Reünie

In de advertentierubrieken van de dagbladen ritselt het dit jaar van de oproepen voor een reünie. Daar zie je de vreemdste dingen bij. Zo is er een school die de schapen van de bokken scheidt. Er zijn twee reünies: een voor degenen die thuis, in de plaats waar de school staat, zijn blijven wonen en een voor de anderen, die weggereisd zijn.

Nu ben je als thuisblijver natuurlijk razend nieuwsgierig naar, en stiekem een beetje jaloers op, de lotgevallen van je klasgenoten die de zeven zeeën hebben bevaren en die daarover vanzelfsprekend avondvullend kunnen vertellen. Helaas, het mocht niet zo zijn.

In de oproep van mijn school staat iets anders: "partners welkom'. Maar daarmee is de pret natuurlijk wel verdwenen.

Je komt met je vrouw en je ziet het meisje dat je op school zo aardig vond. Maar ja, ze heeft haar man meegebracht. Kun je dan samen oude herinneringen oproepen? Onmogelijk.

De laatste reünie van onze school kende dat verschijnsel nog niet. We kwamen allemaal alleen en konden gaan en staan waar we wilden. Niets partners die aan je mouw trekken om de aandacht op zichzelf te vestigen.

Was het niet de oude kameraadschap die maakte dat een van mijn vrienden vroeg: “Kan ik met je mee, we moeten naar hetzelfde dorp om ons voor het diner te verkleden. En kun jij zorgen dat Grietje ook met ons meerijdt? Ze woont daar.”

Natuurlijk kon dat. Grietje, het mooiste meisje uit de klas. Toen had ze twee lange, blonde vlechten en nu, na zoveel jaren, kon ze nog best voor de kramen langs. Ze gingen samen op de achterbank zitten. Bij het kanaal nam ik expres de verkeerde afslag.

“Wat dom”, zei ik, “Ik weet de weg niet meer precies, nou duurt het wat langer.”

“Geen probleem”, zeiden ze op de achterbank, “We zijn nog lang niet uitgepraat.”

In m'n spiegeltje zag ik dat ze nog net niet elkaars hand vasthielden.