Bouwvakkers op kousevoeten

De Nederlandse aannemer HBG is met de bouw van een nieuwe parkeergarage voor het parlement in Bonn doorgebroken op de Duitse markt. Pionieren met de Gouden Gids.

BONN, 7 JULI. Achter de Duitse correspondent in het NOS-journaal verschijnt steevast een foto van het parlementsgebouw in Bonn met op de achtergrond een lieflijke heuvel. Niet zichtbaar daarop is het aan de voet van de 80 meter hoge flat gelegen laboratorium voor de bouw. Een laboratorium, niet alleen omdat het sloop- en breekwerk in de statige ambassadewijk bijna geruisloos moet plaatsvinden, maar ook omdat goed zichtbaar is hoe een Nederlandse bouwer in Duitsland werkt.

Hollandsche Beton Groep (HBG), de grootste aannemer van Nederland, werkt nu ruim een jaar aan de bouw van een nieuwe parkeergarage bij het parlement. Voor een bedrag van 113 miljoen gulden doet HBG-dochter HBW grote delen van de ruwbouw voor de garage, die behalve 1200 parkeerplaatsen ook bedrijfsruimten zal bevatten. Sinds de Duitse eenwording is de behoefte aan woningen en regeringsgebouwen zo explosief gegroeid dat veel Nederlandse bouwers zoals Wilma, NBM Amstelland, Volker Stevin een kans wagen in navolging van Kondor Wessels dat al veel langer actief is op de Duitse markt. Het project is een doorbraak voor HBG op de Duitse markt, waar het concern al jaren geleden een begerig oog heeft laten vallen. Het consortium KSB, waarin alle Duitse bouwreuzen zoals Holzmann en Kummer und Freitag zitten, werd op eigen terrein afgetroefd nadat het de voorbereidende werkzaamheden had gedaan. “In het verleden heeft de Duitse dochter van HBW, Holland Beton und Wasserbau, hier al eens een tunnel gebouwd. Dit is echter een heel prestigieus project”, zegt HBW-directeur C. Reigersman glunderend tegen de verzamelde pers in Bonn.

Het project is een belangrijke schakel in de ketting waarmee HBG zich wil vastketenen aan de Duitse markt, die sinds de hereniging explosief is gegroeid. HBW verhuist binnenkort van Essen naar een groter kantoor in Düsseldorf, van waaruit het grensgebied wordt bestreken. Het begin dit jaar overgenomen Rauff heeft via een dochterbedrijf een flinke greep op de Neue Bundesländer en opende onlangs een kantoor in Berlijn.

“Wij hebben alle leveranciers in de Gouden Gids moeten opzoeken', illustreert assistent-projectleider M. Lubbert de onwennigheid in het nieuwe land. Als verrassing troffen de arbeiders bij het graven twee onschadelijke bommen aan, die daar in de Tweede Wereldoorlog zijn terechtgekomen.

Veel ingrijpender nog is het verschil in de manier van werken. In Nederland krijgt een hoofdaannemer het project onder zijn hoede en besteedt de onderdelen uit aan onderaannemers. In Duitsland is het de opdrachtgever die deelcontracten sluit met verschillende aannemers. Die aannemers moeten hun activiteiten op elkaar zien af te stemmen op de bouwplaats. “De communicatie verloopt hier een stuk moeizamer dan in Nederland. De directiekeet zit hier vaak helemaal vol zoveel aanwezigen zijn er”, zegt projectleider Nanninga. Daarnaast bestaat er volgens de Nederlandse projectleiders een sterke neiging om veel te regelen vanuit het kantoor.

Pag.13: Tekort aan vaklieden op Duitse bouwmarkt

De onstuimige groei van de Duitse markt heeft de vraag naar vaklieden nijpend gemaakt. HBG heeft dat kunnen oplossen dank zij het internationaale karakter van het concern en heeft bouwvakkers van de Ierse HBW-dochter Ascon naar Duitsland gehaald. Getooid met groene helmen werken zij in de enorme bouwput samen met Polen (blauwe helmen) en Portugezen (rode helmen), die HBG als onderaannnnemer heeft gecontracteerd. “Vijf nationaliteiten op een bouwplaats, dat beeld zal in de toekomst meer te zien zijn op Europese bouwplaatsen”, verwacht Reigerman.

De sjieke omgeving van regeringsgebouwen en ambassades stelt hoge eisen aan de bouwers, die op vilten voeten moeten rondsluipen. De fundamenten van de oude garage moeten nagenoeg geruisloos worden gesloopt, dus niet met een kogel maar met een reusachtige knijper die beton van 1,80 meter dikte kan stukknijpen. De bomen mogen niet worden gekapt en staan inderdaad zeer dicht bij de rand van de bouwput. De vrachtauto's met materieel worden dikwijls opgehouden door officiële optochten van auto's met belangrijke buitenlandse gasten.

De politici in de parlementstoren houden bovendien een oogje in het zeil. Over een scheidingswal van klei met zwavel werd meteen opgebeld met de vraag of die wel milieuvriendelijk is. Na een kleine overschrijding van de werktijden werd de politie onmiddellijk gewaarschuwd. “Wij hebben nog nooit zoveel opzichters gehad”, zegt een projectleider wijzend op de talloze ramen in de flat van waarachter de parlementsleden zich schuilhouden.

De bouw werd wat vertraagd door de discussie over de verhuizing van het parlement naar Berlijn. “Uiteindelijk is besloten om uit kostenbesparing de order wat af te slanken en de oude garage niet geheel maar half te slopen. Nodig is de ruimte wel, want de parlementariers uit de nieuwe deelstaten zitten nu in een noodopvang”, weet projectleider W. van der Wind.

De kleine obstakels ten spijt is HBG zeer tevreden over de samenwerking met de Duitsers. De zinnen zijn dan ook gezet op een vervolgopdracht voor de hoogbouw van zo'n 40 miljoen mark, waarvan de inschrijvers volgende maand hun calculaties indienen. Reigersman: “HBW heeft met het oog op deze opdracht een joint-venture gesloten met onze utiliteitsbouwer HBM, die nu nog een aandeel van 0 procent heeft”.

Volgens Reigersman is er geen sprake van dat HBW met een lagere marge genoegen neemt om de opdrachten binnen te halen. “Natuurlijk scherp je het rekenpotlood nog eens voor zo'n opdracht, maar de marges zijn al heel laag en het is niet de gewoonte van HBG om met verlies te werken”. Zijn medewerker Lubbert voegt eraan toe: “De risico's zijn al groot in het buitenland en het zou dus niet verstandig zijn om ook nog eens met minder geld genoegen te nemen”.