Groot meer in Mali vergaat tot stof en keert weer terug

Afrika - Zandrivier, Ned.3, 20.25-21.25u.

Een van de ernstigste problemen waarmee grote delen van Afrika al tientallen jaren worstelen is de droogte. Richtte de aandacht van het Westen zich enige jaren geleden nog op de rampzalige toestand in de Sahel-landen in westelijk Afrika, nu is de aandacht verschoven naar het zuidelijke deel van Afrika waar de droogte eveneens in volle hevigheid heeft toegeslagen. Omdat de publieke opinie in het Westen snel verzadigd is wanneer het om rampen in Afrika gaat, is de aandacht voor de Sahel aanmerkelijk verslapt, ook al blijft de situatie daar uiterst precair.

Het is dan ook nuttig dat er vanavond op Nederland 3 een documentaire wordt uitgezonden over de reusachtige moeilijkheden waarvoor de bevolking in het Sahel-land Mali zich geplaatst ziet. Ondanks talrijke hulpprojecten - de hulp in Mali bedraagt een derde deel van het nationaal inkomen - is men er niet in geslaagd de opmars van de woestijn te stoppen.

De lange documentaire bestaat eigenlijk uit twee delen. Het eerste half uur gaat over de problemen met de droogte in het algemeen in Mali en had aanzienlijk korter behandeld kunnen worden. Pas in de tweede helft komen we bij de kern van de documentaire: de verwikkelingen rond het geheel opgedroogde Fabugine-meer, eens het grootste van West-Afrika. Zo'n 60.000 mensen die aan de oevers van het meer woonden en daar van visserij en landbouw leefden, zijn wanhopig weggetrokken toen het water plaats maakte voor woestijnzand en giftige woestijnplanten.

Tot een ondernemende Malinees, Drissa Coulibaly, opdook en een ambitieus plan lanceerde om de met zand uit de Sahara dichtgeslibde kanalen die water uit de rivier de Niger voerden naar het meer weer open te graven. Hij praatte net zo lang tot de lokale bevolking en enkele hulpverleneners ook in zijn plan ging geloven, waarna met man en macht het kanaal werd opengegraven. Tot grote tevredenheid van alle betrokkenen vulde het meer zich inderdaad weer gedeeltelijk met water en landbouw en veeteelt konden worden hervat.

Een gelukkig einde van een mooi sprookje? De kijker blijft in het onzekere verkeren. De makers van de documentaire zeggen namelijk slechts in het voorbijgaan dat velen betwijfelen of de kanalen wel open kunnen blijven en wijzen en passant ook even op het feit dat het waterpeil van de Niger de afgelopen jaren door talrijke irrigatieprojecten fors is gedaald. Niets zou meer voor de hand hebben gelegen dan een waterbouwkundig ingenieur of een woestijndeskundige naar zijn mening te vragen over het opmerkelijke project van Coulibaly. Helaas achtten de makers van de documentaire dit kennelijk niet nodig, waardoor de kijker met een wat onvoldaan gevoel blijft zitten na het aanschouwen van zijn werk.