Diepste crisis sinds Stalin

In het "broodmuseum' van Petrikovka hangt nog altijd een foto van Pavlik Morozov, de veertienjarige boerenzoon die in 1932 zijn eigen vader heeft verraden omdat die "koelakken' (zelfstandige, grote boeren) liet onderduiken, vervolgens tijdens de strijd om de "collectivisatie' door zijn oom en andere vrije boeren zou zijn vermoord en sindsdien als stalinistische held is vereerd.

“Iedere tijd heeft zijn eigen waarheid”, zegt educatief medewerkster Maria Aleksandrovna als we in het musej chleba bij de vitrine over de jaren dertig zijn aanbeland.

Fjodor Panko (70) uit hetzelfde dorp heeft daar zo eigen opvattingen over. Tijdens de campagne tegen de koelakken, die Stalin eind 1929 had geproclameerd en in de jaren 1932/33 een massale hongersnood in de Oekraïne veroorzaakte, leefde hij al in Petrikovka. Zijn vader was een kleine boer. Het gezin (vader, moeder, drie kinderen) moest leven van de opbrengst van één hectare land, één koe en één geit. Totdat in 1931 een brigade in het dorp arriveerde om er de "dekoelakisatie' ter hand te nemen. De grond, het huisje en de twee beesten werden in beslag genomen en vader werd naar het Russische dorp Koleno versleept omdat hij weigerde zich door een kolchoze te laten inlijven. Vijf jaar later, nadat de aldus door Stalin geprovoceerde honger ook in Petrikovka meer dan een kwart van de achtduizend zielen tellende bevolking had uitgemoord, mocht hij terugkomen.

De rest van de familie Panko had zich in de tussentijd in leven gehouden met het eten van gras en weggeteerde paarden en was uiteraard ook in een "kolchoze' gecollectiviseerd. Loon kregen ze er niet. Honderd gram brood per dag, dat was hun inkomen. Pas na de Tweede Wereldoorlog kwam daarin enige verandering. Maar de Oekraïense landbouw werd daarmee niet gered. Die is thans in de diepste crisis sinds ze zestig jaar geleden door Stalin willens en wetens om zeep werd geholpen. “Wij hebben hier geen bazen. Daarom rijdt een tractor bij ons hooguit een jaar. Dan staat het ding al als oud vuil bij de schuur. Ik zal het allemaal niet meer meemaken. Heel misschien dat de jeugd het nog zal zien gebeuren”, aldus Fjodor Panko.