Rotterdam bundelt krachten tegen misdaad

ROTTERDAM, 10 JULI. De opsporingsdiensten in Rotterdam gaan de krachten bundelen om de zware georganiseerde criminaliteit in het havengebied te bestrijden.

Vanmorgen tekenden politie, justitie, de Fiscale Inlichtingen- en Opsporingsdienst (FIOD) en de douane in Rotterdam een convenant dat de samenwerking tussen de diensten moet bekrachtigen. In deze vorm is het samenwerkingsverband het eerste in Nederland.

Volgens korpschef R.H. Hessing van de gemeentepolitie “staat vast dat in het havengebied veel illegale goederen” worden verhandeld. Tegelijk moest hij erkennen dat “we niet half weten” wat zich er allemaal afspeelt. De meeste zaken worden ontdekt door tips, toeval of eigen onderzoek van de opsporingsdiensten. In de haven meerden vorig jaar 32.000 duizend zeeschepen en 125.000 binnenschepen af. De totale goederenstroom bedraagt ongeveer 300 miljoen ton, terwijl jaarlijks bijna 2 miljoen passagiers en bemanningsleden de haven passeren.

De verschillende opsporingsdiensten en het openbaar ministerie gaan de bestanden met informatie over illegale activiteiten koppelen en de misdaad met speciale teams aanpakken. Tot nu toe werd dat door elke dienst apart gedaan. Daardoor werd de misdaadbestrijding volgens Hessing “niet efficiënt en niet effectief” aangepakt. Hij legde er de nadruk op dat er op dit moment geen sprake is van een “urgent criminaliteitsprobleem” in dehaven, maar dat het gebied van 10.000 hectare een aantrekkelijk werkterrein vormt voor criminelen.

Hessing wees erop dat buitenlandse criminele groeperingen - veelal uit Zuid-Amerika en het Midden en Verre Oosten - de haven in toenemende mate gebruiken om hun zaken af te wikkelen. Uit onderzoek is gebleken dat buitenlandse opsporingsdiensten hun aandacht steeds frequenter op de haven van Rotterdam vestigen, aldus Hessing. De hoofdofficier van justitie in het arrondissement Rotterdam, mr. M.L. de Haas, acht het niet uitgesloten dat de eerste resultaten pas over twee jaar zichtbaar worden. “We hebben hier te maken met zeer gecompliceerde groeperingen, die deels boven water en deels onder water opereren”, aldus De Haas.

Behalve op de handel in verdovende middelen en wapens richten de opsporingsdiensten zich ook op “fraudegevoelige produkten” als sigaretten, drank, vlees, koffie en elektronica, zo zei mr. J.P. Everwijn, plaatsvervangend hoofd van de douane in Rotterdam.

Volgens korpschef Hessing van de gemeentepolitie heeft de samenwerking tussen de verschillende diensten te lang op zich laten wachten. Hij noemde als oorzaken onder meer “een op concurrentie gebaseerde dienstcultuur” binnen de de diensten en het feit dat de politie tot voor kort geen enkel zicht had op de georganiseerde misdaad. Anderhalf jaar geleden schreven de korpschefs van de politie in Amsterdam, Rotterdam en Den Haag gezamenlijk een notitie waarin werd gepleit voor de koppeling van de informatiebestanden van de Bijzondere Opsporingsdiensten.