Indurain schrijft historie

LUXEMBURG, 14 JULI. Eddie Merckx, Jacques Anquetil en Bernard Hinault, hun namen werden gisteren genoemd ter vergelijking met Miguel Indurain. De manier waarop de Spanjaard gisteren in de tijdrit in Luxemburg zijn zogenaamde concurrenten op grote achterstand zette, had historische betekenis. Want zelden zal een Tour-favoriet zo superieur een tijdrit hebben gewonnen.

De Spanjaard en Tour-winnaar van vorig jaar liet al de renners die met hem om de eindoverwinning menen te kunnen strijden, achter in wanhoop. Gianni Bugno, zijn grootste belager, verloor na 65 kilometer 3 minuut 41 seconden, maar kwam er nog genadig van af vergeleken met LeMond (4.04), Roche (4.10), Chiappucci (5.26) en Breukink (6.15). Indurain maakte al vanaf de eerste kilometers duidelijk dat hij zou winnen. Na twee kilometer bedroeg zijn voorsprong op Bugno al 8 seconden, na 22 kilometer al 22 seconden. En de voorsprong zou zich zich gestaag vergroten.

In de eerste 37 kilometer, met de wind in de rug, bereikte Indurain een gemiddelde van ongeveer 53 kilometer per uur. Pas na de beklimming van een bergje en veel tegenwind moest de Spanjaard gas terugnemen en bereikte hij op de eindstreep na 65 kilometer een moyenne van 49,038 kilometer. Hij finishte na 1 uur en 19 minuten en 74 honderdste seconde. Het werelduurrecord staat op naam van Francesco Moser die in januari 1984 op een open wielerbaan in Mexico 51.151350 in een uur reed. Merckx reed in 1972 49.431957.

Opvallend was niet alleen de kracht van Indurain, maar ook van zijn ploeggenoten De las Cuevas (tweede), Delgado (tiende) en Bernard (elfde). Gele truidrager Pascal Lino hield zich verrassend staande met een zesde plaats. De Fransman was op de Olympische Spelen van Seoul (1988) vierde op de achtervolging op de baan. Hij kan tijdrijden, maar gezien zijn prestaties in zijn vorige twee Tours was zijn tijd verrassend goed.

Bugno reed een gelijkmatige, doch teleurstellende race, gezien zijn ambities om de Tour te winnen. Hij had geen treffend antwoord op Indurains exhibitie. Maar op de vraag of Indurain voor hem misschien een renner van een andere planeet was, zei hij: “Hij is wel op weg.”