Nieuwe krachtmeting PRD en PRI in explosieve provincie Michoacán; Test voor Mexicaanse democratie

In twee staten van Mexico hebben morgen verkiezingen plaats voor het gouverneurschap en de lokale volksvertegenwoordiging. Ze worden gezien als een democratische test voor het onder president Salinas snel moderniserende land.

MORELIA, 11 JULI. De inschrijvingen voor het XIXste Gitaarfestival zijn geopend en kandidaten kunnen in het gemeentehuis van Paracho hun instrument laten waarmerken. Maar burgemeester José Lus Esquivel Zalpa heeft momenteel wel iets anders aan zijn hoofd dan het snaarinstrument dat het enkele tienduizenden inwoners tellende dorp in de bergstreek van deze Centraal-Mexicaanse staat beroemd heeft gemaakt. Behalve voor gitaar staat Paracho ook voor PRD, de linkse oppositionele Revolutionaire Democratische Partij, die in Michoacán zijn thuisland heeft.

Burgemeester Esquivel laat geen misverstand bestaan over zijn politieke kleur. Van de regerende Institutionele Revolutionaire Partij (PRI) moet hij niets hebben. Niet het portret van Michoacáns gouverneur Genovevo Figuero of van president Carlos Salinas de Gortari hangt achter hem in zijn werkkamer in het gemeentehuis van Paracho, maar dat van Cuauhtémoc Cárdenas, de leider van de PRD.

In 1988 was Cárdenas bijna gekozen als president, ware het niet dat de machinaties van de PRI Salinas aan een nipte zege hielpen. Sindsdien gaat het landelijk niet goed met de PRD. De populariteit van Cárdenas en andere bekeerde priistas van de PRD is aan slijtage onderhevig. Niet in Paracho, zegt burgemeester Esquivel ferm, “hier is het tegendeel het geval”.

Andermaal koersen PRD en PRI op een krachtmeting aan in Michoacán als daar morgen verkiezingen worden gehouden voor het gouverneurschap en achttien lokale volksvertegenwoordigers. Tegelijkertijd hebben verkiezingen plaats in de aan Texas grenzende staat Chihuahua, waar de andere oppositiepartij, de ter plaatse sterke, rechtse Nationale Actiepartij (PAN), zal proberen het gouverneurschap te veroveren.

Beide verkiezingen ontstijgen het lokale belang. Alom worden de gebeurtenissen in Michoacán en Chihuahua gezien als een test voor het democratische gehalte van het onder president Salinas snel moderniserende Mexico. Zal de PRI een eventuele overwinning van de PAN in Chihuahua en van de PRD in Michoacán "toestaan', zo luidt de klemmende vraag.

In Chihuahua neemt de 41-jarige voormalige burgemeester van Ciudad Juárez, Francisco Barrio, het namens de PAN op tegen zijn oud-collega Jesús Macias. Zes jaar geleden deed Barrio een poging het gouverneurschap te veroveren, maar werd hij door verkiezingsfraude van zijn overwinning beroofd. Dat was toen. Sindsdien heeft Mexico in de noordelijke deelstaat Baja California zijn eerste en enige gouverneur van een oppositiepartij gekregen, eveneens de PAN. Ideologisch sluit de PAN goed aan bij het naar eigen zeggen sociaal-liberale hervormingsbeleid van president Salinas, en waarnemers speculeren dan ook op een tweede "concessie' van president Salinas aan de PAN.

Dat zal in Michoacán niet het geval zijn. Het PRD-bolwerk heeft een roerige, recente politieke geschiedenis achter de rug. In 1988, met de "gestolen' verkiezingsoverwinning van Cárdenas, en bij plaatselijke verkiezingen in 1989 en 1990 leidde de stembusuitslag tot massale protesten van de bevolking. Gemeentehuizen werden bezet, wegen geblokkeerd. Nog geen twee dagen na de gemeenteraadsverkiezingen in 1990 rolden tanks van het federale leger door de straten van Michoacáns steden en dorpen.

