Eerste aanslag op karavaan nog voor de start van de Tour

SAN SEBASTIAN, 4 JULI. Om half vijf gistermiddag hingen de eerste rookwolken rondom het finishdoek van de Tour de France.

Nog geen 30 meter van de plek waar vandaag de proloog eindigt, liet een 22-jarige Baskische nationalist twee auto's in de lucht vliegen. De voertuigen waren gestald op de tweede verdieping van de ondergrondse parkeergarage naast het statige Maria Christina-hotel, twintig meter links van de eindstreep en tien meter naar beneden. De gebeurtenis was niet alleen pijnlijk voor de terrorist in spé, die brandwonden opliep en aangehouden werd, en voor de politiemannen die met de bewaking van het wielerspektakel zijn belast. Ook Herri Batasuna, de felste nationalistische organisatie van Baskenland, zat met de aanslag in haar maag. Deze politieke beweging, die met de terroristen van ETA sympathiseert, beroept zich er immers op een akkoord met de Tour-directie te hebben gesloten om de wielrenners ongestoord hun gang te laten gaan in ruil voor een symbolische erkenning van de Baskische nationale identiteit.

Twee uur na het incident begon een mars van enige duizenden HB-aanhangers door het centrum van Donostia, zoals San Sebastian in het Baskisch heet, die eveneens eindigde op het finishterrein. Daar legde HB-voorman Joseba Alvarez in een toespraak uit, dat de Tour-directie eigenlijk geheel achter het motto van de demonstratie stond. Dit luidde immers: “Het is hier Spanje niet en ook niet Frankrijk.”

Deze realiteit erkende de leiding van de Ronde door in de reclamekaravaan Baskische teksten mee te voeren en bij alle plechtigheden naast de Spaanse en de Franse vlag een belangrijke plaats in te ruimen voor de ikkuriña, de rode vlag met het witte en het groene kruis van Baskenland. Eigenlijk moest de Tour-start in San Sebastian dus worden gezien als een overwinning van de Basken op de Spaanse staat. Na afloop van de manifestatie had Alvarez echter moeite om aan verslaggevers uit te leggen waarom hij toch geen veroordeling wilde uitspreken over de bomaanslag, waarbij een auto van het Franse televisiestation Antenne-2 onherstelbaar beschadigd werd. De woordvoerder meende dat het vooral te doen was geweest om een politieauto, die naast het persvehikel had gestaan. En de politie heeft haars inziens niets met de wielersport van doen. Alvarez kon moeilijk zeggen dat het incident een bewijs is voor de verdeeldheid waardoor zijn organisatie de laatste maanden wordt geteisterd, nu de slagkracht van ETA door talrijke arrestaties ernstig is aangetast en de leiding van Herri Batasuna gesprekken is begonnen met conservatieve, christen-democratische nationalisten die zouden kunnen leiden tot een vreedzame oplossing voor de conflicten in Baskenland.

Deze aarzelend op gang gekomen dialoog geniet de instemming van de regering in Madrid, al kan het kabinet zich het niet permitteren om dat ook te zeggen. Daarvoor zijn de wonden die het terrorisme de afgelopen jaren heeft geslagen te vers en te diep. Om die reden is de centrale overheid ook niet erg gelukkig met afspraak tussen HB en Tour-directeur Luc Leblanc, die in de rest van Spanje dan ook zo goed als doodgezwegen is.

Madrid meent dat de Fransen te veel hebben toegegeven aan hun angst voor aanslagen. Zij hebben niet ingezien dat een verstoring van het evenement ook nauwelijks in het belang van Herri Batasuna is. De wielersport is namelijk in Baskenland bijzonder populair. Coryfeeën als Perurena, Galdos en de onlangs ernstig geblesseerde Lejarreta genieten een enorm aanzien. Het dagblad Deia wees er gisteren in de Tour-bijlage op, dat dit jaar een record aantal Baskische renners van start zal gaan. Zestien om precies te zijn, onder wie Gorospe, Etxabe, Gaston, Ruiz Cabestany en natuurlijk Miguel Indurain. De winnaar van vorig jaar is weliswaar geboren en getogen in de provincie Navarra, die slechts gedeeltelijk door Basken wordt bewoond, en helaas weigert hij zich "Mikel' in plaats van Miguel te laten noemen; toch laat zijn achternaam er weinig misverstand over bestaan dat hij van Baskische afkomst is.

Indurain en de andere favorieten werden gisteravond gepresenteerd tijdens een galavoorstelling waarin zij één voor één naar voren moesten komen en schaapachtig glimlachend hun armen mochten opsteken bij het noemen van hun naam. Overdag hadden zij het acht kilometer lange parcours van de proloog verkend, tussen het verkeer in de drukke straten van San Sebastian. Kilometerslange dranghekken, geïmproviseerde voetgangersviaducten en de met rode baretten getooide mannen van de Ertzainza, de eigen politie, moeten er dit weekeinde voor zorgen dat renners en publiek een gepaste afstand tot elkaar bewaren. Het incident van gisteren laat echter zien dat niet alleen de coureurs nog voor verrassingen kunnen zorgen.