Beleidsmakers lijken in verwarring

AMSTERDAM, 8 JULI. Beleidsmakers lijken mondiaal in verwarring. Zo moet de discontoverlaging in de Verenigde Staten jongstleden donderdag met gefrons worden bezien, als men in de kort daarvoor verschenen OESO-Outlook over het economische herstel kan lezen dat “... it should become increasingly firmer without any further policy action.”

Blijkens de OESO-prognose, die altijd in overleg met de lidstaten wordt opgesteld, was deze daling van de korte rente niet voorzien. Ook aan onze zijde van de oceaan blijken de beleidsmakers in problemen te zijn. Kort nadat de Duitse minister van financien Waigel zijn budget voor 1993 had gepresenteerd, met de kanttekening dat er geen belastingverhogingen zouden komen, bleek dat er in het Duitse kabinet toch wordt gezinspeeld op hogere lasten. Ook de top van de belangrijkste industriele landen in München is (wederom) geen toonbeeld van coördinatie. De Amerikaanse minister van financien Brady concludeerde dat de scherpe daling van de dollar hem allerminst zorgen baart. Dit kan nog wel eens een gevaarlijke uitspraak blijken te zijn, die de verwarde en verwarrende beleidsmakers kan nopen op hun schreden terug te keren.

De Amerikaanse rentemaatregel verschafte de afgelopen week de Nederlandse geld- en kapitaalmarkt enige inspiratie. Voor driemaands interbancaire deposito's moest maandag 9,47 procent worden betaald, 8 basispunten minder dan in de week daarvoor. De Duitse interbancaire geldmarkttarieven vertoonden een soortgelijke daling. De gulden moest enig terrein prijsgeven ten opzichte van de mark.Dit wekt geen verwondering, gelet op de adembenemende koersdaling van de dollar.

Traditioneel profiteert de Duitse mark van een koersdaling van de Amerikaanse valuta.

Het Nederlandse daggeldtarief bleef gedurende de gehele verslagweek rond het hoge niveau van 9,5 procent liggen, duidend op tamelijk krappe geldmarktverhoudingen. Dit blijkt eveneens uit het zogenaamde uitputtingspercentage. Maandag was 81 procent van de contingentsperiode voorbij, terwijl 80 procent van het toelaatbare beroep is verbruikt, derhalve een besparing van slechts een procentpunt.

Vorige week bedroeg de contingentsbesparing nog twee procentpunt. Blijkens de weekstaat heeft het Rijk in de verslagweek een positief saldo bij DNB weten op te bouwen. Deze situatie zal echter van korte duur zijn. Vanwege aanzienlijke netto-betalingen halverwege de maand van het Rijk, zal de staat wederom een maximaal beroep moeten doen op het financieringsarrangement van DNB. Bovendien zal er geld moeten worden geleend van andere geldmarktpartijen (in casu banken). Hierop heeft het Rijk geanticipeerd door nu reeds kasgeld per medio van deze maand uit de markt te nemen.

Bron: NMB Postbank Groep