ANC en regering bestoken elkaar met memorandums; Impasse Zuid-Afrika verhuist woensdag naar New York

JOHANNESBURG, 13 JULI. In Zuid-Afrika woedt een memorandum-oorlog. Nu de onderhandelingstafel na het bloedbad in Boipatong op 17 juni verlaten is, sturen de regering en het Afrikaans Nationaal Congres elkaar stukken vol verwijten, beschuldigingen en propaganda. Ze wachten wie de eerste stap zet om uit de politieke crisis te raken.

Officieel wordt er niet gepraat. ANC-leider Nelson Mandela weigerde deze week opnieuw een gesprek met president De Klerk. Eerst moet de regering voldoen aan de ANC-eisen: de beteugeling van het geweld in de zwarte woonoorden, een onafhankelijk internationaal onderzoek naar de moord op 39 mensen in Boipatong en het loslaten van het principe van “machtsdeling” in een nieuwe grondwet - wat volgens de beweging niets anders betekent dan het aan de macht blijven van de blanke minderheid via de achterdeur.

Achter de schermen gebeurt meer. ANC-secretaris-generaal Cyril Ramaphosa en minister Roelf Meyer (grondwetszaken) hadden donderdag een ontmoeting. Als men Ramaphosa mag geloven ging het alleen over de bezorging van de memorandums, maar het lijkt ondenkbaar dat de twee belangrijkste adjudanten van Mandela en De Klerk naast het lokale bestelwezen niet even de politiek hebben aangestipt. Beide partijen hebben immers geen alternatief voor onderhandelingen.

De Zuidafrikaanse impasse verhuist woensdag naar New York. De Veiligheidsraad van de Verenigde Naties hoort daar op aandrang van Afrikaanse landen onder anderen minister Pik Botha van buitenlandse zaken en Nelson Mandela. Het moet uitmonden in internationale betrokkenheid bij het Zuidafrikaanse conflict. De meest waarschijnlijk vorm is het sturen van VN-waarnemers naar de townships, waar aanhangers van ANC en Inkatha elkaar bestrijden en de politie door de zwarte bevolking verdacht wordt van het opstoken van het geweld.

De regering heeft de inmenging van de VN verwelkomd. Voor het blanke bewind is dat een opvallende koerswijziging. Tot nu toe wilde De Klerk niet weten van internationale bemoeienis, wat te verklaren is uit de Afrikaner eigenzinnigheid - wij kunnen onze eigen zaken regelen - en de afkeer van de VN, die Zuid-Afrika in het apartheidsverleden achtervolgden met sancties en afkeurende resoluties. Over de speciale VN-missie van de Amerikaanse oud-minister Cyrus Vance naar Zuid-Afrika bestaat nog onduidelijkheid. De regering wilde Vance vóór het debat in de Veiligheidsraad ontvangen, maar het ANC wilde wachten.

De aanvallen over en weer gaan voort, lijfelijk in de townships, verbaal in de politiek. President De Klerk weet in zijn memorandum de crisis in het land aan de ANC-plannen voor massa-acties en hamerde op de invloed van de communistische partij en de radicale vakorganisatie Cosatu op het ANC, die leidt tot “ultimatum- en polarisatie-politiek”. Hij stelde de vraag of het ANC niet de gijzelaar is geworden van deze bondgenoten, die “gedateerde communistische doctrines en doelen nastreven”. De ANC-overtuiging dat de regering het geweld tussen zwarten bewust aansteekt noemt De Klerk “een leugen, hoe vaak zij ook wordt herhaald”.

Het ANC beschuldigde in zijn memorandum De Klerk van “feitelijke onjuistheden, verdraaiingen en schaamteloze partijpolitieke propaganda”. Het document noemt een groot aantal voorbeelden van betrokkenheid van leger en politie bij het geweld en moorden op ANC-activisten en samenwerking tussen politie en de Zulu-beweging Inkatha, wier aanhangers verantwoordelijk worden gehouden voor het bloedbad in Boipatong. De Klerk is als staatshoofd verantwoordelijk, meent het ANC, omdat hij verzuimt op te treden tegen de daders. Dat klinkt al gematigder dan vlak na Boipatong, toen De Klerk op posters en door volkstribunalen als moordenaar werd aangewezen.

Het constitutionele debat komt intussen niet veel verder. De Klerk deed enige toezeggingen, zoals een Senaat op basis van evenredige vertegenwoordiging, zonder vetorecht voor minderheden, en een 70-procents meerderheid voor beslissingen over de nieuwe grondwet waar het ANC eerder mee instemde, maar de tegenpartij ging er nauwelijks op in. De sfeer in de achterban is strijdlustig en de voorbereiding voor de algemene staking vanaf 3 augustus loopt.

Volgens uitgelekte documenten woedt binnen de alliantie van ANC-communistische partij-Cosatu een discussie over de strategie. De meest radicale stroming, die niet meer gelooft in het onderhandelingsproces, pleit voor de "Leipzig-optie': het wegjagen van het regime met massabetogingen naar Oostduits voorbeeld. Al die groepen moet Mandela bij elkaar houden, en de aangekondigde campagne van massa-acties kan daarbij als ventiel dienen.

De enige kracht die in Zuid-Afrika zelf nog als arbiter fungeert is de commissie-Goldstone. Deze onderzoekt voorvallen van geweld en intimidatie en geeft doorgaans ieder zijn deel. Vorige week maakte rechter Goldstone bekend geen enkel bewijs te hebben gevonden voor de betrokkenheid van regering of hooggeplaatste leger- en politiefunctionarissen bij het geweld in Boipatong, waarmee hij de beweringen van het ANC ondergraaft. Tegelijk veroordeelde hij de regering, omdat zij niets heeft gedaan met zijn aanbevelingen om de arbeiderspensions die het centrum vormen van het geweld in de townships te bewaken en de “culturele wapens” van Inkatha-aanhangers te verbieden en af te pakken. President De Klerk heeft inmiddels “nieuwe initiatieven” beloofd. Hij is aan zet.