Groninger raadslid stelt zijn beloofde ontslagbrief uit

GRONINGEN, 11 JULI. Het Groninger PvdA-raadslid Y.H. Gietema (50) kondigde drie maanden geleden aan uit de raad treden, maar de gemeente heeft nog steeds geen ontslagbrief ontvangen. Gietema trad begin april wel af als wethouder van cultuur en ruimtelijke ordening, nadat bekend was geworden dat Groningen een miljoenenstrop had geleden ten gevolge van wanbeleid bij de Gemeentelijke Kredietbank. Gietema was hiervoor niet direct verantwoordelijk, maar legde zijn functie neer omdat hij dat “politiek noodzakelijk” vond.

Voor het begin van het raadsdebat over de GKB-affaire zei de scheidende wethouder: “Zodra mijn opvolger is benoemd, zal ik mijn raadslidmaatschap beëindigen”. Probleem is echter dat zijn opvolger, H. Spoeltman, niet beëdigd kan worden zo lang Gietema officieel nog raadslid is. Gesprekken met de PvdA-fractievoorzitter en het afdelingsbestuur hebben echter geen ontslagbrief opgeleverd.

Inmiddels zit de PvdA behoorlijk met de situatie in zijn maag. Gietema bezoekt geen enkele raadsvergadering en heeft geen contact met zijn fractiegenoten. De partij heeft praktisch gezien een zetel minder, nu zijn opvolger niet beëdigd kan worden.

“Heel vervelend”, vindt fractievoorzitter A. Timmerman. In de krant las ze met verbazing dat haar fractiegenoot op eigen houtje schriftelijke vragen aan het college van B&W had gesteld over de vestiging van de Noordelijke hoofddirectie van Rijkswaterstaat in Leeuwarden. “Een opmerkelijke actie voor iemand die verder niet actief is”, oordeelt ze. “Wij hebben onze collegeleden precies dezelfde vragen gesteld in een fractievergadering.”

Waarom Gietema zijn ontslagbrief niet schrijft is haar een raadsel. Gietema zegt dat zijn partij geduld moet hebben. Zijn ontslagbrief zal hij zeker schrijven, maar “ik kies mijn eigen tijdstip. Ik hou me altijd aan mijn afspraken, maar men maakt er een tafereel van. Men moet zich niet zo druk maken. Er is geen termijn voor het schrijven van een ontslagbrief.”

Gietema zegt dat zijn houding niet te maken heeft met het uitblijven van een "net en waardig' afscheid binnen de partij, zoals Timmerman en burgemeester H. Ouwerkerk beweren. De laatste vermoedt dat zijn partijgenoot iets meer waardering bij zijn partijgenoten had verwacht voor zijn vertrek en op een nette manier zijn veertienjarig markant wethouderschap had kunnen afronden.

Ouwerkerk: “Gietema is een emotioneel man. Jarenlang heeft hij zijn ziel en zaligheid in het besturen van de stad gelegd. Hij kan er niet toe komen om die laatste stap te zetten. Je kunt spreken van een zekere bokkigheid.”

Ouwerkerk is van mening dat Gietema's houding hemzelf, de partij, maar ook de stad schade berokkent. “Het is jammer voor hemzelf. Als je in de raad verklaart dat je plaats zal maken voor een ander, maar je doet het niet, houdt iedereen dat bij. Zeker bij zo'n bekend bestuurder als hij. Iedereen heeft er zijn gedachten over. Het is ook niet goed voor de stad Groningen die met dit soort verhalen weer in het nieuws komt.”

De burgemeester had willen laten uitzoeken of een mondelinge aankondiging juridisch gelijk staat aan het schrijven van een ontslagbrief. Maar van dat idee is hij afgestapt: “Ik wil niet fungeren als breekijzer. Bovendien is het geen taak van de burgemeester iemand te bewegen als raadslid te bedanken”.