Beste A., je kijkt er vast van op een brief van ...

Beste A., je kijkt er vast van op een brief van mij te krijgen. Dat zit zo: de laatste tijd moet ik vaak aan je denken, aan je manier van leven vooral. Hoe jij 't hem flikt elke dag, in je eentje, daar heb ik meer begrip en respect voor dan vroeger.

Ik ben tijdelijk alleen! (B. is niet weggelopen hoor, geen schuldgevoelens.)

Inmiddels zijn we al wèl 5 weken van elkaar gescheiden, ze komt niet weg uit ons vakantiehuisje.

En ik kan niet bij haar komen, ook niet meer via Italië.

Dat bevalt me niks.

Ik schrijf je vanuit mijn nieuwe kantoor, waar ik (als ik de map Thuisbankieren rechtop zet) precies in pas. Gisteren is de airconditioning uitgevallen, het is hier om te stikken. Ik zit in mijn onderhemd. Blote voeten in een teiltje met koud water. 't Liefst zou ik naakt op het bureau gaan liggen. Zweetstroompjes gutsen van m'n voorhoofd, vlekken op het briefpapier.

Chaos heerst in mijn leven, A.

Ik word gek van het eenmanshuishouden, ik kan het niet, ik bak er niks van. Je zou de janboel thuis moeten zien. Dat klinkt gek uit mijn mond, hè?

Nog geen jaar geleden ontzei ik je de toegang tot mijn huis.

Ik was oprecht woedend, neem dat maar van me aan. En nu heb ik alles verwerkt, zo gaan die dingen. Zand erover?

Ik las in de krant dat wij in '94 ook een puntenbank krijgen.

Puntenbank!

Hoor ik gauw van je?

PS Het zou me niets verbazen als B. door de blokkades heenbreekt.