Basis voor nieuwe veiligheid Europa

HELSINKI, 10 JULI. Eenenvijftig staatshoofden en regeringsleiders hebben vanmorgen in de Finse hoofdstad Helsinki een 80 pagina's tellend document aanvaard dat de basis moet leggen voor een nieuwe veiligheidsstructuur voor Europa. Om moeilijkheden met de Joegoslavische vertegenwoordiging te omzeilen, heeft men een officiële ondertekening van het document op het laatste moment achterwege gelaten.

Het document omvat een groot aantal afspraken die de CVSE als overkoepelend orgaan voor de veiligheid in Europa op alle fronten moet versterken. Door de instelling van een Hoge Commissaris voor Nationale Minderheden wil de CVSE in een vroeg stadium nieuwe etnische spanningen tijdig kunnen ondervangen. De Amerikaanse president Bush noemde “het Nederlandse initiatief voor een hoge commissaris een belangrijke stap op weg naar een vroegtijdige waarschuwing. Het zal ons helpen op te treden voordat een conflict uitbreekt”.

Het Helsinki-2-document voorziet ook in maatregelen als conflicten al tot een uitbarsting zijn gekomen. In dat geval “kan de CVSE haar voordeel doen met de voorzieningen en mogelijke ervaring en expertise van bestaande organisaties zoals de Europese Gemeenschap, de NAVO en de Westeuropese Unie en ze kan hen daarom verzoeken hun voorzieningen beschikbaar te stellen ter ondersteuning bij de uitvoering van vredesbewarende activiteiten”. Over deze formulering is lang onderhandeld omdat de Franse regering zich tot het laatst toe verzette tegen de mogelijkheid van rechtstreekse verzoeken van de CVSE aan de NAVO, aangezien daarmee te veel nadruk zou komen te liggen op de Amerikaanse betrokkenheid bij de veiligheid van Europa. De Amerikaanse president Bush verwees impliciet naar de Franse opstelling in zijn toespraak: “Laten wij hier en nu beslissen om een geloofwaardige Euro-Atlantische vredestichtende, vredebewarende capaciteit te ontwikkelen. Deze regio blijft zwaar bewapend door de dagen van de Koude Oorlog. Ad hoc-operaties en haastig in elkaar gezette eenheden zullen onvoldoende blijken en daarom beschouw ik het aanbod van de NAVO om bij te dragen aan vredebewarende activiteiten van de CVSE als zo vitaal. We hebben geleerd dat Europa's problemen Amerika's problemen zijn.”

De Franse president vermeed het onderwerp. Het woord "NAVO' kwam in zijn toespraak in het geheel niet voor. Hij beklemtoonde het belang van “een gemeenschappelijke wet” nu nationaliteiten ontstaan of weer opstaan. Niet het gebruik van geweld maar toepassing van het recht moet bepalend zijn voor de verhoudingen in Europa, aldus Mitterrand. Hij pleitte daarbij opnieuw voor de instelling van een permanent hof voor verzoening en arbitrage.

De landen van de NAVO en de lidstaten van het voormalige Warschaupact, alsmede de staten die op het grondgebied van de Sovjet-Unie zijn ontstaan, tekenden vanmorgen een verdrag dat een maximum stelt aan het aantal manschappen dat deze landen onder de wapens mogen hebben. Dit zogeheten CFE-1A-verdrag had op het laatste moment nog heel wat voeten in aarde, aangezien de cijfers van Armenië, Azerbajdzjan en Moldavië nog niet binnen waren. Het cijfer van Moldavië kwam op de drempel van de vergaderzaal nog binnen maar het verdrag moest worden getekend met de nadere afspraak dat Armenië en Azerbajdzjan, die ook niet daadwerkelijk hebben deelgenomen aan het overleg over dit verdrag in Wenen, alsnog op zeer korte termijn hun cijfers zullen bekendmaken.

Ten behoeve van de ondertekening van het CFE-1A-verdrag moest nog een juridisch foefje worden uitgehaald. De bij dit verdrag betrokken landen ondertekenden een apart Protocol van Voorlopige Voorziening, aangezien de vereiste ratificering van het eerste CFE-verdrag (over reductie van militair materieel) nog niet rond was. Daarin wordt vastgesteld dat het CFE-verdrag, dat in Parijs in 1990 werd getekend, nu volledig van kracht wordt op 17 juli, ondanks het feit dat nog niet alle staten de ratificatieprocedure hebben voltooid. Deze voorlopige voorziening geldt voor een periode van 120 dagen, de tijd die Wit-Rusland en Armenië maximaal nodig denken te hebben om het verdrag alsnog te ratificeren.

Het CFE-proces begint op 17 juli met de eerste inspectie met betrekking tot het materieel. Na 120 dagen begint de afgesproken reductie van tanks, artillerie, pantservoertuigen, vliegtuigen en helikopters die binnen 40 maanden moet zijn voltooid, waarna een nieuwe inspectie volgt op de doorgevoerde reducties.