Ten Kate mist limiet voor tien kilometer

HELMOND, 4 JULI. Nadat eerder in de week Han Kulker zijn illusies op een plaats bij de Olympische Spelen zag vervliegen, streek gisteren een andere routinier, Marti ten Kate, de vlag. Een kans kon hij zich dit seizoen slechts toedichten en die verliep gisteren bij het Nederlands kampioenschap tien kilometer zonder franje.

Kulker eindigde in Stockholm als laatste op de 1500 meter, Ten Kate finishte bij de nationale titelstrijd tien kilometer als derde achter kampioen Vermeule en Van Vlaanderen, in verre van de beoogde tijd. Anderen die in de Nederlandse atletiek al een aantal jaren meelopen, hebben hun illusies al voor de kampioenschappen moeten opgeven. Mellaard en Maas, de verspringers, en Koeleman, de steepleloper, zij zijn ver van de limiet of komen door blessures niet eens aan een kans toe. Bovendien dreigt er een scala aan problemen bij de al wel geplaatste estafetteploeg viermaal 100 meter.

Nelli Cooman heeft verbaasd geconstateerd dat van een voorgenomen trainingsstage van de groep niets komt. Zelf regelde zij nu een stage in Zwitserland waarbij zij hoopt alsnog ook op de individuele 100 meter te kunnen starten. Dit weekend moet zij bewijzen nog altijd Nederlands beste sprintster te zijn. Voor ieder land bestaat de mogelijkheid om een atlete per nummer af te vaardigen en Cooman is immers toch al als estafetteloopster in Barcelona. Weliswaar voldeed zij niet aan de B-limiet (11.40), laat staan aan de A-limiet (11.17), maar het hoeft haar in dit geval niet in de weg te staan. De problemen die de estafetteploeg bedreigen, bestaan niet slechts uit het wegvallen van de gewenste voorbereiding maar bovendien heeft Petra Huybrechtse met haar succesvolle trainer Lenting gebroken en is reserve Monique Boogaarts nog niet met een bewijs van pure fitheid gekomen. Huybrechtse is zo zeer onder de indruk van het verbreken van de band met haar trainer dan zij bij het Nederlands kampioenschap ontbreekt.

De 33-jarige Ten Kate was op de eerste dag van het nationale kampioenschap de enige die op Barcelona mikte. Hij zette in op een manier die zijn ambitie verried, maar van de tien kilometer, verliepen slechts de eerste twee volgens plan. In die beginfase draaide hij rondjes van 68 seconden en reikte hij tot 5.40 na twee kilometer. Maar Ten Kate moest de strijd alleen aanbinden en al voor de wedstrijd had hij louter goede wensen gehoord die echter uiterst somber werden uitgesproken. “Toen ik hierheen reed”, zei de latere kampioen Vermeule, “dacht ik al: wat is het benauwd. Marti, dat lukt je nooit.” Vermeule kent het gevoel van te kort te reiken, want hij bleef bij de marathon van Roterdam net boven de 2.14 uur, een tijd waarvan hij dacht dat hem dat plaatsing voor de Spelen zou opleveren.

Ten Kate viel na de 2000 meter te ver terug om nog te hopen op het verbreken van de limiet van 28.7 minuten. Vermeule en Van Vlaanderen, die in Rotterdam wel zijn ticket als marathonloper had verdiend, streken op de Twent neer. Zij schudden hem zelfs van zich af omdat het hoge aanvangstempo van de bewuste gokker zijn tol vroeg. Vermeule bleek in de slotfase sterker dan Van Vlaanderen en finishte in 28.51.91 als winnaar. Ten Kate kwam ruim een halve minuut later.

Dit jaar had de loper, die pas sinds 1988 de grote toernooien in het vizier kreeg, gegokt op de tien kilometer en de marathon ter zijde geschoven. Die gedachte was hem ingegeven door het verloop van de 10.000 meter bij de Olympische Spelen in 1988 (negende in 27.50.30) en bij het wereldkampioenschap vorig jaar in Tokio (veertiende in 28.33.44). Maar het aantal wedstrijden waar hij mogelijkheden had om zich te kwalificeren, was gering en feitelijk beperkt tot gisteravond. Veel kans had hij door de benauwde lucht niet. “Je hebt voor zo'n limiet een goed bezette wedstrijd nodig. Die was hier niet. Dan gok je en ga je de mist in”.