Van militair pact met Kroaten komt niets terecht; Moslims voelen zich alleen staan

LJUBLJANA, 10 JULI. De Bosnische president Alija Izetbegovic heeft gisteren in Helsinki geen nieuwe poging gedaan zijn Amerikaanse ambtgenoot, George Bush, over te halen tot een militair ingrijpen om in zijn land een einde aan het oorlogsgeweld te maken. “Het standpunt van Bush is bekend, ik heb hem geconfronteerd met de ernst van de situatie in mijn land, zonder er echt op te rekenen dat hij zijn standpunt zou veranderen”, zei Izetbegovic na afloop van zijn ontmoeting met Bush tegen journalisten.

Het is geen geheim dat Izetbegovic en de moslims in Bosnië het gevoel hebben door iedereen in de steek gelaten te worden. En dat lijkt niet helemaal onterecht: de Bosnische Kroaten, met wie de moslims een militair pact hadden gesloten, besloten vorige week vrijdag hun eigen staat Herceg-Bosna uit te roepen. De moslims vrezen nu dat de Kroaten het mogelijk met de Serviërs, die al eerder een eigen staat in Bosnië uitriepen, zullen aanleggen.

De blauwhelmen zijn er in Sarajevo weliswaar in geslaagd de luchtbrug open te houden, maar de stad wordt ondanks de aanwezigheid van militaire waarnemers en soldaten van UNPROFOR nog steeds door de Servische artillerie beschoten. De moslims wijten dat aan het voorzichtige optreden van de blauwhelmen tegen de Servische troepen. Sommige beschuldigen de VN-troepen er zelf van de verlengde arm van de Serviërs te zijn en in Sarajevo wordt de UNPROFOR daarom ook wel "SRBOFOR" genoemd. Ze zijn ook teleurgesteld over het optreden van de EG-bemiddelaar, Lord Carrington. Die wil volgens de moslimleiders maar niet begrijpen dat “met een machinegeweer op de borst en de loop van een kanon in de rug niet eerlijk onderhandeld kan worden”.

Het meest zijn de moslims echter geschrokken door het nieuws uit het plaatsje Gruda waar de Kroatische leiders vorige week vrijdag een “onafhankelijke republiek”, Herceg-Bosna, uitriepen. De moslims hadden al met enig wantrouwen moeten toezien hoe in deze Kroatische regio in het zuidwesten van Bosnië de Kroatische dinar als betaalmiddel werd ingevoerd en hoe de eenheden van de Kroatische Verdedigingsraad (HVO) zich steeds minder aantrokken van bevelen uit Sarajevo - dit ondanks het militaire akkoord dat vorige maand door Izetbegovic en de Kroatische president Franjo Tudjman ondertekend werd.

De moslims hadden gehoopt dat dit akkoord zou uitmonden in een samenwerking van Kroatische en moslimtroepen bij de "bevrijding van Sarajevo". De goed bewapende Kroatische troepen bleven echter waar ze waren: zo'n 15 kilometer ten zuidwesten van de hoofdstad waar ze de oostelijke flank van hun eigen staatje vast in handen hebben.

De moslimcommandanten in Sarajevo hebben daarom de Kroaten de afgelopen weken herhaaldelijk van "verraad" en "lafheid" beschuldigd. Ze verdenken de Kroaten er van dat het uitroepen van Herceg-Bosna slechts een uitvoering is van het akkoord tussen de Kroatische voorman Mate Boban en de Servische leider Radovan Karadc, gesloten in de Oostenrijkse stad Graz, over de verdeling van Bosnië. Dat akkoord laat voor de twee miljoen moslims niet veel meer over dan een enclave bij Sarajevo en een in het noorden-westen van de republiek. Karadzic' aanbod voor een confederatie tussen de Kroatische en Servische republieken in Bosnië is volgens de moslims nog een bewijs te meer dat het akkoord van Graz langzaam maar zeker wordt uitgevoerd.

