevolgen hebben voor de Denen die feta-kaas maken van koeiemelk. In Griekenland wordt van oudsher geitemelk gebruik voor van feta-kaas.