Kan deze finale niet opnieuw?

Een passagier die zonder kaartje hijgend het perron oprent. De beambte heeft het loket na een lange, werkzame dag gesloten en de laatste trein is een minuut tevoren vertrokken.

En de reiziger is teleurgesteld. Boos ook wel over het feit dat de dienstregeling wordt gehanteerd. Nooit eens soepel, waardoor een laatkomer, een bonafide reiziger toch, zijn bestemming nog kan bereiken. En al snel vindt hij medestanders die zijn teleurstelling met kruiwagenladingen komen ophalen en verwerken tot bestraffende commentaren.

Arme Casper van Dam. Hij zwemt op het verkeerde moment een fractie van een seconde te langzaam om de Olympische Spelen te halen. En huilt een zwembad vol omdat het zo verschrikkelijk is wat hem is overkomen. In de Volkskrant vertelde hij dat hij zijn olympische Audi een paar maal tegen de vangrail zou willen parkeren of het liefst nog op het parkeerterrein van het NOC-kantoor zijn frustraties van zich af zou willen schreeuwen. Een beetje vent gaat naar binnen, maar Casper roept "boe' op het parkeerterrein.

Terwijl in de Verenigde Staten een wereldrecordhouder door een overzichtelijke selectiemethode de Olympische Spelen op twee onderdelen mist, wordt in Nederlands altijd gepleit voor soepelheid.

Zelfs zwembondscoach Ton van Klooster schreeuwt mee in dat koor door na de afwijzing van Van Dam te zeggen: “Het zou van inzicht en flexibiliteit hebben getuigd indien het NOC nu had gezegd: Okay, laat die zwemmer maar wel gaan.” Van Klooster die de selectieprocedure met het NOC heeft afgesproken. Omdat je op een gegeven moment zaken moet doen had hij zich er maar bij neergelegd. Achteraf had hij soepelheid verwacht, zoals ze dat ook bij de zwembond doen. Eerst boos en bikkelhard, dan boterzacht als er besluiten moeten vallen.

Ooit zal het zover komen dat een pupil van Van Klooster in de olympische finale als vierde aantikt, uit het bad klimt en de juryvoorzitter uitlegt dat ie een lelijk golfje chloorwater in zijn oog kreeg in de laatste meter waardoor hij net verkeerd uitkwam met zijn arm. En dat die finale eigenlijk opnieuw moet worden gezwommen, want dat je zoiets belangrijks toch niet op het toeval van één wedstrijd mag laten aankomen. En Van Klooster zal zeggen dat hij als bondscoach weliswaar de reglementen heeft onderschreven, maar dat hij in dit geval soepelheid en flexibiliteit van de jury had verwacht.