EZ wil in transactie met Dasa Nederlandse huid duur verkopen; Fokkers gevoel van eigenwaarde

ROTTERDAM, 3 JULI. Wie heeft de meeste haast in de onderhandelingen tussen Fokker en Deutsche Aerospace (Dasa)? Het aangekondigde akkoord tussen de twee vliegtuigbouwers over de overname van 51 procent van de Fokker-aandelen door Dasa miste deze week voor de tweede maal de tussen de twee partijen afgesproken deadline. Nu zou er vóór het begin van de vakantieperiode bij Fokker, die over anderhalve week begint, een akkoord op tafel moeten liggen.

Van Nederlandse zijde gaan de onderhandelingen noodzakelijkerwijs op zijn elfendertigst. Voorzitter E.J. Nederkoorn heeft rekening te houden met de vakbonden, die inzage hebben bedongen in het akkoord voordat het definitief wordt ondertekend. Het ministerie van economische zaken, dat optreedt voor de overheid die ruim dertig procent van de aandelen Fokker in handen heeft, stelt zich intussen steeds assertiever op, en is van Nederlandse zijde voor een groot deel verantwoordelijk voor de vertraging die optreedt in de besprekingen. De structuur van Fokker, dat tal van beschermingsconstructies kent, zit zodanig in elkaar dat zonder de goedkeuring van EZ de overname van de helft van de zeggenschap in Fokker onmogelijk is.

Wie kan zich de huidige vertraging permitteren? Fokker niet. Vliegtuigbouwers plannen op een zeer lange termijn. Onzekerheid over de ontwikkeling en het voortbestaan van produktlijnen is enorm schadelijk. Bovendien is de markt voor verkeersvliegtuigen op dit moment flauw, en dat geeft onzekerheden op de korte termijn. Maar ook Dasa is haastiger dan de buitenwereld vermoedt. Hoe meer tijd verstrijkt, hoe duidelijker het wordt dat Fokker Dasa meer te bieden heeft dan andersom.

Wat betekenden beide partijen ook alweer voor elkaar? Fokker brengt een bestaande produktlijn in van middelgrote verkeersvliegtuigen, die met wat aanpassingen nog een generatie mee kan. Daarnaast bezitten de Nederlandse vliegtuigbouwer en de omringende instituten en toeleveranciers een omvangrijke kennisbasis op het gebied van elementair onderzoek, ontwikkeling en - zeker niet onbelangrijk - praktische kennis over de produktie en marketing van vliegtuigen. Fokker en de overheid zijn gedurende de onderhandelingen met Dasa steeds meer overtuigd geraakt van de waarde van deze bezittingen. Het behoud daarvan voor Nederland speelt in het overleg met Dasa een voorname rol. De Nederlandse huid wordt duur verkocht, zeker wanneer het aan het ministerie ligt.

Dasa biedt Fokker zekerheid voor de lange termijn. Rugdekking door het Daimler Benz-concern en opname in een Europese (Duitse?) industriële structuur die zich de miljardeninvesteringen voor de nieuwe generatie verkeersvliegtuigen kan permitteren. Terwijl Fokker de laatste twee maanden zijn eigen inbreng steeds ging waarderen, verloren de voordelen van Dasa gaandeweg hun glans. Het moederconcern Daimler Benz vestigde voor de winstontwikkeling van dit jaar zijn hoop op het terugdringen van de verliezen bij dochter AEG en het succes van de nieuwe Mercedes S-klasse. Beide ontwikkelingen lopen minder goed dan werd gehoopt.

Dasa zelf kampt met het wegvallen van de Duiste overheidsorder voor de Jäger 90. Een lichtere versie van het gevechtsvliegtuig, die het concern misschien nog in de wacht sleept, levert lang niet de investeringsbijdrage, omzet en winst op waar de lange termijn planning van het Duitse concern op is gebaseerd. En na de markt voor verkeers- gevechtsvliegtuigen staat nu de helikoptermarkt onder druk. Dasa kocht zich vorig jaar juist in in het samenwerkingsverband Eurocopter. Op de balans van het Duitse concern prijkt nu 470 miljoen D-mark aan daarvoor betaalde goodwill. Die zal in versneld tempo moeten worden afgeschreven, wat ten koste gaat van de financiële prestaties van het concern.

Hoewel ook Fokker lijdt onder de onzekere vliegtuigmarkt, ontpopt het Nederlandse concern zich steeds meer als een reddende engel voor Dasa. Wanneer Fokker in het concern wordt opgenomen, zorgt het op vrijwel alle fronten voor een verbetering van de financiële positie van Dasa. Fokker-werknemers kosten maar tweederde van Dasa-personeelsleden, maar zijn anderhalf maal zo produktief. Toetreding van Fokker zou de solvabiliteit van het Duitse concern behoorlijk verbeteren. Op basis van de laatst bekende financiële gegevens zorgt Fokker eigenhandig voor een verdubbeling van de winstmarges van het vier tot vijf maal grotere Dasa, en een bijna-verdubbeling van de rentabiliteit.

Bij het ministerie van economische zaken is bovendien het besef doorgedrongen dat Dasa zal moeten betalen voor Fokkers toekomstige winst. Die is immers afkomstig van investeringen die in het verleden met hulp van de overheid zijn gedaan. Dat zou de prijs van Fokker fors duurder maken dan de koers die het aandeel op dit moment heeft op de Amsterdamse effectenbeurs.

Dasa-topman J. Schrempp ziet nu met lede ogen dat hij meer moet gaan betalen voor een concern waar hij minder zeggenschap in krijgt. Wie zoals hij 8.000 arbeidsplaatsen moet schrappen, kan tegenover bonden en politiek moeilijk rechtvaardigen een miljardeninvestering te doen tegen deze veranderde voorwaarden.

Bestuurlijk en organisatorisch is Dasa, dat pas drie jaar geleden werd gesmeed uit vier verschillende concerns, nog lang niet voltooid. Het wegvallen van de Jäger 90 noodzaakt nieuwe reorganisaties. Geen wonder dat Schrempp aan Fokker moeilijk harde garanties kan geven over de zelfstandigheid van het Nederlandse concern binnen Dasa. Zowel Fokker als Dasa hebben haast, maar het zou een huzarenstukje zijn wanneer de twee partijen er nog vóór de zomervakantie samen uitkomen.