WEU en Navo zenden marine naar Joegoslavië

HELSINK/DEN HAAG, 10 JULI. De Westeuropese Unie en de NAVO hebben besloten tot een maritieme operatie in de Middellandse Zee ter controle van het embargo tegen Servië. De operatie zal geleid worden door de WEU.

Dit hebben de ministers van buitenlandse zaken en defensie van de negen WEU-landen vanmorgen besloten tijdens een vergadering in Helsinki. Deze had plaats in de marge van de top van de CVSE, de Conferentie over Veiligheid en Samenwerking in Europa.

De ministers van buitenlandse zaken van de NAVO-landen besloten direct na het WEU-overleg eveneens tot maritieme actie, die in nauwe coördinatie met de WEU zal worden uitgevoerd.

Defensiekringen in Den Haag nemen aan dat het bij de operatie zal gaan om één vlootverband onder WEU-vlag, waaraan mogelijk schepen van de Verenigde Staten, die geen WEU-lid zijn, worden toegevoegd.

Minister H. van den Broek (buitenlandse zaken) merkte vanmorgen in Helsinki op dat deze actie voor beide organisaties een nieuw type activiteit is en dat het een “toetssteen voor onderlinge samenwerking is”.

Hij sprak de hoop uit dat de Amerikanen bereid zullen zijn deel te nemen aan de operatie “omdat zonder Amerikaanse deelname het politieke signaal te zwak zou zijn”. De Britse premier Major zei: “Het is goed dat Europa een prominentere rol speelt, maar het zou dwaas zijn bij deze actie de VS uit te sluiten”. Dat zou het geval zijn geweest zijn als het alleen een WEU-actie betrof.

De marine-eenheid van de WEU zal bestaan uit vijf of zes fregatten, vier patrouillevliegtuigen, een bevoorradingsschip en enkele helikopters. Nederland heeft een fregat en “één of twee” Orion-patrouillevliegtuigen beschikbaar gesteld. Minister R. ter Beek (defensie) wilde vanmorgen nog niet zeggen om welk schip het gaat, aangezien hij eerst de bemanning wil inlichten.

De marineleiding in Den Haag verwacht dat het fregat Pieter Florisz dat nu in de haven van Lissabon ligt en deel uitmaakt van het permanente NAVO-eskader in de Middellandse Zee, naar de Adriatische zee zal vertrekken als onderdeel van het nieuwe vlootverband. De precieze omvang en samenstelling daarvan is nog onduidelijk.

De secretaris-generaal van de WEU, W. van Eekelen zei een zekere roulatie van schepen waarschijnlijk te achten. Groot-Brittannië, België, Spanje, Italië en Frankrijk hebben al materieel aangeboden.

Op het Nederlandse fregat werken zo'n kleine 200 mannen en vrouwen, merendeels beroepspersoneel of "kortverbanders'. De Nederlandse Orions zullen waarschijnlijk opereren vanaf de Amerikaanse luchtmachtbasis Sigonella op Sicilië.

Pag.5: Maritieme actie in de Adriatische zee is "het maximaal haalbare'

Duitsland heeft zich aangaande de actie in WEU- c.q. NAVO-verband vooralsnog op de vlakte gehouden. De Duitse minister van buitenlandse zaken Klaus Kinkel zei vanmorgen juridisch te zullen laten uitzoeken of zijn land kan deelnemen aan de operatie. Hij zei dat er in de Adriatische zee geen sprake is van een zogeheten out of area-operatie - een onderneming buiten het eigenlijke "werkterrein' van NAVO of WEU. Hij gaf daarmee aan dat er geen constitutioneel beletsel ligt voor een Duitse deelname.

De bevoegdheid van de marine-eenheid blijft overigens beperkt tot het controleren van scheepsbewegingen, van een blokkade is geen sprake; er zullen geen schepen worden tegengehouden of geënterd, zoals tijdens de Golfoorlog is gebeurd. Daarvoor zou een nieuwe resolutie van de Veiligheidsraad van de Verenigde Naties nodig zijn, die thans ontbreekt.

De stappen van de WEU en de NAVO zijn bedoeld om de politieke druk op de regering in Belgrado verder op te voeren. Diplomaten wijzen er echter op dat deze stap niet geïnterpreteerd mag worden als aanzet voor een militair ingrijpen in Bosnië-Herzegovina. Ze wijzen erop dat het sturen van een marine-eenheid niet meer dan een logisch vervolg is op de stappen die zijn gezet tijdens de EG-top in Lissabon en tijdens de top van de G-7 in München.

Nederlandse militaire waarnemers omschrijven de huidige operatie als “het maximaal haalbare”. Van een grootscheepse militaire operatie op de grond zou geen sprake kunnen zijn. Wanneer Franse gevechtshelikopters zouden worden ingezet tegen gevechtsdoelen, is luchtdekking van straaljagers nodig. Aangenomen wordt dat VS bereid zouden zijn die te geven. De daartoe benodigde vliegtuigen zijn gestationeerd in Italië en aan boord van schepen van de Amerikaanse Zesde Vloot in de Middellandse zee.

De Nederlandse Lockheed P-3 Orion-patrouillevliegtuigen hebben regelmatig deelgenomen aan oefeningen vanuit de VS-basis in Sigonella. Ook tijdens de Golfoorlog waren deze vliegtuigen daar gestationneerd.

Aan boord van een Nederlands fregat zijn omstreeks vijftien dienstplichtigen gestationeerd. Voor om scheepsbewegingen te volgen geldt volgens de marine niet de regel dat de diensplichtigen alleen op vrijwillige basis deelnemen.