Aan werk geen gebrek

Is het erg dat er volgend jaar misschien geen bloemencorso meer kan worden georganiseerd in Aalsmeer? Ach, nee, hoewel duizenden toeschouwers er altijd veel plezier aan hebben beleefd, erg is anders.

Is het erg dat op dit moment de aardbeien in Limburg niet kunnen worden geplukt? Ach, misschien ook niet. Het is geen fraaie gedachte dat voedsel op het land wegrot, maar er zijn hier al zo veel aardbeien en om weg te geven aan hongerige mensen elders in de wereld zijn ze ongeschikt.

Maar is het misschien gèk dat het bloemencorso niet meer kan worden georganiseerd en de aardbeien niet meer kunnen worden geplukt? Ja, want het schijnt dat het komt doordat er geen mensen zijn om de praalwagens af te tuigen en de aardbeien te oogsten, terwijl naar verluidt er toch tien-, ja honderdduizenden mensen moeten zijn - ook veel jongeren - die geen werk omhanden hebben.

Volgens het Sociaal Cultureel Planbureau is het huidige opleidingsniveau van de Nederlandse bevolking hoger dan ooit te voren. Dat wil zeggen dat heel veel mensen hebben geleerd een beetje na te denken over de informatie die ze krijgen. Te meer daar in het onderwijs veel plaats is ingeruimd voor inzicht. Feitenkennis is mooi, maar leerlingen worden aangespoord na te denken over verbanden en tegenspraken. Als ze van school komen en tot de kiesgerechtigde burgerij zijn gaan horen, lezen ze over die praalwagens en die aardbeien en over die werklozen, en dat doet hen dan misschien wel denken aan die typische inzichtsvragen vroeger op school (“Wat klopt hier volgens jou niet?”). Ze vragen zich af: “Hoe zit dat dan?” En als ze elkaar op verjaarspartijtjes ontmoeten - heel gewone mensen bedoel ik, niet oerconservatief of reactionair - vragen ze: “Zeg, begrijp jij dat nou?”

Nee, niemand begrijpt het. Dat is niet erg, want economie is een moeilijk vak, zeker in een verzorgingsstaat, waar alle maatregelen onmiddellijk moeten worden doorgedacht op hun consequenties voor de minst draagkrachtigen.

Maar wat wel erg is, is dat nooit iemand van regeringswege nu eens helder uitlegt waarom het niet gek is dat enerzijds werk ongedaan blijft en anderzijds jonge, gezonde mensen geld krijgen zonder ervoor te hoeven werken. Of dat men - wat ook heel goed mogelijk zou zijn - zou uitleggen dat men dat als regeerders eigenlijk ook niet begrijpt, omdat het een machinerie is waarvan het mechaniek zich niet meer laat regelen, doordat het een eigen wetmatigheid is gaan volgen die men niet meer in de hand heeft. Maar dat gebeurt niet. Er wordt wel veel gepraat, veel Nieuwspraak ook, maar die eenvoudige, voor de hand liggende vraag - “Hoe kan dat nou?” - blijft onbeantwoord.

Daarom vind ik het ook niet gek dat het aanzien van politici en de politiek laag is, dat veel burgers geen gebruik maken van hun stemrecht en dat de parlementaire democratie weinig uitstraling heeft. Maar erg is dat wel.

Als ik het goed begrijp, zegt men dat voor de bestrijding van de werkloosheid meer geld nodig is dan de schatkist op kan brengen, omdat het loon dat zal moeten worden betaald flink hoger zal moeten zijn dan de uitkering. Maar uit de krant begrijp ik eveneens dat de meeste uitkeringsgerechtigden ook nu al veel meer kosten dan hun uitkering. Dat komt door allerlei ondersteuningsregelingen voor minimuminkomensgroepen voor uitgaven die anderen zelf moeten betalen. Huursubsidie, schoolgeld, reisgeld, leerboekengeld, rechtsbijstand, korting op toegangsprijzen voor evenementen, enzovoort. Het is eerder zo dat de schatkist in moeilijkheden zou komen als alle uitkeringsgerechtigden aanspraak zouden maken op alle regelingen die er zijn. Gelukkig weten zij niet alles en blijft de schade dus beperkt. Maar de zogenaamde koopkrachtplaatjes blijken op die manier bij lange na niet te kloppen.

Men zegt ook dat er geen werk is. Dat mag gelden voor produktie, die nu eenmaal gekoppeld is aan een verzadigingspunt, maar voor dienstverlening gaat dit niet op. Dienstverlening is in principe oneindig. Men kan altijd verfijningen aanbrengen om het mensen naar de zin te maken en hen van dienst te zijn. Voorlopig hoeft men daar nog niet zo creatief voor te zijn. Meer conducteurs op de tram, meer vegers op straat, permanent toezicht op de kinderspeelplaatsen, permanente graffitiverwijdering, meer verzorgend personeel in zieken-, verpleeg- en bejaardenhuizen.

En als de overheid het goede voorbeeld geeft willen de geprivatiseerde NS en PTT hun afkomst misschien niet verloochenen en zullen er onder andere meer open loketten komen op station en postkantoor. Maar ook voorbij dit stadium van deze afgezaagde, maar verwaarloosde vanzelfsprekendheden is nog veel te bedenken. En dan ook graag de brievenbusjes op de Amsterdamse trams weer terug voor snelle doorstroming naar het hoofdpostkantoor.

Dit zou aansluiten bij een ontwikkeling die door trendkenners van diverse pluimage wordt gesignaleerd: meer aandacht voor de kwaliteit van het bestaan ten koste van kopen, consumeren en paraderen met uiterlijke lifestyle. Men hecht in toenemende mate aan goed onderhoud van het bestaande in plaats van steeds iets nieuws te willen, aan de zorg voor de directe leefomgeving zowel als voor het milieu in groter verband, aan de ontspannen sfeer van prettige service. Voor dit welzijn heeft men geld over. Aan werk dus geen gebrek. Wel aan werkers. Of het erg is weet ik niet, maar wel gek.