Los Lobos speelt vooral vrijblijvende feestmuziek

Concert: Los Lobos. Bezetting: David Hidalgo (zang, gitaar, accordeon), Cesar Rosas (gitaar, zang), Steve Berlin (sax, toetsen), Conrad Lozano (bas), Louis Perez (drums) en Victor Bisitti (percussie). Gehoord: 9/7 Paradiso, Amsterdam.

La Bamba staat niet langer op het repertoire van Los Lobos. De onbetwiste meesters van de Mexicaans/Amerikaanse smeltkroesmuziek willen kennelijk niet graag meer vereenzelvigd worden met de gelijknamige speelfilm over het korte leven van de Chicano-rocker Ritchie Valens. Weliswaar drong de groep in 1987 dank zij deze wereldhit door tot ver buiten de thuisbasis Los Angeles, maar Los Lobos (Spaans voor "de wolven") heeft genoeg artistieke bagage om een eigen plaats in het spectrum van de hedendaagse popmuziek op te eisen. Het nieuwe album Kiko is een bescheiden meesterwerk, met liedjes die klinken alsof ze elk afzonderlijk in een moment van inspiratie uit het Amerikaanse luchtruim zijn geplukt.

Het recente succes van de Limburgse groep Rowwen Heze komt in een merkwaardig daglicht te staan, nu blijkt dat hun quasi-authentieke volksmuziek vrijwel letterlijk van Los Lobos werd gecopiëerd. De hit Bestel mar bestaat in feite uit een handige samenvoeging van San Antonio en Anselma, de door de accordeon gedomineerde kermisdeunen waarmee een uitverkocht concert in Paradiso feestelijk van start ging. Jammer genoeg beperkte Los Lobos zich grotendeels tot de vrijblijvende feestmuziek die het publiek graag hoort, maar die weinig ruimte biedt voor subtiliteit. Het grotendeels authentieke instrumentarium van slag- en tokkelinstrumenten dat op Kiko werd gebruikt, werd op het podium verruild voor de afgezaagde drie-eenheid van bas, drums en elektrische gitaar. De melancholieke tweestemmige zang van Cesar Rosas en David Hildalgo kwam er met moeite bovenuit en het tweetal stond erbij alsof ze last hadden van een zeurende kiespijn.

Met een routinematige opeenvolging van rock-, blues- en zelfs een misplaatst reggaenummer, onderscheidde Los Lobos zich nauwelijks van een willekeurig café-orkestje. Des te mooier klonken twee ingetogen liedjes van Kiko: het weemoedige titelnummer en de zachtjes voortkabbelende ballade When the circus comes. Drummer Louis Perez toonde dat onderhoudende popmuziek niet altijd een straffe vierkwartsmaat nodig heeft, want hij kwam achter zijn drumstel vandaan om een deuntje op de gitaar te spelen.

Na een tamelijk lusteloos concert kwam Los Lobos als uit gewoonte nog enkele malen terug. "La Bamba!" klonk het uit verschillende hoeken van de zaal. In plaats daarvan volgde een drastisch vereenvoudigde versie van Marvin Gaye's ooit zo bezielende klaagzang What's going on, bij wijze van stille herinnering aan de explosieve situatie in Los Angeles. Van vuurwerk kwam op het podium niet veel meer terecht.