Zij wijzen er op dat het in feite de Kroatische president Tudjman is die vanuit Zagreb de politieke en militaire besluiten van de Bosnische Kroaten regisseert. De Kroaten wijzen die beschuldigingen van de hand. Franjo Tudjman beschuldigde Izetbegovic er maandag op zijn beurt van de moslims en Kroaten “met blote handen de strijd tegen Servische terroristen” in gestuurd te hebben. “Izetbegovic heeft te lang gedacht dat het federale leger niet aan een militair avontuur in Bosnië zou beginnen. Toen het Servische geweld echter losbarstte waren de moslims er niet op voorbereid”, aldus Tudjman.

In Zagreb is men er van overtuigd dat het onder die omstandigheden vanzelfsprekend was dat de Kroaten in Bosnië hun lot in eigen hand namen en hun milities eenheden in Bosnië organiseerden in de HVO. Even vanzelfsprekend was het voor Zagreb dat zij ervaren officieren, eenheden en wapens naar Bosnië moesten sturen om de broeders in Bosnië te helpen.

Eenheden van de HVO en het voornamelijk uit moslims bestaande leger van Bosnië, de Territoriale Verdediging (TO), raakten in maart en april zelfs enige keren met elkaar slaags, dit hoewel Kroatische en moslimleiders steeds benadrukten “de Servische troepen als de gezamelijke vijand te beschouwen”. In mei stemde de Kroatische leiders er onder internationale druk zonder veel enthousiasme mee in dat de HVO onder bevel van het Bosnische staatspresidium geplaatst werd. Het gevolg van die stap was weliswaar dat de Kroaten en moslims niet meer op elkaar schoten maar een effectieve controle over de Kroatische eenheden heeft het Bosnische staatspresidium tot op de dag van vandaag niet gekregen. Zo bedelt Izetbegovic al weken bij de Kroaten om hun goed bewapende artillerie en infanterie, die zo'n 15 kilometer ten westen van de hoofdstad zijn gelegerd, in te zetten bij gevechten tegen de Servische troepen rond Sarajevo. Een bron dicht bij de "hofhouding' van de Kroatische president zegt dat Tudjman steeds zijn veto heeft uitgesproken tegen het inzetten van Kroatische troepen in Sarajevo. “Tudjman vreest terecht dat de aanwezigheid van Kroatische eenheden in Sarajevo zou kunnen leiden tot internationale strafmaatregelen tegen Kroatië zoals ook Servië overkomen is”, aldus die bron.

In Zagreb is men teleurgesteld omdat ook de militaire overeenkomst met de moslims door het Westen niet is erkend. De beide presidenten hadden gehoopt dat zij daarmee de inzet van Kroatische troepen in Bosnië voor het Westen aanvaardbaar zouden maken. Maar het militaire akkoord werd al enige uren nadat het was bekendgemaakt fel veroordeeld door het Amerikaanse ministerie van buitenlandse zaken, dat Kroatië gebood zijn troepen uit Bosnië terug te trekken. “Onder die omstandigheden hebben wij geen andere mogelijkheid dan de Kroaten in Bosnië te adviseren de controle over het gebied dat zij nu in handen te consolideren. Daarom hebben zij een Kroatische republiek in Bosnië uitgeroepen”, aldus een in Ljubljana geaccrediteerde Kroatische diplomaat. “Ik weet dat Zagreb op dit moment de belangen van de moslims in Bosnië opoffert door te weigeren troepen bij Sarajevo in te zetten, maar doorvechten mèt de moslims betekent onherroepelijk een internationaal isolement van Kroatië,” zegt hij. Een confederatie tussen de Servische en Kroatische republiek in Bosnië is in de huidige situatie zeer wel mogelijk, vindt hij, “omdat het buitenland niet toestaat dat het wettige gezag van Kroatië en Bosnië met vereende krachten afrekent met de Servische agressor op Bosnisch grondgebied.” Dat de internationale pers er een andere lezing op na houdt en Tudjman vergelijkt met de Servische president Milosevic betekent voor hem maar één ding: “De wereld begrijpt er niets van.”