De bezorgdheid van Paracho's burgemeester Esquivel is duidelijk. “Het leger heeft zijn komst al aangekondigd en dat is een slechte zaak, want het leger heeft geen goed imago bij het volk”. PRD-leider Cárdenas beschuldigde het leger er deze week van met de massale inzet van troepen de kiezers in Michocán te willen intimideren. In een communiqué liet de commandant van de in de hoofdstad Morelia gelegerde 21ste brigade weten, dat het leger slechts het bewaren van orde en vrede op het oog heeft. Bovendien, zo voegde het ministerie van defensie er fijntjes aan toe, bij de verkiezingen in 1986 hebben we dat ook gedaan, op verzoek van de toenmalige PRI-gouverneur van Michoacán: Cuauhtémoc Cárdenas.

Vrede is dezer dagen het meest gebruikte en misbruikte woord in Michoacán. Alom wordt een herhaling gevreesd van de gebeurtenissen in voorbije jaren, en de partijen beschuldigen elkaar openlijk van het beramen van gewelddadige acties. Inwoners van Morelia hebben witte strikjes aan de spijlen voor hun ramen gebonden om zo hun verlangen naar een vreedzaam verloop van het stembusproces aan te geven.

Al weken voor de verkiezingen beschuldigde de PRD de PRI ervan te knoeien met de kieslijsten. Burgemeester Esquivel schat dat van de ongeveer 8.000 stemgerechtigden in zijn gemeente twee procent niet bestaat, vijf procent wel een oproepkaart heeft, maar niet op de lijst staat en tien procent nooit een oproepkaart heeft gekregen.

Niet iedereen in Paracho heeft nog het oude cardenistische vuur in zich dat Michoacán in 1988 deed ontbranden. Gerardo Jiménez, een 50-jarige beroepschauffeur, heeft evenals vele van zijn collega's stickers van PRI-kandidaat Eduardo Villaseñor Peña op zijn voertuig geplakt. Op het centrale plein van Paracho, even buiten gehoorsafstand van het gemeentehuis, zegt hij: “De PRD heeft veel kracht verloren de afgelopen jaren. Daarom bereiden ze nu geweld voor. Wat heeft de PRD voor deze gemeente gedaan? Niets. Alle werken hier zijn uitgevoerd met geld van Solidariteit.”

Het federale programma voor de verbetering van Mexico's infrastructuur, Solidariteit, is een van de belangrijkste politieke factoren van de afgelopen jaren. In ijltempo heeft president Salinas sinds zijn installatie in 1988 door heel Mexico wegen, rioleringen, elektriciteit, sportvelden, etcetera laten aanleggen. Ook, en vooral, in door de oppositie gedomineerde plaatsen als Paracho. Burgemeester Esquivel erkent: “Er is hier door Solidariteit voor 2,4 miljoen gulden aan projecten ondernomen. Maar wij staan niet toe dat daar een politieke kleur aan wordt gegeven”. Dat laatste lijkt ijdele hoop. De band tussen het overheidsprogramma Solidariteit en de PRI is een stevige. “Het is allemaal een beetje verdacht”, zegt een 35-jarige onderwijzer in Paracho, “een paar weken voor de verkiezingen wordt het modderpad hier verderop ineens bestraat.”

Voor de PRD en zijn kandidaat voor het gouverneurschap, Cristóbal Arias, staat er veel op het spel morgen. Een nederlaag zou wel eens het einde van de linkse oppositiepartij kunnen betekenen, en ruim baan voor Salinas en de meer loyale oppositie van de PAN. Een in opdracht van het PRD-gezinde dagblad La Jornada gehouden opiniepeiling voorspelde deze week een overwinning van de PRI met 44 procent van de stemmen. De PRD zou volgens deze peiling niet meer dan 14 procent behalen, terwijl 22 procent van de kiezers nog geen keus had bepaald.

De verkiezingen in Michoacán en Chihuahua zullen eerlijke verkiezingen zijn, zo heeft president Salinas beloofd. Zelfs met één stem verschil zal de winnaar winnen. Er is hem veel aan gelegen om het op dit gebied slechte imago van zijn land te verbeteren, vooral naar de Verenigde Staten toe. Volgende week is hij de gast van president Bush bij een honkbalwedstrijd in San Diego, waar naar verluidt tijdens de innings de laatste hand zal worden gelegd aan het voor beide landen belangrijke vrijhandelsakkoord.

Dan wil Salinas niet hoeven te praten over de bevindingen van de tweehonderd waarnemers die het Centrum voor Democratie, van de oud-president van de VS, Staten, Jimmy Carter, tot ongenoegen van de gevoelige Mexicaanse autoriteiten, heeft gestuurd.