Ontslagen olieconcerns slecht voor Bush

ROTTERDAM, 11 JULI. De aankondiging door drie middelgrote Amerikaanse olieconcerns afgelopen donderdag, dat zij hun personeelsbezetting met 10 tot 15 procent moeten inkrimpen, reflecteert de teruggelopen resultaten van de laatste tijd in de oliesector. Vooral in de Verenigde Staten gaan de zaken slecht, als gevolg van de lage olie- en aardgasprijzen, maar ook in andere werelddelen stagneert de vraag naar geraffineerde brandstoffen als gevolg van de economische recessie.

In totaal verdwijnen bij de drie concerns 11.600 banen, vooral in grote steden als Chicago en Los Angeles, door een dramatische achteruitgang van de winst, vooral in het eerste kwartaal van dit jaar. Dat komt president Bush, die ooit in Texas als olie-expert carrière maakte en nu in zijn verkiezingscampagne desperaat streeft naar verbetering van de nationale economie en meer werkgelegenheid, heel slecht uit.

De American Oil Company (Amoco) in Chicago, in omvang het vijfde olieconcern van de Verenigde Staten, kondigde donderdag een personeelsvermindering met 8.500 werknemers aan, ofwel 15 procent van het totaal aantal werknemers (ruim 54.000). Amoco wil 800 miljoen dollar reserveren voor de kosten van een herstructureringsprogramma. Het overgrote deel van de inkrimping wordt gerealiseerd door vervroegde pensionering, maar een nog onbekend aantal werknemers zal worden ontslagen. De directie wil de jaarlijkse produktiekosten met 600 miljoen dollar verminderen en de investeringen gaan volgend jaar met maar liefst 12 procent omlaag, tot 3,3 miljard dollar.

Ook bij Unocal in Los Angeles is inkrimping op korte termijn het devies om weer tot betere resultaten te komen en de aandeelhouders te vriend te houden. Unocal moet een deel van zijn activiteiten afstoten, onder druk van de krappe marges in de raffinagesector en een gedaalde vraag naar olieprodukten. In vijf jaar wil het bedrijf zijn schulden die nu 4,6 miljard dollar belopen, met 1,5 miljard dollar verminderen. De hele operatie zal een vermindering met 1.100 banen met zich meebrengen.

Pag.13: Winning van energie in VS loopt sterk terug

Mobil, een van de grootste Amerikaanse concerns, met raffinaderijen en verkooppunten in het hele land en activiteiten in bijna 100 andere landen, wil tegen het eind van dit jaar 2.000 banen of bijna 10 procent van het huidige personeel in de VS, schrappen. Investeringen worden hier eveneens met tien procent verlaagd tot 5,4 miljard dollar.

Behalve van de slechte conjunctuur en de ongunstige prijsverhoudingen, die in bijna alle sectoren van het oliebedrijf diepe sporen trekken, hebben de Amerikaanse concerns te lijden van een teruggang in de exploratie en winning van olie en gas in eigen land. Ook dat hangt samen met de olieprijs die na afloop van de Golfoorlog ruim een jaar beneden de 20 dollar per vat lag en zich pas de laatste maanden heeft hersteld. Tegelijkertijd moeten de oliemaatschappijen veel geld uitgeven aan milieuvoorzieningen. Shell Oil, de Amerikaanse dochtermaatschappij van de Koninklijke/ Shell Groep, is de afgelopen twee jaar geplaagd door omvangrijke milieuclaims en zag zijn winst dramatisch dalen. Ook bij Shell Oil wordt een reorganisatie doorgevoerd die vele duizenden banen kost.

Niet alleen zijn de milieuvoorschriften voor raffinaderijen verscherpt, ook stelt de Amerikaanse overheid in het kader van de "Clean air Act' steeds scherpere eisen aan brandstoffen. Het produceren van schonere benzine, dieselolie, kerosine, huisbrandolie en andere produkten vergt hoge investeringen.

In de Golf van Mexico, een van belangrijkste winningsgebieden in de VS, werden in 1991 maar 670 boringen verricht, 35 procent minder dan het gemiddelde van de laatste jaren. De drastische verlaging van het investeringspeil belooft voor dit jaar weinig goeds. Alleen door een aanhoudend hogere olieprijs kan enige verbetering worden bereikt. Volgens experts in de gasindustrie is een herstel van de aardgasprijs echter nog niet te verwachten.

Geleidelijk aan lopen de economisch winbare oliereserves in de Verenigde Staten terug, zoals in de meeste gebieden buiten het Midden-Oosten. Het Internationaal Energie Agentschap in Parijs, de organisatie van Westerse olie-importerende landen en Japan, voorspelt dat de afhankelijkheid van de vooral de Golfregio sterk zal toenemen. Amerika importeert nu al ongeveer de helft van zijn ruwe oliebehoefte en dat aandeel zal de komende jaren verder toenemen als de regering geen drastische stappen om de olie- en gaswinning in bij voorbeeld Alaska en voor de kusten van Californië en in het Oosten te bevorderen. Maar ook Washington is gevoelig voor de sterke milieulobby, die in het Congres veel steun ondervindt.

Grote multinationale olieconcerns als Shell, Exxon, Chevron en Mobil spelen op deze factoren in. Ze kunnen zich, makkelijker dan hun kleine concurrenten, veroorloven hun activiteiten en investeringen van Amerika te verleggen naar het Verre Oosten, Rusland, Zuid-Amerika en wellicht in de toekomst naar het Midden-Oosten.

Netto-winsten Amerikaanse olieconcerns

................ 1991............... eerste kwartaal

.............$ mln.......%.............$ mln.......%

.....................................................

Amoco........1.494.....-22..............234.......-52

Mobil........1.929....gelijk............127.......-82

Unocal..........79.....-83...............23.......-61