Onderzoek naar actie mariniers afgerond

ROTTERDAM, 3 JULI. Tegen 29 mariniers die op 22 juni hebben deelgenomen aan een actie tegen drugsverslaafden op het Centraal Station in Rotterdam is proces-verbaal opgemaakt wegens openlijke geweldpleging, bedreiging, straatschennerij of pogingen daartoe. De Koninklijke Marechaussee heeft het onderzoek naar de actie van de mariniers gisteren afgerond.

De Arnhemse officier van justitie mr. M.P. Pomper zal op korte termijn besluiten of hij tot vervolging van de mariniers zal overgaan. Eerst wil hij de dossiers van de marechaussee bestuderen. Militairen worden berecht door de Militaire Kamer bij de rechtbank in Arnhem.

Uit het onderzoek is volgens woordvoerder kapitein A. van Pelt van de Koninklijke Marechaussee niet gebleken dat officieren of onderofficieren een rol hebben gespeeld bij de actie rondom het opvangcentrum Perron 0 voor drugsverslaafden. Van het smeden van de plannen, tijdens de middagmaaltijd in de Rotterdamse Van Ghent-kazerne, hebben zij niet geweten, aldus de marechaussee.

Mr. Pomper verwacht dat het lastig zal zijn te bewijzen dat de mariniers zich hebben schuldig gemaakt aan poging tot openlijke geweldpleding. “Er is, naar ik heb begrepen, geen geweld toegepast. En voor een poging tot openlijke geweldpleging heb je toch een begin van uitvoering nodig.”

Volgens Pomper lijkt op dit moment de gedachte te heersen dat de mariniers “wel achter de tralies zullen verdwijnen”. Hij zegt “geen boodschap te hebben aan wat politici denken en net zo min aan het "gesundes Volksempfinden'. Pomper wil een besluit over eventuele vervolging van de mariniers nemen dat is “ontdaan van de emoties die de actie teweegbracht”. Mocht het tot strafoplegging komen dan pleit hij eerder voor een alternatieve straf dan voor gevangenisstraf.