Amev blijft in landelijk vastgoed; Landbouwkringen zien niets in een groot landbouwbedrijf

NUMANSDORP, 11 JULI. De verwachte prijsdalingen in de landbouw, onder meer als gevolg van EG-maatregelen, zijn voor verzekeringsmaatschappij Amev Nederland NV geen reden om zich terug te trekken uit het landelijk vastgoed. Dat blijkt uit de woorden van mr. J.W. Verloop, directeur Beleggingen van Amev Nederland. Hij zei twee weken geleden naar aanleiding van de viering van het 500-jarig bestaan van de ambachtsheerlijkheid Cromstrijen, met 1.750 hectare een van de grootste landbouwbedrijven van Nederland.

“Het is niet zo dat wanneer de prijzen dalen, wij ons als een haas terugtrekken uit de landbouw”, zegt Verloop. “Voor ons is landelijk vastgoed een belegging op lange termijn.”

Amev Nederland BV is sinds 1987 eigenaar van 1017 van de in totaal 1026 ambachtsporties, zeg maar aandelen, van ambachtsheerlijkheid Cromstrijen. Daarnaast is de verzekeraar eigenaar van de Bathpolders, een grootlandbouwbedrijf in Zuid-Beveland. In totaal heeft Amev ongeveer 450 miljoen gulden belegd in landelijk vastgoed, waarmee het bedrijf de grootste particuliere grondeigenaar van Nederland is (26.000 hectare).

De oorsprong van Cromstrijen ligt in 1492 toen Mr. Gerard Numan van de latere keizer Maximiliaan van Oostenrijk het recht van indijking kreeg van het gebied westelijk van het dorp Strijen in de Hoekse Waard onder Rotterdam. Het gebied was zeventig jaar eerder, tijdens de St. Elizabetsvloed onder water gekomen.In de loop van de daaropvolgende eeuwen werd steeds meer gebied ingepolderd door de ambachtsheren -vaak waren dat rijke stedelingen en grote boeren. De percelen werden vervolgens verkocht of verpacht. Vanaf de zeventiende eeuw besloten de ambachtsheren alle grond die nog werd ingedijkt in gezamenlijk bezit te houden. Dat is het huidige gebied van de ambachtsheerlijkheid Cromstrijen.

Onder invloed van de dreigende Pachtwet werd eind jaren dertig besloten om van in kavels verpachte bedrijf een landbouwbedrijf te maken. Het bedrijf was tot de jaren zeventig in handen van inmiddeld 440 ambachtsheren, voornamelijk nazaten van de oorspronkelijke eigenaars. In die periode werd Cromstrijen ontdekt als speculatie-object voor vastgoedhandelaren. Er vonden regelmatig botsingen plaats tussen de traditionele eigenaars en de speculanten. Zozeer zelfs dat men zich genoodzaakt zag om voor het eerst in bijna vijfhonderd jaar de bestuurlijke verhoudingen op papier vast te leggen. In 1987 verwierf Amev Nederland, dat enkele jaren eerder met de Bathpolders de smaak van de grootlandbouw te pakken had gekregen, het overgrote deel van de ambachtsporties. Evenals elders in de akkerbouw zijn de hoofdgewassen van Cromstrijen graan, suikerbieten en aardappelen. Daarnaast verbouwt men graszaad, vlas, zilver-uien en het 'nieuwe' oliegewas. Naast akkerbouwgewassen telt het bedrijf 115 Charolais vleesrunderen.

In landbouwkringen wordt altijd geroepen dat een grootlandbouwbedrijf eigenlijk niet kan. Werknemers zouden, anders dan boeren/eigenaars, niet bereid zijn om in slechte tijden te werken voor minder dan het minimumloon. Volgens ir. J. Mulder ten Kate, rentmeester van Amev, bewijst Cromstrijen het tegendeel. Ondanks de dalende prijzen van nu is het een rendabel bedrijf. De reden is dat dankzij de enorme schaal waarop de landbouw bedreven wordt, werknemers efficient kunnen worden ingezet. Ten Kate: “Op een akkerbouwbedrijf van gemiddelde grootte kun je de arbeidskracht niet altijd even optimaal inzetten.”

Naast het akkerbouwbedrijf beschikt Cromstrijen nog over een aantal andere bronnen van inkomsten. Zo behoort ook 500 hectare van het Hollands Diep tot de ambachtsheerlijkheid. Daar wordt zand gewonnen ten behoeve van de bouw. De aldus leegezogen putten worden momenteel gebruikt om er zeer licht verontreinigde bagger in op te slaan. Een deel van het grondoppervlak is verpacht aan de Golfclub Cromstrijen en een ander deel is een recreatieterrien met 200 recreatiewoningen. Toch is het jaarlijkse rendement op deze Amev-belegging op zijn zachts gezegd bescheiden. Het ligt, aldus directeur Beleggingen Verloop zo rond de 3,5%, terwijl een gemiddeld rendement van tien procent toch gebruikelijk is. De winst zit hem dan ook niet zozeer in de jaarlijkse opbrengst aan (erf)pacht en landbouwprodukten, als wel in de nog steeds doorgaande stijging van de grondprijzen. Die stegen in een jaar tijd, van midden 1989 tot midden 1990 weer met tien procent, zo blijkt uit recente gegevens van het Landbouw Economische Instituut.

Volgens Ten Kate is de kans dat die stijging zich omzet in een daling als gevolg van de gewijzigde EG-landbouwpolitiek nihil. “Om te kunnen overleven zullen veel agrariers grond willen kopen. Daardoor zullen de grondprijzen eerder stijgen dan dalen. Als de bestemming van de grond verandert, bijvoorbeeld voor stadsuitbreiding, neemt de waarde van de grond nog meer toe.”

Al met al geen reden voor Amev Nederland om zich terug te trekken uit het landelijk vastgoed en meer specifiek uit de grootschalige landbouw. Als zich de gelegenheid zou voordoen om nog een of meer grootlandbouwbedrijven over te nemen, dan zal Amev daar echter niet onmiddellijk op inspringen. Verloop: “We zullen dat van geval tot geval bekijken, maar we zijn niet van plan om het aandeel landelijk vastgoed in onze beleggingen flink uit te breiden.”