Onder koperblazers vindt men de meeste lolbroeken

Canadian Brass, Ned.3, 20.55-21.48u.

Aan aankomende musici op conservatoria schijnt men vaak al op het eerste oog te kunnen zien welk instrument ze spelen. Strijkers blijken meestal fijngevoeliger te zijn dan slagwerkers. En onder koperblazers vindt men meer lolbroeken dan onder houtblazers.

Dat laatste wordt bevestigd in het portret van het koperensemble "Canadian Brass' dat de NOS (een van de co-producenten) vanavond uitzendt. Tubaspeler Chuck Daellenbach, hoornist David Ohanian, trombonist Gene Watts en de trompettisten Fred Mills en Ron Romm houden wel van een little joke. Ze zijn niet te beroerd om voor de camera af en toe rare capriolen uit te halen. Daellenbach moet in een eindeloos herhaald motief op zijn laag klinkende tuba in een canon van Pachelbel voor het muzikale fundament zorgen. In kleermakerszit blaast hij schijnbaar verveeld zijn partij, ondertussen doet hij alsof hij bijna in slaap valt, en uiteindelijk laat hij zich vervangen door een toevallig voorbijkomende tuinman en luistert onder het genot van een glas champagne naar het geploeter van de overige musici.

De grappen zijn wat flauw, maar ze passen wel bij de videoclip-achtige montage waarmee regisseur Niv Fichman de vaart erin probeert te houden: close ups van glanzend koper, waarin van alles wordt weerspiegeld, vingers die driftig de ventielen bedienen, snel wisselende opstellingen in een fraai decor en met een zorgvuldige belichting.

Aardig zijn de oude amateurfilmpjes die ouders van enkele ensembleleden vroeger kennelijk van hun kroost maakten. De kleine Freddy Mills krijgt op zijn tweede verjaardag een speelgoedtrompetje cadeau. Maar hij keert angstvallig zijn hoofd weg en zet het op een huilen. Chuck Daellenbach tekent het woord "star' op zijn deur ter gelegenheid van een optreden in het amateurtoneel. Ron Romm liet als tiener zijn eerste "afspraakje' vastleggen in amateuristisch speelfilmpje.

Op die momenten wordt de muziek, die in vogelvlucht door de geschiedenis raast, een soort begeleidingsmuziek. Maar wel van goede kwaliteit. De musici beheersen hun grillige instrumenten opvallend goed, de arrangementen zijn met zorg gemaakt en het afwisselende muzikale programma gaat van Bach tot dixieland. Toch moet men een groot liefhebber zijn van het hoempa-achtige kopergeluid om na een half uur niet verveeld te raken. Bovendien spelen de "Canadian Brass' uitsluitend arrangementen van overbekende muziek. Er moeten toch componisten die voor zo'n ensemble willen schrijven.

Waarom treedt de NOS eigenlijk op als co-producent? Zou men er niet beter aan doen zelf een portret te maken van bijvoorbeeld het Fodor Kwintet, het Nieuw Ensemble of het Loeki Stardust Kwartet - om enkele ensembles uit het rijke Nederlandse muziekleven te noemen? Een muziekliefhebber zal zich nu wellicht afvragen, waarom hij geïnteresseerd moet zijn in van vijf van die Canadese belhamels.