NOS stemt in met plan d'Ancona om te korten op de omroeporkesten

HILVERSUM, 11 JULI. Het bestuur van de NOS heeft gisteren met een grote meerderheid besloten tien miljoen gulden te bezuinigen op de omroeporkesten van het omroepproduktiebedrijf NOB. Dat geld wordt besteed aan meer drama en film op tv. Het bezuinigingsvoorstel zal als een gezamenlijk advies van NOS en NOB worden uitgebracht aan minister d'Ancona (WVC), op wier verzoek het is opgesteld.

De vakbonden, die vrezen dat als gevolg van de bezuiniging tachtig tot honderd musici zullen worden ontslagen, hebben harde acties aangekondigd tegen het besluit. Een door de VPRO georganiseerde serie concert van het Radio Kamerorkest, die gisteravond begon in het Amsterdamse Concertgebouw, werd echter ontzien, omdat de VPRO als enige omroep in het NOS-bestuur tegen het plan stemde. Verleden week zag het er nog naar uit dat een kleine meerderheid van de omroepen binnen het bestuur van de NOS, dat ook een aantal kroonleden telt, het concept-bezuinigingsvoorstel zou afkeuren.

De leiding van het Muziekcentrum van de NOB had een heel ander plan aan de NOS voorgelegd om beter èn goedkoper te werken bij de omroeporkesten. Daarbij zou niet worden bezuinigd op de orkesten, maar op de bemanning van de muziekafdelingen van de omroepverenigingen, die de zendtijd op Radio 4 vullen. Volgens artistiek leider Edo de Waart, die eerder bezuinigen op de orkesten onaanvaardbaar noemde, en directeur Ben Janssen kan door een integratie van de muziekafdelingen van de omroepverenigingen tot één gezamenlijke zenderredactie zelfs iets meer dan 29 miljoen worden bezuinigd.

Over de manier waarop de bezuiniging van tien miljoen binnen het Muziekcentrum zal worden gerealiseerd, moet nog overleg plaatsvinden tussen NOS, NOB en het ministerie van WVC. Volgens de NOS “staat het niet bij voorbaat vast dat een orkest moet worden opgeheven”. Het NOS-bestuur zegt verder dat de herverdeling van de gelden voor cultuur binnen de omroep “past in het streven naar versterking van de publieke omroep”.

Minister d'Ancona had de omroep gevraagd te bezuinigen op de orkesten en meer te besteden aan drama en film op tv omdat zij vindt dat de publieke omroep op het gebied van de symfonische muziek in de pas moet lopen met haar onlangs door de Tweede Kamer gefiatteerde landelijke kunstbeleid. Daarin krijgt de symfonische muziek een minder prominente plaats. Ook volgens de NOS wordt nu binnen de cultuurbegroting van de omroep disproportioneel veel gespendeerd aan de orkesten.

Het huidige budget van het Muziekcentrum, waarin de vier opmroeporkesten en het Groot Omroepkoor zijn ondergebracht, bedraagt 55 miljoen gulden. De omroeporkesten, het Radio Filharmonisch Orkest, het Radio Symfonie Orkest, het Radio Kamerorkest, het Metropole Orkest en het Groot Omroepkoor, hebben 284 musici in dienst. Enkele jaren geleden is al het Omroeporkest opgeheven.

Het ministerie van WVC zegt dat een definitief besluit over de omroeporkesten nog enige tijd op zich zal laten wachten. De minister moet daarover nog advies vragen aan de Raad voor de Kunst en de Mediaraad. VPRO-directeur Hans van Beers, die voorzitter is van de afdeling muziek van de Raad voor de Kunst, zal ook bij de besluitvorming van het advies van de Raad voor de Kunst zijn al eerder ingenomen standpunt verdedigen, dat de structuur van de muziekproduktie binnen de omroep niet moet worden afgebroken maar juist versterkt. Volgens hem dient er in enigerlei vorm een zelfstandige redactie te komen voor de zender Radio 4. De VPRO heeft ook grote bezwaren tegen de ondoorzichtige besluitvorming over de omroeporkesten.

Martin Kothman, bestuurder van de Kunstenbond FNV, kondigde gisteren aan dat de acties van de musici na de vakanties een hard karakter zullen krijgen. Half augustus zal de door de NOS georganiseerde "Internationale dirigenten masterclass', waaraan het Radio Symfonie Orkest meewerkt, worden getroffen door “serieuze werkonderbrekingen en/of stakingen”.

Verleden week hadden nog ruim honderd prominente vertegenwoordigers van de Nederlandse muziekwereld in een brief een dringend beroep gedaan op de NOS om niet te bezuinigen op de musici, maar veranderingen aan te brengen in de “totaal achterhaalde structuur van de Nederlandse omroep, die ervoor verantwoordelijk is dat Nederland de meest onderontwikkelde muziekzender van Europa heeft”. Volgens de briefschrijvers, onder wie Edo de Waart, Bernard Haitink, Reinbert de Leeuw, Peter Schat, Frans de Ruiter, Jan van Vlijmen, Hans Vonk, Pierre Audi, Hartmut Haenchen en Gustav Leonhardt, betekent de bezuiniging op de omroeporkesten “een onherstelbare verarming van onze muziekcultuur”.