Inkrimping van WRR kleiner dan voorzien

DEN HAAG, 3 JULI. De Wetenschappelijke Raad voor het Regeringsbeleid (WRR) is uit de gevarenzone. Weliswaar wordt het aantal formatieplaatsen bij de Raad teruggebracht van ruim 40 naar 30, maar die reductie is veel kleiner van omvang dan een ambtelijke werkgroep eerder had voorgesteld. De Raad zal dan ook akkoord gaan met deze opgelegde bezuiniging.

De knoop is uiteindelijk doorgehakt door premier Lubbers in zijn functie als minister van algemene zaken. In het kader van de Grote Efficiency Operatie had een ambtelijke werkgroep beschreven wat er met de adviesraden moest gebeuren. Eergisteren bogen de secretarissen-generaal zich over deze voorstellen, maar ze kwamen er niet uit. Gisteren besloot het kabinet dat de betrokken ministers zelf mogen beslissen wat ze doen, mits de beoogde bezuiniging wordt gehaald.

De ambtelijke werkgroep had voorgesteld het aantal formatieplaatsen bij de WRR te reduceren van veertig tot acht, en het aantal leden van elf tot vier. Premier Lubbers wil het aantal formatieplaatsen terugbrengen tot dertig, en het aantal leden tot vijf. Het budget voor extern onderzoek wordt daarbij verhoogd van 1,2 miljoen naar 1,8 miljoen gulden. Dit leidt tot een bezuiniging van twee miljoen gulden op een budget van 6,5 miljoen.

Bij de WRR haalt men nu opgelucht adem. Als het ambtelijke voorstel door het kabinet was overgenomen, zou er geen ruimte meer zijn om de WRR redelijk te laten functioneren. Dan had de Raad de eer aan zichzelf gehouden en was men ermee gestopt.

Het bedrag dat de ambtelijke werkgroep op de WRR wilde besparen komt ruwweg overeen met het bedrag dat nu wordt bespaard, omdat de werkgroep het externe budget wilde verhogen met ruim één miljoen gulden (nu 0,6 miljoen). Kringen binnen de WRR verwachten dat er gedwongen ontslagen zullen vallen. Hoeveel is onbekend. De afslanking zal zeker enkele jaren vergen.