Nigeria blijft etnisch stemmen

NAIROBI, 7 JULI. De architect en arbiter van Nigeria's politieke hervormingsprogramma, de militaire president Ibrahim Babangida, heeft weinig reden tot vreugde na de uitslag van de parlementsverkiezingen van dit weekeinde. De gang naar de stembus verliep zonder gewelddadigheden en beide partijen klagen niet over fraude. Maar de opkomst bleek laag: slechts éénderde van de kiesgerechtigden kwam opdagen. En zij die gingen stemmen, kozen klaarblijkelijk niet zozeer voor politieke ideeën, want de uitslag weerspiegelt opnieuw in grote lijnen de etnisch-religieuze kloof in het land.

Toen Babangida in 1987 zijn plannen voor de terugkeer naar burgerbestuur bekendmaakte, verbood hij alle oude politieke partijen mee te doen aan verkiezingen. Later zou hij zelf twee nieuwe partijen creëren, de Nationale Republikeinse Conventie (NRC) en de Sociaal-Democratische Partij (SDP). Nog voordat deze partijen waren “voorzien” van leiders en aanhangers plakte Babangida er een etiket op: de NRC zou rechts van het politieke centrum staan, de SDP iets naar links.

Deze toch wat ondemocratische aanpak van het democratiseringsproces verdedigde Babangida met de stelling dat het nodig was “Nigeria te bevrijden van de etnische en religieuze problemen gecreëerd door de oude partijen”. De president wilde een nieuwe politieke cultuur scheppen, hij wilde de vicieuze cirkel doorbreken waarbij de sterk gepolitiseerde strijdkrachten steeds weer de macht overnemen van inefficiënte en corrupte burgerregimes. In een poging schoon schip te maken verbood hij tot enkele maanden geleden zelfs alle oude politici om politiek actief te zijn.

Babangida's intenties waren goed. De meeste Nigerianen raakten daarvan overtuigd toen de president zich hield aan de trapsgewijze terugkeer naar een burgerregime. In december eindigt deze overgangsperiode met verkiezingen voor een burgerpresident. In het levensgevaarlijke politieke moeras van etnische, religieuze en regionale tegenstellingen gedroeg Babangida zich als een geslepen tacticus en hij kreeg daarom de troetelnaam Maradona naar de fameuze Argentijnse dribbelaar. Maar het karakter van Nigeria's samenleving kan niet alleen worden gewijzigd met goede intenties en kunstmatige ingrepen. Corruptie bijvoorbeeld - Nigeria's nationale ziekte - tiert nog welig, ook in de strijdkrachten.

Niet zozeer etnische alswel religieuze spanningen leidden in toenemende mate tot bloedige conflicten. In mei bijvoorbeeld escaleerde een landdispuut in de deelstaat Kaduna tussen de Hausa en Kataf tot een grootschalige veldslag in de grote steden tussen christenen en islamieten. Vermoedelijk vijfduizend mensen verloren het leven, 150.000 sloegen op de vlucht.

De meeste Nigerianen stemden dit weekeinde op etnisch/religieuze grondslag. De Yoruba's in het zuidwesten kozen massaal voor de SDP. In de meeste noordelijke deelstaten schaarden de kiezers zich achter de NRC. De SDP deed het minder goed dan verwacht in het zuidoosten maar boekte tot ieders verrassing enige winst in de noordelijke staten Kano en Kaduna. De conclusie na deze uitslag dringt zich op dat een SDP-kandidaat in december de presidentsverkiezingen zal winnen en de SDP de nieuwe regering zal vormen.

In de uitslag weerspiegelt zich de tegenstelling tot het goeddeels islamitische noorden en het overwegend christelijke zuiden. Veel keuze hadden de Nigerianen niet bij deze verkiezingen. Mede omdat de twee toegestane politieke partijen kunstmatig tot leven zijn gebracht hebben ze geen politieke wortels, geen duidelijk programma en geen filosofie. Dus keken de kiezers in de eerste plaats naar de etnische en religieuze afkomst van de politici en op die basis bepaalden ze hun keuze.

Veel is er dus kennelijk nog niet veranderd in Nigeria's politiek. Oudgedienden zien al donkere wolken hangen. Zij vrezen voor een nieuw militair ingrijpen wanneer het begin volgend jaar te installeren burgerregime opnieuw vervalt in corruptie en het op etnische basis bedrijven van politiek. Een politicus uit de jaren zeventig, Anthony Enahoro, zegt dat in de nieuwe politieke structuren “de bescherming van rechten en privileges van de etnische groepen in sommige delen van het land” is weggevallen. Babangida creëerde vorig jaar augustus eigenhandig negen nieuwe deelstaten waarbij enkele etnische groepen “in tweeën” werden gesplitst. Eén van de presidentskandidaten van de SDP, Olusala Saraki, wil een nationale conferentie met alle politieke krachten om te bekijken of na de machtsoverdracht het opgelegde twee-partijensysteem dient te worden gehandhaafd.

Nog voor Babangida zijn eindsprint naar de machtsoverdracht in januari heeft ingezet dreigt zijn politieke droomkasteel ineen te storten. Zijn beloofde heropbouw van de economie - naar zijn zeggen een voorwaarde voor democratisering - leidde vooralsnog tot diepe sociale misère en rellen in Lagos. Kritiek op zijn beleid kan Babangida niet goed dulden. Onlangs gingen leiders van mensenrechtenorganisaties achter de tralies en ook kritische journalisten moeten op hun woorden passen.

De Amerikaanse mensenrechtenorganisatie Africa Watch concludeerde onlangs dat als Babangida nu niet de fundamenten voor een democratische samenleving wil leggen door middel van een vrije pers en een onafhankelijke rechtspraak, hij ook niet moet verwachten dat het nieuwe burgerregime democratisch kan functioneren. Babangida liet in mei merken ook bezorgd te zijn over het hervormingsproces. “Nu we ons opmaken om de laatste verraderlijke en glibberige weg naar ons einddoel te betreden”, aldus de president, “vraag ik u allen om uw zenuwen in bedwang te houden”.